Juan Atkins (64) stond aan de wieg van de techno, de machinale maar ook zo warme en menselijke dansmuziek. De nummers die hij maakte als Cybotron en later Model 500 zijn nog altijd ongrijpbaar cool.
is pop- en gamejournalist van de Volkskrant, met speciale aandacht voor de opkomst van artificiële intelligentie in de kunst.
Over het ontstaan van de techno, de machinale dansmuziek die al bijna vijftig jaar de maat aangeeft in nachtclubs en op dancefestivals, gaan verschillende theorieën rond. En eigenlijk kunnen ze prima naast elkaar bestaan.
Hoe je de techno ook beschouwt: de zaterdag overleden Juan Atkins moet worden gezien als een pionier, en misschien wel dé oervader. De muziek die hij maakte met zijn band Cybotron, en later Model 500, staat in elk geval in de geschiedenisboeken als aanjager van de onderkoeld groovende, zwarte dansmuziek, die vanaf de vroege jaren tachtig een nieuw tijdperk inluidde.
In de jaren zeventig experimenteerden Duitse bands als Kraftwerk met synthesizers, die al in opkomst waren in de krautrock. Melodieën en ritmes werden kil en robotachtig, alsof ze een futuristisch wereldbeeld wilden uittekenen. Volgens sommigen werd hier de techno geboren.
Maar intussen kwam in Amerika – en vooral in Detroit – een zwarte muziekbeweging op gang die nauw verwant was aan die strakke elektronische muziek uit Europa.
Juan Atkins, Derrick May en Kevin Saunderson combineerden de door hen bewonderde muziek van Kraftwerk met de experimentele funk van bands als Funkadelic en Parliament. Maar zij legden al die invloeden langs de strakke maatstrepen van de eerste drummachines van Roland: de TR-808 en de TR-909. Apparaten die ook mogen worden beschouwd als technoklassiekers en die nog altijd aan de basis staan van veel elektronische dansmuziek.
In 1980 vormde Juan Atkins een bandje genaamd Cybotron, met zijn vriend Richard Davis. Hun eerste singles waren meteen baanbrekend. De twee lieten hun mistroostige bespiegelingen over het moderne, industriële stadsleven vloeien uit droge, machinale drumslagen en haast bovennatuurlijke synthklanken. Het was synthpop, maar dan met onheilspellend gezongen zanglijnen (‘Enter the program/ Techno-fy your mind’) in een futuristisch en een tikje naargeestig decor.
Het nummer Alleys of your Mind bijvoorbeeld, uit 1983, was een revelatie – wie het nummer nu draait, hoort hoe ongrijpbaar cool het nog altijd klinkt en kan zich voorstellen hoe het destijds een revolutie ontketende.
De track begint met een basale beat, van weinig meer dan een bassdrum en een door de filters getrokken snaredrum. Daarover dobbert een baslijn van een paar noten en springt steeds een priemend synth-akkoord omhoog. De robotachtige stem van Richard Davis mijmert daar weer overheen: ‘Go cry for modern man/ Lost without a chance’.
En al klonk het nummer als een soundtrack bij een donkere ruimtereis: op een of andere manier was Alleys of Your Mind ook ontzettend warm, dansbaar en zelfs menselijk. En dat allemaal door die funky groove die later zo herkenbaar zou worden in de ‘Detroit techno’: het oorspronkelijke technogenre dat funk, soul en kietelende melodieën naar de nachtclubs bracht, op een constante stroom van strenge robotbeats.
Dat nu net Juan Atkins kwam met zulke grensverleggende muziek, is niet zo verwonderlijk. Atkins, geboren op 12 september 1962 in de industriestad Detroit, in Michigan, groeide op in een muzikaal gezin, met een vader als dj en platenproducer.
Hij speelde een paar jaar in heel gewone bandjes als gitarist en bassist. Maar op zijn 15de kocht hij een Korg MS-10-synthesizer, ongeveer op de dag dat die op de markt kwam. Het apparaat kon een breed en ruig elektronisch basgeluid voortbrengen, en Atkins zag daar muziek in.
Hij gebruikte zijn Korg eerst als smaakmakende machine in zijn band Cybotron. En later, toen het duo door onenigheid uit elkaar was gevallen, gebruikte hij de Korg ook in zijn nieuwe soloproject Model 500.
De singles die hij midden jaren tachtig uitbracht als Model 500, op het door hemzelf opgerichte label Metroplex, zijn stuk voor stuk blauwdrukken voor de techno, een genre dat toen nog geen naam had maar meestal ‘electro’ werd genoemd. De track No UFO’s, uit 1985, geldt als een van de invloedrijkste nummers uit de huidige dance, waarvoor Atkins maar twee apparaten gebruikte: zijn trouwe Korg en zijn Roland-drummachine. No UFO’s was een van de eerste technotracks uit Detroit die bekend werden buiten de eigen stadsgrenzen, en langzamerhand de wereld veroverden.
Atkins bleef lang muziek maken als Model 500. In 1995 bracht hij het subtiele en psychedelische The Flow uit, een van de hoogtepunten uit zijn latere oeuvre. En hij maakte sfeervolle, ijzig coole techno-albums met de Duitse dub- en technoproducer Moritz von Oswald, onder de noemer Borderland.
Maar Juan Atkins toerde vooral de wereld over, als ‘godfather van de techno’, voor wie op ieder festival een podiumplek beschikbaar was. Dit jaar nog speelde Atkins op het festival Dekmantel, in het Amsterdamse Bos. En hij was aanwezig op het Amsterdam Dance Event van vorige week.
Het afgelopen weekend was Atkins in Mexico, waar een volgend optreden gepland stond. Hij werd zaterdag levenloos aangetroffen in een hotelkamer in Mexico-Stad, naar een ziekenhuis vervoerd en daar doodverklaard. Over de oorzaak van zijn overlijden is niets bekendgemaakt. Juan Atkins is 64 jaar geworden.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant