Maurits Musch | directeur Prinses Christina Concours Wie in Nederland jong is en iets wil met klassieke muziek, doet mee met het Prinses Christina Concours. Maar voor wie blijft die vorm van talentontwikkeling toegankelijk? „Door verschraling aan de onderkant wordt de weg naar concoursdeelname moeilijker gemaakt.”
Maurits Musch, directeur van het Prinses Christina Concours.
‘Ik ben een geheime club begonnen met musici die nooit aan het Prinses Christina Concours hebben meegedaan”, grapt kersverse concoursdirecteur Maurits Musch (1979) over de stichting die jaarlijks verschillende concoursen organiseert om muziek te promoten onder kinderen en jongeren. Zelf ooit professioneel countertenor is hij een van slechts vijf leden van die ‘geheime club’.
Het illustreert de kweekvijverrol die het concours al 59 jaar speelt: veel professionele musici stonden in hun tienerjaren wel een of meerdere keren op een regionaal of landelijk PCC-podium, zoals op 9 mei bij de landelijke finale in Den Haag. „De lijst musici die wél hebben meegedaan is indrukwekkend.” Op de lijst van winnaars van het PCC staan onder anderen grote namen als pianist Hannes Minnaar, blokfluitist Lucie Horsch, cellist Alexander Warenberg en sopraan Laetitia Gerards.
In 2024 dreigde de basis van talentonwikkeling in de klassieke muziek na eerdere bezuinigingen op muziekscholen een tweede grote klap te krijgen. Bij de overheidssubsidie via het Fonds voor Cultuurparticipatie viel het PCC – dat ook een jazz- en compositieconcours en een educatie- en participatietak heeft – samen met vijf andere ontwikkelinstellingen voor klassiek talent, ondanks een positief advies van dat fonds, onder de zaaglijn. Uiteindelijk stelde cultuurminister Eppo Bruins alsnog financiering beschikbaar voor 2025-2028, bij het PCC goed voor zo’n 30 procent van de begroting. Maar daarmee zijn de zorgen nog niet van de baan. „Het muzikale ecosysteem in Nederland dat nu piept en kraakt, kan over tien jaar tot stilstand komen”, schreef het PCC in het activiteitenverslag van 2024.
„Het is fijn dat er financiering is. Maar tijdelijk is niet structureel. We moeten aandacht blijven vragen voor het feit dat we ertoe doen. Een positief teken is dat er vanuit het Ministerie van OCW [Onderwijs, Cultuur en Wetenschap] een onderzoek loopt naar het functioneren van de talentontwikkelingsketen. Ik ben benieuwd hoe de uitkomsten daarvan kunnen helpen om borging te creëren.”
„We hielden laatst een peiling onder onze juryleden in alle regio’s: hoe waren zij met muziek in aanraking gekomen? Meer dan 70 procent zei dat zij vroeger niet zozeer door hun ouders zijn gestimuleerd maar door invloeden van buitenshuis, zoals muziekscholen, muzikale activiteiten georganiseerd op basisscholen of door gemeenten. Tegenwoordig is dat heel anders. Het baart me zorgen dat er nu in de halve finale maar vijf van de twintig deelnemers stonden die zonder invloed van ouders hun weg in de klassieke muziek hebben gevonden.
„Het aantal deelnemers wordt misschien niet minder, maar het wordt wel meer een bubbel. Door verschraling aan de onderkant – minder muziekscholen, duurdere buitenschoolse muziekactiviteiten, minder aanbod in de regio – wordt de weg naar concoursdeelname moeilijker gemaakt voor kinderen van ouders zonder muzikale bagage en budget voor muziekles.”
„Je moet wel door-investeren. Er is een doorlopende lijn en individuele verdieping nodig om een rijk muziekleven in stand te houden. Dat gaat niet alleen over talent naar boven brengen. Muziek draagt ook bij aan zelfvertrouwen, samenwerken, concentratie, creativiteit. We zijn er voor de breedtesport én de topsport.”
„Doordat het subsidieverlies is hersteld heb ik de indruk dat het PCC altijd in het vizier is geweest, en dat talentontwikkeling geen vergeten onderwerp is. Maar daarbij is breder muziekonderwijs cruciaal om talentontwikkeling daadwerkelijk mogelijk te maken.”
„Er zijn keuzes gemaakt om daar niet in te investeren en dat moet nu gerepareerd worden. Als je nou íéts van mij mag verwachten als directeur, dan is het wel dat ik muziekscholen terug op de kaart wil zetten. Je ziet ook dat het belang van bibliotheken dicht bij huis weer in beeld is. Die erkenning zou je ook wensen voor muziekscholen. Het is daarom ongelooflijk fijn dat het huidige kabinet heeft gezegd muziekscholen weer in het vizier te hebben [talentonwikkeling en muziekscholen worden genoemd in het coalitieakkoord]. Ik ben ontzettend nieuwsgierig of er ook daadwerkelijk geïnvesteerd gaat worden.”
„De ambitie heb ik teruggelezen in de woorden van het huidige kabinet. Je mag hopen dat ook de daad bij het woord wordt gevoegd en dat we inderdaad daaraan kunnen gaan werken. We hebben daar zelf ook een rol in. Maar het moet wel met elkaar. Want zonder overheidssteun wordt het een heel moeilijk verhaal.”
De Nationale Finale van het Prinses Christina Klassiek Concours vindt plaats op 9/5 in Amare, Den Haag. Info: amare.nl