Europese ambities Premier Rob Jetten wil het anders doen in Brussel dan zijn voorganger Dick Schoof. Donderdag maakte hij zijn debuut op een Europese top met aansporingen voor zijn collega-leiders. Nederland wil graag in de frontlinie van de Europese politiek opereren, aldus Jetten.
Minister-president Rob Jetten arriveert bij de Europese top in Brussel.
Rob Jetten begon zijn debuut als premier op het Europese toneel met een brede glimlach – en een sneer naar zijn internationale collega’s.
„De laatste een à twee jaar hebben we veel geklaagd over wat er gaande is in de VS en de rest van de wereld”, zo konden andere regeringsleiders donderdagochtend, al voor Jettens eerste EU-top, lezen in een interview met de Financial Times, het lijfblad van de Europese elite. „In plaats van te klagen en verbaasd of geschokt te zijn over tweets, moeten we misschien eens beter ons werk doen en beter beleid maken voor onze burgers?”
Jetten had zijn entree goed voorbereid. Zijn voorganger Dick Schoof gold in Europa niet als een nationale leider met invloed. Schoof had als partijloze premier geen vanzelfsprekende bondgenoten uit andere landen met wie hij in Brussel samen kon optrekken. Hij had ook geen verkiezingen gewonnen, dat blijft bij leiders onderling nooit onopgemerkt. En het kabinet dat Schoof leidde, zocht op veel dossiers de confrontatie met andere landen en de Europese Commissie.
Met een uitgekiende lancering wil Jetten laten zien dat hij het anders aanpakt. In gesprek met de Financial Times prees hij het „moedige leiderschap” van Schoof, vanwege de Nederlandse steun aan Oekraïne. Maar hij maakte ook duidelijk dat het tijd is dat Nederland een meer „actieve” rol speelt, als bruggenbouwer” tussen Duitsland, Frankrijk.
Die nieuwe houding wil Jetten direct laten blijken. De afgelopen maand ging de verse premier al op visite naar Berlijn, Parijs, Warschau en Kyiv. In Brussel sprak hij al eerder op één dag met de belangrijkste EU-kopstukken en NAVO-chef Mark Rutte. „Nederland is in Europa om mee te beslissen op de grote dossiers”, zei hij toen tegen journalisten.
Donderdag liep hij bij aankomst op de top eerst naar de buitenlandse pers, voordat hij de Nederlandse journalisten te woord stond. In een wat haastig uitgesproken openingsstatement zei hij graag deel uit te maken van „deze familie hier”.
De premier van Estland, Kristen Michal, maakt een selfie met minister-president Rob Jetten tijdens de Europese top.
De debuterende premier had toen al een vol ochtendprogramma achter de rug. Dat begon met een ontbijt van liberale kopstukken, onder wie de Franse president Emmanuel Macron en EU-buitenlandchef Kaja Kallas. Schoof ontbeerde zo’n machtsbasis. De vorige premier organiseerde met Denemarken en Italië wél een ontbijtafspraak over migratie, een traditie die Jetten heeft overgenomen. Hij woonde ook een Benelux-overleg bij.
Mark Rutte deed er destijds twee à drie jaar over voordat hij zijn draai in het EU-overleg had gevonden. Rutte kwam er pas gaandeweg achter hoe waardevol het Europese overleg kan zijn en dat Nederland daarin een belangrijke rol kan vervullen als bemiddelaar tussen de grote EU-landen.
Dat Jetten al ervaring heeft in Brussel, kan hem helpen om sneller zijn stempel op Europese discussies te drukken. Als minister van energie deed Jetten dertien keer mee aan Europees overleg met zijn collega’s. Jetten is iemand die „écht in Europa” gelooft, zei zijn toenmalige Duitse evenknie Sven Giegold onlangs tegen NRC, en tegelijkertijd iemand met veel dossierkennis. „Hij weet ‘how to walk the room‘”, zegt een diplomaat.
Jetten heeft een tweede voordeel, zegt zijn voormalige woordvoerder en oud-diplomaat Deniz Horzum. Om effectief te zijn in de Europese Raad moet een leider benaderbaar zijn en soepel in de omgang, ook met politieke tegenstanders. Dat zit wel goed, denkt Horzum. Als minister van energie had de Nederlandse liberaal bijvoorbeeld goed contact met zijn Poolse collega van de rechts-conservatieve PIS.
Benieuwd is Horzum naar een andere factor: Jetten moet nog bewijzen dat hij Europese afspraken ook in eigen land aan de man kan brengen. ,,Hoe groot is zijn slagkracht? Veel leiders zullen denken: laat maar eens zien wat je met een minderheidskabinet voor elkaar kunt krijgen.”
EU-leiders, Jetten, poseren voor een groepsfoto tijdens de Europese top.
De agenda van Jettens eerste EU-top was in zekere zin een meevaller. Met de pijlsnel gestegen energieprijs ligt de vraag op tafel of en hoe hard Europa moet ingrijpen om de prijsstijging af te remmen of te verzachten. Die heetgebakerde strijd kent Jetten goed, dankzij de energiecrisis die tijdens zijn termijn als minister uitbrak na de invasie van Oekraïne.
In Brussel erkende hij donderdag dat burgers en bedrijven veel hinder ondervinden van gestegen prijzen. Maar hij onderstreepte in één adem het belang van het emissiehandelssysteem van de EU (ETS), dat geldt als het voornaamste instrument om de uitstoot van broeikasgassen te beperken, maar nu onder vuur ligt. Jetten wil er niet aan tornen.
Op de top werd Jetten ook geconfronteerd met de vraag of Europa zich militair gaat bemoeien met de oorlog in Iran en de blokkade van de Straat van Hormuz. ’s Ochtends had Jetten gezegd dat het te vroeg is voor zo’n besluit. ’s Middags bleek dat Nederland zich met een aantal landen toch voorbereidt op een missie, waarvan de details onduidelijk zijn. Zo’n missie zou pas aan de orde zijn als de situatie kalmeert.
Binnenlands, zo suggereerde Jetten in zijn interview met de FT, zou de wereldwijde onrust juist voor stabiliteit kunnen zorgen. „Oorlogstijd is… meestal een moment waarop veel oppositiepartijen verantwoordelijkheid nemen en het systeem een beetje kan afkoelen.”
Europaredacteuren praten je bij over de belangrijkste ontwikkelingen in de EU