Home

Zorg voor oud-verzetsmensen en discussie centraal in tentoonstelling

Tijdens de Tweede Wereldoorlog actief in het verzet tegen de nazi's, erna beschadigd en soms hulpbehoevend. Verzetsmensen en hun naasten konden na de oorlog terecht bij een speciaal opgerichte stichting. Over deze Stichting 1940-1945, die zelf ook een roerige geschiedenis heeft, is tachtig jaar later een tentoonstelling in het Verzetsmuseum Amsterdam.

Inmiddels zijn de meeste verzetsmensen overleden, maar sommige van hun kinderen zijn nog actief bij de stichting. Josephine Korsten-Beelen (1948) is een van hen. In de oorlog woonde haar vader in een dorpje bij Weert, dicht de Belgische grens vanwaar hij Joden, verzetsmensen en geallieerde piloten uit Nederland weg smokkelde. "Mijn vader bracht mensen doorgaans achter op de fiets over de grens. Daar werden ze opgevangen en van daaruit verder gebracht."

Deze Mathieu Beelen werd gevangengezet in Haaren, Scheveningen en Utrecht. Na de oorlog ging hij geestelijk enorm gebukt onder zijn oorlogservaringen, vertelt zijn dochter. "Hij had behoorlijk last van nachtmerries, was er altijd heel erg mee bezig. Hij heeft vlak na de oorlog nog een timmerbedrijf opgericht, maar is daar voortijdig mee gestopt omdat het niet meer ging."

Beelen kreeg begin jaren 70 een 'buitengewoon pensioen', wat door de overheid was ingesteld voor verzetsmensen met blijvende gezondheidsschade, en later ook voor vervolgings- en burgerslachtoffers. Stichting 1940-1945 kreeg de wettelijke taak om te onderzoeken of aanvragers daar aanspraak op maakten en de 'buitengewone pensioenraad' te adviseren over toekenning.

Tachtig jaar later is Beelens dochter nog steeds actief voor deze stichting. "We brengen mensen een bezoekje, bezoeken begrafenissen, en ik run een sociëteit met de dochter van een andere verzetsman. Daar komen we nog iedere maand samen met zes mensen."

Beelden van dit soort bijeenkomsten komen voor in de tentoonstelling die vandaag wordt geopend. Ook is te zien dat er twee molotovcocktails bij het hoofdkantoor naar binnen waren gegooid, volgens het museum zeer waarschijnlijk door iemand wiens uitkering was afgewezen.

Ook wordt stilgestaan bij periodes waarin er hevig werd gediscussieerd, binnen en over de stichting. Zo was er in de Koude Oorlog veel discussie over de omgang met communistische oud-verzetsmensen. Communisten waren toen 'verdacht', ambtenaren konden bijvoorbeeld geen lid meer zijn van de communistische partij. Bij de stichting bracht dat een discussie op gang wat zij met communisten aan moesten.

De afdeling in Groningen weerde communisten en sinds 1951 zat er geen communist meer in het hoofdbestuur. Wel wilde de stichting er blijven voor iedereen die zich tegen nazi-Duitsland had verzet, communist of niet.

"Communisten werden steeds meer als de vijand gezien", vertelt historicus Onno Sinke, die meeschreef aan een boek over de stichting en nu werkt bij het Nederlands Instituut voor Militaire Historie. "Maar het hoofdbestuur wilde blijven zorgen voor mensen die slachtoffer waren geworden vanwege hun verzet, zoals bij de oprichting was afgesproken, en dat blijven doen ongeacht de politieke achtergrond."

Voor elkaar zorgen

Ook vandaag de dag kloppen er nog mensen bij de stichting aan, vorig jaar waren er vijftien aanvragen voor een uitkering of pensioen en nog twintig aanvullende aanvragen van mensen die er al cliënt waren. "De belofte is al tachtig jaar 'we zorgen voor u en de uwen'. En we gaan hiermee door zolang dit nodig is", zegt algemeen secretaris Josée Netten.

Verder hoopt Netten dat de stichting anderen kan motiveren. "Elke samenleving heeft solidariteit nodig. We hopen dat mensen, ook door deze tentoonstelling, zien wat anderen voor elkaar gedaan hebben en zich hierdoor laten inspireren."

Eerder dit jaar schreef Het Parool dat de stichting "structureel en tot minstens in de jaren 80" vertrouwelijke dossiers van verzetsmensen en kampoverlevenden die een aanvraag hadden ingediend doorgaf aan de Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD). "Die gebruikte de informatie om netwerken van linkse verzetsmensen in kaart te brengen."

Naar aanleiding van deze publicatie zegt de stichting een onafhankelijk onderzoek te laten doen. Daar wordt later dit jaar mee begonnen, zegt de algemeen secretaris van Stichting 1940-1945.

Abonneer je dan hier op onze nieuwsbrief.

Binnenland

Deel artikel:

Source: NOS nieuws

Previous

Next