Jet leerde tijdens haar huwelijk een man kennen die haar verbaasde en fascineerde, maar tot wie ze een zekere afstand bewaarde. Toen haar huwelijk strandde, kreeg ze een appje. ‘Ik heb best veel aan je gedacht,’ zei ze tijdens hun afspraak.
is journalist. Voor Volkskrant Magazine interviewt ze wekelijks mensen over liefde en relaties.
‘Peter kende ik al heel lang als goede vriend van mijn vriend en hij was een verboden vrucht, zou je kunnen zeggen, al heb ik nooit op die manier naar hem gekeken. Eens per jaar gingen we met de hele vriendengroep naar een vakantiehuisje aan zee, daarnaast zagen we elkaar soms op verjaardagen. Van zindering of latente verliefdheid was geen sprake. Als je me toen had gevraagd wat voor man Peter is, dan had ik geantwoord: de beste vriend van mijn geliefde. Als je had doorgevraagd, had ik geantwoord dat hij bedachtzaam en introvert was, een man die, als je hem optie a of b voorlegt, zelf met optie c komt.
Op een dag, toen hij jarig was, zouden we met zijn vieren – hij, mijn vriend en nog iemand – iets gaan ondernemen. Ik had een oppas geregeld en was iets eerder en appte Peter: ‘Is het goed als ik eerst langs jou kom, dan gaan we samen naar het station?’
Toen gebeurde iets opmerkelijks. Bij hem thuis, elk op een andere bank, hadden we het bijna onmiddellijk over onze liefde voor mooie zinnen en woorden. Ik ken niet veel mensen die deze passie delen, ik werd steeds enthousiaster, maar juist nu mijn favoriete quotes op hun warmst zouden worden ontvangen, kon ik niet op voorbeelden komen. Ik voelde me die middag zo op mijn gemak, waarom ontschoten me dan al die prachtige zinnen en dichtregels die doorgaans gewoon in mijn geheugen liggen te wachten? Waarom herinnerde ik me zelfs ‘She came in December and in a wintercoat she brought me Spring’ niet meer? Ik begreep er niets van.
We waren 23 en 28. Mijn vriend en ik hadden een kind van 3 en Peter was de eeuwige single. Hij vertelde die middag dat hij was begonnen met een studie, en ik was blij voor hem, eindelijk kreeg zijn toekomst richting, maar zelf bleek hij zijn besluit als een capitulatie te zien. Liever had hij zich niet geconformeerd aan wat zijn omgeving van hem verwachtte, zei hij. Ik luisterde aandachtig, deze bedaarde man kon me met één opmerking verrassen.
‘Dan zal de volgende stap wel een huwelijk zijn met iemand die Annelies heet en met haar krijg je twee blonde kinderen,’ zei ik. ‘Ja,’ antwoordde hij ernstig, ‘dat zullen dan wel de consequenties zijn.’ Ik dacht niet: mag ik jouw Annelies zijn. Mijn relatie was niet makkelijk, mijn vriend was iemand die veel aandacht nodig had en met wie ik voortdurend rekening moest houden, die liever met mij uit eten ging dan met de kinderen naar het park, maar met hem breken kwam niet bij me op. En natuurlijk al helemaal niet voor zijn beste vriend.
Ik treuzelde en we praatten nog wat door, tot het tijd werd om naar het station te gaan waar de anderen op ons wachtten en waar we van twee nieuwsgierigen weer de toeschouwers van onze extraverte, luide vrienden zouden worden. Wat had ik graag wat langer in zijn kalmte en rust willen blijven hangen, hem die ene vergeten quote vertellen. Op het perron wenkten de twee vrienden ons, maar intuïtief stapten we aan onze kant van de trein in, om het samenzijn nog even te rekken. De liefde, hoe alom aanwezig ook, blijft toch iets wat zich vooral onbewust voltrekt. Mijn vriend haalde ons met een paar passen door het gangpad weer in.
Pas vier jaar later was de volgende ontmoeting tussen ons tweeën. Ik had inmiddels een tweede kind en tijdens een van de vriendenvakanties reed ik met de kinderen met Peter mee naar het vakantiehuisje. Mijn vriend kon niet en de anderen zouden een dag later komen. Die avond werd zo’n avond waarop ik niet naar bed wilde, een voor een somden we de favoriete videoclips uit onze jeugd op en praatten we over onze lievelingsboeken. Veel te laat zijn we gaan slapen, en toen de volgende ochtend de kinderen vroeg wakker werden, bleef hij de gemoedelijkheid zelve.
Gewend om alle mogelijke struikelblokken voor mijn hyperactieve vriend bij voorbaat weg te nemen, bracht ik bij het ontbijt het avondeten al ter sprake, waarop hij zei: wat neem jij een stress mee in je leven. Ik sputterde nog wat tegen, een moeder moet immers plannen, tot ik in de loop van de dag merkte dat alles uiteindelijk goed kwam met deze persoon in de buurt. Aan het einde van het weekend betrapte ik me erop mijn vriend niet te hebben gemist. Dit is niet goed, dacht ik, en ik schrok een beetje.
Had het met Peter te maken? Wat zou hij doen als ik zou zeggen dat ik best veel aan hem dacht, mijmerde ik in de weken erna, maar hij was geen open boek, geen idee wat ik teweeg zou brengen met zo’n opmerking en hoe extreem pijnlijk de gevolgen voor mijn vriend zouden zijn. Een jaar later bleek ons huwelijk geen affaire nodig te hebben om definitief te stranden. En twee maanden na mijn scheiding kreeg ik een omslachtig appje van Peter: ‘Nu ik erover nadenk vond ik het toch ook gezellig met jou, dus als je een wijntje wilt drinken of Levensweg wilt spelen, laten we eens afspreken.’
Het gedoe rond de scheiding had Peter naar de achtergrond verdreven, maar nu was hij er weer helemaal. Hij schonk wijn die Elephant in the Room heette en met behoorlijk wat liquid courage zei ik aan het begin van de nacht: ‘Ik heb best veel aan je gedacht.’ Het werd stil. Ik vervolgde: ‘Ik heb je misschien best wel leuk gevonden,’ en toen vertelde hij hoe hij jaren geleden, lang voor die ene verjaardag, in een volle auto in de achteruitkijkspiegel op weg naar het huisje naar mij had gekeken en had gedacht: nee, dit kan niet.
Toen we even later op straat zoenden, liet ik prompt midden op de weg mijn fiets vallen, het zoenen zelf was onwennig en voelde zelfs nog verboden, maar de belofte die erin verborgen lag, maakte alles vloeiend. ‘Ik ben geen apper,’ zei hij droog, ‘maar we kunnen volgende week wel afspreken.’
Peter, de man wars van conventies. Alweer meer dan zeven jaar zijn we nu samen. Samen op de bank, samen fietsen op de Veluwe, samen met de kinderen wandelen in de duinen. Het lijkt zo simpel, maar dat is het niet. Dat iemand van mij houdt als mijn onopgesmukte zelf, mij een joggingbroek toegooit als ik moe ben en niet op citytrip hoeft om het leuk te hebben, ervaar ik als een duizelingwekkend groot geluk.
De liefde van nu is een rubriek in Volkskrant Magazine over seks en relaties.
Op verzoek van de geïnterviewde is de naam Jet gefingeerd. Wil je meer van deze verhalen horen? Luister dan ook naar onze podcast De liefde van nu.
Deze zomer schrijft Corine Koole weer over vakantieliefdes. Verhalen zijn welkom. We spreken ook de ander (en helpen hem of haar op te sporen). We zoeken vooral ervaringen uit een recenter verleden, romantische avonturen van jonge mensen, of herinneringen aan ‘the one that got away’. Ook nodigen we mensen die niet meer samen zijn uit om te reageren.
Meedoen? Mail een korte toelichting naar: deliefdevannu@volkskrant.nl.
Dit is een rubriek uit Volkskrant Magazine. Wilt u alle verhalen, columns en rubrieken uit het nieuwste nummer lezen? Dat kan hier.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant