Home

Geloof is een vrijwillig aanvaarde waarheidsclaim die hardop betwist mag worden

is oud-politicus, adviseur en podcastmaker.

Rabin Baldewsingh, de Nationaal Coördinator tegen Discriminatie en Racisme, formuleerde het nog zo precies. De NOS deed dat een stuk slordiger. Baldewsingh kondigde begin deze week aan dat hij een programmaleider heeft belast met de aanpak van moslimdiscriminatie. Discriminatie is een strafbaar feit, ook als moslims er het slachtoffer van zijn. Baldewsingh wil daarom werk maken van de bestrijding van deze specifieke vorm van discriminatie.

Maar toen de NOS hier de schijnwerpers op wilde zetten, begon de nationale omroep opeens over ‘islamofobie’. En als vrijheid je lief is, moet bij klachten over ‘islamofobie’ alle alarmbellen afgaan.

Een paar uur na plaatsing van het bericht veranderde de NOS het woord ‘islamofobie’ in moslimdiscriminatie. Dat doet vermoeden dat iemand zo vriendelijk is geweest om de NOS-redactie het cruciale verschil tussen beide begrippen uit te leggen. Maar dat de dienstdoende NOS-redacteur zo losjes en achteloos over ‘islamofobie’ begon, is zorgwekkend.

Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Discriminatie is het maken van ongeoorloofd onderscheid. Het verbod daarop is een teken van beschaving. Zo kan het gebeuren dat een moslimvrouw het bij een sollicitatie aflegt tegen een boeddhistische man, maar nooit omdat ze moslima en vrouw is. Als dat wel zo is, moet Baldewsingh dan vooral de kat de bel aanbinden. Uiteindelijk is het aan de rechter om vast te stellen of er inderdaad sprake is van discriminatie. Maar bij klachten over ‘islamofobie’ is niet de objectieve norm van de wet, maar het subjectieve gevoel van een gelovige de maatstaf.

Dan krijgen we religieuze schwalbes, zoals van de Britse imam die onlangs verkondigde dat elke afbeelding van Jezus heel kwetsend is voor moslims en dus een voorbeeld van ‘islamofobie’. Een verbod op ‘islamofobie’ wordt dan al snel een stok in de handen van moderne farizeeërs, die pas tevreden zijn als we allemaal door de knieën zijn gegaan.

De Organisatie voor Islamitische Samenwerking (OIS), de Verenigde Naties van 57 islamitische landen, heeft het heel druk met de strijd tegen ‘islamofobie’. Volgens de OIS gaat het dan om ‘haat, angst en vooroordeel’ tegen de islam en daar is volgens de OIS ook sprake van als je een probleem hebt met de hoofddoek of de profeet van de islam. Zo probeert ze in de slipstream van de terechte strijd tegen moslimdiscriminatie en passant ook even de hele islam te vrijwaren van elke vorm van kritiek. Elk legitiem bezwaar tegen geloofskeuzes van moslims kan dan tot ‘islamofobie’ worden verklaard. Het zou het einde zijn van een open samenleving waarin geloof en ongeloof een vrije keus zijn die altijd bekritiseerd moeten kunnen worden.

Als christen weet ik heel goed hoe pijnlijk het is als dat wat je heilig is door het slijk wordt gehaald. Ik heb heel wat grappenmakers gezien die op een podium met een kruis rondsjouwden en vloekend Jezus belachelijk maakten. Misschien zijn zij het zelf alweer vergeten, maar ik weet nog goed hoe hun ‘grappen’ voelden als krassen op m’n ziel. Het is een kwestie van beschaving als je de diepste gevoelens van anderen een beetje probeert te ontzien. Ook die van moslims.

Maar het is óók een teken van beschaving als iedereen altijd alle vrijheid heeft om over geloof en ongeloof te zeggen wat die meent te moeten zeggen. Geloof is geen biologisch gegeven zoals je huidskleur dat is, maar een vrijwillig aanvaarde waarheidsclaim die hardop bediscussieerd en hardgrondig betwist mag – en soms zelfs móet – worden.

Als het gaat om het gedrag van gelovigen – christenen, moslims of wie dan ook – mag het er van mij nog steviger aan toe gaan. In januari zijn tienduizenden Iraniërs in naam van Allah op een genadeloze manier afgeslacht. Als je kijkt naar de onlangs door Open Doors uitgebrachte ranglijst van christenvervolging, dan staan veel van die 57 islamitische landen schrikbarend hoog op die lijst. Als je bij kritiek op dit vreselijke onrecht over ‘islamofobie’ begint, wil je alleen maar onrecht verdoezelen en slachtoffers definitief het zwijgen opleggen.

Dichter bij huis: het misbruik in de katholieke kerk heeft een hemeltergende omvang gehad. En de manier waarop sommige van mijn Amerikaanse geloofsgenoten de goede God verbinden met brute machtswellust, is op het blasfemische af. Van dat alles mág je niet alleen iets zeggen, daar móét je iets van zeggen.

Discriminatie van moslims moet bestreden worden. Maar wie dan over ‘islamofobie’ begint, verdient argwaan. Of, zoals de NOS, een vriendelijke correctie.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next