Home

Met liquidatie van Ali Larijani, de rechterhand van Khamenei, verliest Iran politieke sleutelfiguur

Ali Larijani had meer invloed dan formele macht. Irans opperste leider Ali Khamenei, op 28 februari geliquideerd, had het volste vertrouwen in zijn rechterhand. Nu is ook Larijani dood, als de claim van Israël klopt.

schrijft vanuit Istanbul over Turkije, Iran, Israël en de Palestijnse gebieden.

Met de liquidatie van Ali Larijani – dinsdag door Israël gemeld, maar nog niet door Iran bevestigd – wordt het Iraanse machtsapparaat in het hart geraakt. Met hem verliest Iran een pragmatische hardliner, die in het verleden vaak behendig de verschillende facties in de Islamitische Republiek op één lijn wist te krijgen en ertoe bijdroeg dat Teheran op cruciale momenten in gesprek bleef met de wantrouwige buitenwereld.

De laatste weken zong zelfs rond dat de 67-jarige Larijani de ‘Delcy van Iran’ zou kunnen worden, een verwijzing naar de Venezolaanse vicepresident Delcy Rodriguez, die het op een akkoordje gooide met de Amerikaanse president Donald Trump, nadat hij Nicolás Maduro naar de VS had laten ontvoeren. Oftewel: een realist die beseft dat hij maar beter eieren voor zijn geld kan kiezen en wezenlijke concessies moet doen om een wisseling van regime te voorkomen.

Dat Larijani tot nu buiten schot was gebleven, terwijl zoveel andere leiders (onder wie ayatollah Ali Khamenei) door Israël zo nauwgezet op de korrel waren genomen, kon volgens die theorie zelfs worden gezien als bewijs dat hij inderdaad op Trumps lijstje stond van mannen ‘binnen het regime’ met wie hij wel zaken zou kunnen doen.

Vrijdag nog liet Larijani zich door de Iraanse staatstelevisie op straat filmen terwijl hij in Teheran druk handen schuddend deelnam aan de jaarlijkse anti-Israëlische demonstratie ter gelegenheid van Jeruzalem Dag. ‘Meneer Hegseth!’, schreef hij ter begeleiding op X, zich richtend tot de Amerikaanse minister van Defensie, ‘onze leiders waren, en zijn nog steeds, onder het volk. Maar uw leiders? Op Epsteins eiland!’

Niet inschikkelijk

Dat Israël ervoor heeft gezorgd dat ook Larijani zelf niet langer ‘onder het volk’ is, kan betekenen dat de Israëlische premier Benjamin Netanyahu zich niets heeft aangetrokken van de tactische overwegingen van de Amerikanen. Het kan ook betekenen dat het hele Delcy-verhaal van het begin af aan flauwekul is geweest.

Want Larijani mag dan wel een geheide pragmaticus zijn, niets wijst erop dat hij bereid was tot concessies of inschikkelijkheid. Integendeel, sinds de twaalfdaagse oorlog van vorig jaar juni, toen Iran werd aangevallen door Israël en vervolgens de VS, en zeker sinds het begin van de Iranoorlog op 28 februari, klonk hij onverzoenlijker dan ooit. Ogenblikkelijk na het begin van de Amerikaanse en Israëlische bombardementen bezwoer hij dat Iran keihard zou terugslaan – wat inderdaad gebeurde.

Na een carrière van decennia in de Iraanse politiek had Larijani in de maanden vóór de oorlog het summum van persoonlijke invloed bereikt. Dat was niet zozeer een kwestie van formele macht. Als secretaris van de Nationale Veiligheidsraad, een functie waarin opperste leider Khamenei hem na de twaalfdaagse oorlog had benoemd, had hij een aanzienlijke, maar niet uitzonderlijk machtige positie.

Belangrijker was dat Khamenei de politicus als zijn vertrouweling was gaan zien, de rechterhand op wiens oordeel hij blindelings kon vertrouwen in de ideologische en machtspolitieke slangenkuil van de Iraanse politiek. Dat hij niet gerekend werd tot de potentiële opvolgers van de bejaarde Khamenei had maar één reden: hij was niet opgeleid tot islamitische geestelijke.

Computerwetenschap

Larijani studeerde wiskunde en computerwetenschap en promoveerde aan de universiteit van Teheran als filosoof op een proefschrift over Immanuel Kant, een 18de-eeuwse representant van de Europese Verlichting. Ook nadien bleef hij schrijven over de filosofie van Kant.

Dat hij niettemin al spoedig in de politiek terechtkwam, had mede te maken met zijn familieachtergrond. Zijn vader, de sjiitisch geestelijke Hashim Larijani, stichtte wat wel de ‘Iraanse Kennedy-clan’ is genoemd. Al zijn vijf zonen bekleedden invloedrijke posities. De op één na (na Ali) machtigste is Sadiq, die hoofd van de rechterlijke macht en lid van de Raad van Hoeders was. Broer Mohammad-Javad was – ruim vóór Ali – adviseur van opperste leider Khamenei.

Ali Larijani zelf vocht als lid van de Revolutionaire Garde in de oorlog met Iran (1980-1988). Daarna bekleedde hij diverse posten als viceminister; ook was hij hoofd van de Iraanse televisie. Twintig jaar geleden was hij al eens secretaris van de Nationale Veiligheidsraad en van 2008 tot 2020 was hij voorzitter van het parlement.

Nucleair akkoord

Zijn belangrijkste wapenfeit in die functie was zijn aandeel in de totstandkoming in 2015 van het nucleair akkoord met de VS, andere lidstaten van de VN-Veiligheidsraad en de Europese Unie. Het bevestigde zijn reputatie van iemand die in staat was rivaliserende facties in Iran met elkaar te verbinden en een brug te slaan tussen ideologische onverzoenlijkheid en de mores van de internationale diplomatie.

In 2021 en 2024 deed Larijani een gooi naar het presidentschap van Iran. Bij de Raad van Hoeders kwam hij echter al niet door de voorselectie, een beslissing die waarnemers verbaasde, gezien ’s mans staat van dienst en conservatief ideologisch profiel.

Na de twaalfdaagse oorlog vorig jaar kwam de herkansing. Hij werd de man naast opperste leider Ali Khamenei. Samen besloten ze, in overleg met de Revolutionaire Garde, de volksopstand van begin januari keihard neer te slaan. Samen bereidden ze zich voor op de dreigende aanval van de Grote en de Kleine Satan, de VS en Israël, een operatie die beiden fataal zou worden.

Een opvolger als secretaris van de Nationale Veiligheidsraad stond al lang klaar, zoals voor alle functies aan de top in Teheran. Die man zal alleen lang niet zoveel invloed hebben als zijn voorganger.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next