Afgelopen zaterdag won Ajax met aardig spel en duidelijke cijfers (4-0), onder leiding van de nieuwe trainer Óscar García. De club durft na alle misère weer omhoog te kijken, maar het herstel is nog broos. Winst in de Klassieker zou de ommekeer bestendigen.
is voetbalverslaggever van de Volkskrant.
Feyenoord - Ajax is deze keer de Klassieker van de kwetsbaarheid. Oneindig ver weg van de ongenaakbare bijna-kampioen PSV voltrekt zich zondag het duel tussen twee aangeschoten dieren, op jacht naar de tweede plaats in de eredivisie, die voorlopig voor het laatst automatisch toegang verschaft tot de Champions League. Wie weet zijn wonden het best te maskeren?
Deze week was het feest bij Ajax. Althans, een feestje, omdat de club op 18 maart 126 jaar bestond. Daarbij hoort tegenwoordig een filmpje, en dan komen alle sterren automatisch weer voorbij in de draaimolen van de historie. Van zwart-wit tot kleur, van Neeskens tot Cruijff, van Zlatan tot Spitse.
Wiens verleden geplaveid is met goud, is geneigd achterom te kijken, in plaats van te letten op het modderige pad voor zich. Het pad weer begaanbaar maken, daarmee is Ajax begonnen. Opnieuw, met energie en hoop, met weer andere mensen. Met een trainer, de Spanjaard Óscar García, die de uitslaande brand moet blussen en het gebouw bewoonbaar dient op te leveren.
Tussen de bedrijven door is het herdenken geblazen. Eerst de verjaardag van de club, plus de dood van Johan Cruijff, icoon der iconen, dinsdag alweer tien jaar geleden. Cruijff is sowieso terug in Amsterdam, de zoon dan. Jordi is de nieuwe technisch directeur, de stratenmaker van de nieuwe weg.
Cruijff is nooit helemaal weggeweest, omdat de herinnering aan zijn voetbal zo mooi is, dat aanhangers hem nooit willen vergeten. Zaterdag is de Johan Cruijff Arena een levensgrote bioscoop, met de première van een documentaire over Johan. Pep Guardiola, Ruud Gullit en anderen zullen in die film vertellen hoe belangrijk Cruijff is geweest voor het internationale voetbal.
Voor het Ajax van nu, dat voorzichtig weer scheutjes Cruijff-elixer krijgt toegediend, is het vooral de vraag hoe het is gesteld met de kwetsbaarheid. De ploeg, die in vrijwel niets meer doet denken aan de tijden van Cruijff, reist naar het stadion waar de Klassieker twee jaar geleden in 6-0 eindigde. Maar ja, toen was Arne Slot trainer bij Feyenoord. Vorig seizoen was het 0-2, met Francesco Farioli en zijn tactische meesterschap dat in Amsterdam slechts een jaar te bewonderen was.
Nu is bijna alles weer anders, in de wetenschap dat Feyenoord dit seizoen nauwelijks een topduel wint. En Mika Godts is in topvorm, de Belg die het dribbelen in de etalage zet, terwijl bij Feyenoord drie rechtsachters geblesseerd zijn of geschorst. De beste van Ajax heeft dus een bewaker van de derde garnituur.
De hoop is terug bij Ajax, na slechts één aardige wedstrijd, 4-0 tegen Sparta. Ze vertellen elkaar het verhaal over de zwaluw, in de hoop dat die voor deze keer de zomer zal maken. De realiteit is zwaar: Ajax staat vijf punten achter op Feyenoord, twee op NEC, en heeft een loodzwaar programma, met dus Feyenoord en vervolgens FC Twente (thuis), Heracles (uit), NAC (uit), PSV (thuis), FC Utrecht (thuis) en Heerenveen (uit). Met als doel de tweede plaats, met al die miljoenen die nodig zijn om betere spelers te kopen, al is dat onder voorgangers van Jordi Cruijff niet gelukt. Een zege op de grootste concurrent is eigenlijk noodzakelijk.
Het komt goed uit dat in elk geval de geest van Cruijff opnieuw waart over de club, niet het minst omdat een huisvriend van de Cruijffs, trainer Óscar García, is neergestreken op De Toekomst, als opvolger van Fred Grim, die weer de opvolger was van John Heitinga. García sprak over winnaarsmentaliteit en intensiteit, over nieuwe energie. In de rust van het duel met Sparta, bij zijn debuut, zei hij dat het weer 0-0 was, terwijl het 2-0 stond. Het was een staaltje huis- tuin- en keukenpsychologie, maar het werkte blijkbaar.
Toch bleek ook op die zaterdag de kwetsbaarheid. In de tweede minuut slingerde Spartaan Mitchell van Bergen de bal voor. Tobias Lauritsen kopte net naast. Bijna voor hetzelfde geld was het 0-1 geweest. Een paar minuten later schoot Ajacied Steven Berghuis na een indirecte vrije trap. De bal was normaal gesproken naast gegaan, maar Spartaan Joshua Kitolano zette zijn voet ongelukkig tegen de bal. Voor hetzelfde geld was het 0-0 gebleven.
In het voetbal gaat het om kleine marges, maar wie vechtlust en intensiteit toont, heeft kans om aan de goede kant te eindigen. En Ajax was opeens weer een aantrekkelijk elftal, met een scheutje Farioli en eindelijk Takehiro Tomiyasu in de basis. De Japanner gaf best een grappig interview, in het Engels dat hij meenam van Arsenal. Hij wilde niets negatiefs zeggen over Grim, maar zei dat de training veel intenser was onder García, terwijl die pas een dag of vijf bezig was.
Juist die intensiteit heeft Ajax nodig. Die zit van nature in het echte Ajax, het Ajax van Cruijff. De vraag is alleen: is García op tijd gekomen om het vuurtje aan te wakkeren?
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant