De partijen in de Tweede Kamer die een extra verhoging van het minimumloon wilden van 1,7 procent per 1 januari hebben hun plan bijgesteld: het wordt nu 1,2 procent per 1 juli 2024.
De iets lagere verhoging leidt volgens GroenLinks-PvdA, D66 en ChristenUnie nog steeds voor veel mensen tot een aanzienlijke koopkrachtverbetering. De bijstand, de AOW en andere uitkeringen gebaseerd op loon stijgen mee.
De Tweede Kamer spreekt vandaag en morgen met het kabinet over de begroting en de wijzigingen die de Tweede Kamer daar in wil aanbrengen. De Kamer had voor 4,2 miljard euro aan extra koopkrachtplannen. Het kabinet uitte daar vrijdag veel kritiek op.
Een groot deel van het geld waarmee de Kamer het hogere minimumloon wil betalen komt van het binnenhalen van extra belastinggeld. De partijen moesten hun plannen naar beneden bijstellen omdat deze financiële dekking niet haalbaar bleek.
Bijvoorbeeld de belasting voor bedrijven op het inkopen van eigen aandelen. Inkopen van eigen aandelen verhoogt de waarde van het aandeel, zonder dat daar belasting over hoeft te worden betaald. Volgens de berekeningen waar de Tweede Kamer zich op baseerde moest dit 1,2 miljard euro opleveren. Maar dat blijkt minder te zijn.
Ook de bankenbelasting is een tegenvaller. Daar rekende de Kamer op extra inkomsten van 350 miljoen euro. Maar er is breed bezwaar tegen deze heffing, van zowel van het kabinet als de bankensector. De Kamer heeft de bankenbelasting nu verlaagd naar 150 miljoen euro.
De bankenbelasting werd in 2012 ingevoerd na de kredietcrisis. Toen hebben banken financiële steun van de overheid gekregen om overeind te blijven. De nieuwe belasting over bij banken uitstaande schulden is bedoeld als een verzekeringspremie voor toekomstige crises.
Het is een nieuwe ontwikkeling dat de Tweede Kamer deze belasting gaat gebruiken om 'geld op te halen' dat niet wordt gebruikt voor het steunen van banken in moeilijkheden. Voor 2024 wordt de opbrengst geschat op 470 miljoen euro. De belastingverhoging met 150 miljoen euro moet in 2025 ingaan.
De aandelen van de banken gingen twee weken geleden bij de aankondiging van de Tweede Kamer snel omlaag. Vandaag, na het deels terugdraaien van de bankenbelasting, gingen de koersen weer omhoog.
"We laten ons niet afschrikken door de irrationale bewegingen op de aandelenbeurs", zegt GroenLinks-PvdA-Kamerlid Tom van de Lee. Hij vindt dat de rekening voor een hoger minimumloon en hogere uitkeringen prima bij de banken en het bedrijfsleven kan worden gelegd.
Een ander deel van de rekening komt bij vermogende belastingbetalers te liggen omdat het toptarief van box 2 en box 3 omhoog gaat. Daarmee wordt ook de verhoging van de kinderopvangtoeslag betaald. Het plan om het kindgebonden budget ook te verhogen hebben de partijen geschrapt.
VVD-Kamerlid Eelco Heijnen waarschuwt voor de gevolgen van de koopkrachtplannen. Bedrijven noemen de maatregelen ongunstig voor het vestigingsklimaat. En banken hebben al gedreigd Nederland te verlaten, zegt hij. Van der Lee houdt vast aan de plannen: "Ik kan dat soort dreigementen echt niet meer serieus nemen."
Maar ook op de motie van de VVD om de brandstofaccijns niet verder te verhogen kwam kritiek van het kabinet. De VVD wil dit namelijk betalen met geld dat nu in een economisch groeifonds zit. En dat geld is niet bedoeld voor het laag houden van de benzine- en dieselprijs, zegt het kabinet. Heinen houdt vol: "Er ligt nu 8 miljard euro op de plank van dat fonds, daar kunnen we best een jaar lagere accijnzen mee betalen."
De discussie in de Kamer gaat vandaag en morgen verder. Morgen reageren demissionair minister Kaag en staatssecretaris Van Rij van Financiën namens het kabinet.
Politiek
Economie
Deel artikel:
Source: NOS nieuws