Rechtse studentenverenigingen Traditionele studentenverenigingen in Oostenrijk zijn een ’talentenpool’ voor de uiterst rechtse FPÖ. In Duitsland wordt de rol van zogenaamde ‘Burschenschafter’ steeds belangrijker binnen de AfD. „Je ziet hier veel jonge medewerkers met een Schmiss.”
Leden van traditionele Duitse en Oostenrijkse studentenverenigingen komen ieder jaar met Pinksteren bijeen in Coburg.
Ieder jaar met Pinksteren stroomt het Beierse Coburg vol met mannen in kleurige uniformen. Op hoge zwarte laarzen en met degens aan hun riem wandelen ze over het marktplein en bezetten ze de terrassen van de stad. Het zijn leden van traditionele Duitse en Oostenrijkse studentenverenigingen.
„Meestal raakt niemand zwaargewond”, zegt student Matthias op het marktplein tijdens de bijeenkomst in het Pinksterweekend van vorig jaar. Hij draagt een zuurstokroze officiersjas en houdt in zijn hand een baret in dezelfde kleur. Hij is lid van Landsmannschaft Cheruscia in München, waar de zogeheten mensuur verplicht is: daarbij moeten de studenten één of meerdere schermduellen aangaan tegen studenten van een andere vereniging. Matthias wil niet met zijn achternaam (die bekend is bij de redactie) in de krant. Het is uitzonderlijk dat hij media te woord staat, want de verenigingen zijn zeer gesloten. Het duelleren was „niet zo zijn ding”, zegt hij. Zelf is hij er „gelukkig” vanaf gekomen zonder Schmiss, zoals het litteken in het gezicht wordt genoemd waaraan verenigingsstudenten elkaar herkennen.
Niet iedereen in Coburg is het eens met de komst van de studentenverenigingen. Isi Wais is actief voor de partij Die Linke en organiseerde in 2025 een tegenprotest. Wais: „De verenigingen zijn nationalistisch, seksistisch en militaristisch. Ze moeten verplicht drie tot vijf keer schermen, en natuurlijk gaat het niet om de sport. Het gaat erom dat ze laten zien dat ze het niet in hun broek doen. De verenigingen staan voor een oud, bekrompen beeld van mannen. Dus mijn doel zou niet zozeer zijn dat ze hier niet meer komen, maar dat geen jonge man hier nog voor kiest.”
Na een drankgelag in een feesttent aan de rand van de stad wordt er met enige moeite een stoet gevormd door de studenten. Fakkels worden uitgedeeld en aangestoken. Zodra de stoet zich in beweging zet, richting het centrale marktplein, beginnen de tegendemonstranten langs de weg hun spreekkoren: „Stop die fakkel in je reet!”, klinkt het. De studenten marcheren er op het oog onaangedaan langs. De ene vereniging neemt het marcheren serieuzer dan de andere. Sommige studenten tellen „links, 1,2,3” en tillen hun glimmende zwarte laarzen hoog op in een ganzenpas.
Studenten en oud-leden steken fakkels aan en een tegenprotest tegen de komst van de studentenverenigingen in Coburg, Pinksterweekend vorig jaar.
Studentenverenigingen spelen in het Duitse en Oostenrijkse studentenleven over het algemeen een marginale rol. Vergeleken met Nederlandse verenigingen zijn die in Duitsland klein, met tien of twintig actieve leden, en verreweg de meeste zijn alleen voor mannen. Bij een deel van die verenigingen is de mensuur verplicht. Vaak wonen de studenten met elkaar in villa’s buiten de stadscentra, met een zaal om bier in te drinken en een zaal om in te schermen. Soms woont er een soort butler bij de studenten in, of zelfs een echtpaar om de jonge mannen van avondeten en drank te voorzien.
Veel Duitse verenigingen ontstonden als plekken waar studenten uit dezelfde regio samenkwamen en samenwoonden. Bijvoorbeeld in zogenoemde Landsmannschaften en later in de Corps. In ‘Turnerschaften’ deden studenten met elkaar aan sport (meer wandelen dan echt turnen), de ‘Burschenschaften’ waren van begin af aan een politieke beweging. Bij een deel van de ‘Burschenschaften’ mogen alleen Duitsers lid worden – en dat gaat niet om staatsburgerschap maar om etniciteit. Voor de pan-germanistische Burschen horen alle Duitstalige gebieden bij elkaar, dus het Italiaanse Zuid-Tirol net zo goed als Oostenrijk en sommige regio’s in Tsjechië en Roemenië.
Qua vorm lijken de mannenvereniging op elkaar, qua politieke richting zijn er verschillen. De verenigingen in Coburg zijn officieel apolitiek. De Oostenrijkse extremisme-deskundige Bernhard Weidinger stelt dat de Oostenrijkse verenigingen met mensuur nagenoeg allemaal uiterst rechts zijn. „De verenigingen in Duitsland zijn heterogener”, aldus Weidinger aan de telefoon vanuit Wenen. Student Matthias in Coburg zegt: „Nationalistisch zijn we absoluut niet.” Sommige verenigingen zijn liberaal of conservatief, andere zijn zo extremistisch dat ze door de binnenlandse veiligheidsdienst worden geobserveerd.
Leden en oud-leden van de verenigingen met verplichte mensuur komen jaarlijks samen op het Akademikerball in de weelderige Hofburg, eeuwenlang de residentie van de Habsburgers, in het centrum van Wenen. De mannen dragen sjerpen en petjes met de ‘kleuren’ van hun verenigingen, hun partners dragen lange jurken.
In Coburg dragen studenten uniformen, met hoge zwarte laarzen en degens aan hun riem.
Volgens sociaal-democratische parlementariër Sabine Schatz (SPÖ) wordt er niet alleen gedanst maar ook „extreem-rechts gedachtegoed verheerlijkt”, zei ze voorafgaand aan het bal eind februari in Oostenrijkse media. Groenen-parlementariër Lukas Hammer noemde het een „netwerkbijeenkomst voor rechts-extremisten, neonazi’s en antidemocraten”, die er „letterlijk salonfähig” worden gemaakt. Een paar honderd mensen demonstreerden rondom de Hofburg.
De uiterst rechtse Freiheitliche Partei Österreichs (FPÖ), die bij de landelijke verkiezingen in 2024 de grootste werd, organiseert het bal voor de studenten. Het bestuur van de Hofburg besliste in 2013 dat ze de balzaal niet langer aan de rechtse studentenverenigingen wilde verhuren, waarna de FPÖ de organisatie voor haar rekening nam.
De geste van de FPÖ aan de studenten laat zien hoe belangrijk de rechtse Burschenschaften zijn voor de partij. De Oostenrijkse politicoloog Weidinger zegt: „De Burschenschaften zijn in Oostenrijk een belangrijke talentenpool van extreem-rechts. Bijna een derde van de FPÖ’ers in een hoge positie heeft een verleden bij een studentenvereniging. Onder de bevolking heeft minder dan 0,01 procent een verenigingsverleden.”
Één van de bezoekers van het Akademikerball in Wenen was FPÖ’er Walter Rosenkranz, voorzitter van het Oostenrijkse parlement. Daar kon hij proosten met een keur aan extreem-rechtse influencers: Martin Sellner, voormalig hoofd van de Oostenrijkse identitaire beweging, influencer Eva Vlaardingerbroek uit Nederland, en Curtis Yarvin, invloedrijk denker binnen de MAGA-beweging. Op beelden is te zien hoe mannen in smoking het ‘White Power’-gebaar maken.
„Het was een geweldig feest”, zegt Bondsdaglid voor Alternative für Deutschland (AfD) Matthias Helferich enkele dagen na het bal op zijn kantoor in Berlijn. „De Hofburg is natuurlijk een prachtige plek voor zo’n bijeenkomst. En je ziet er hoeveel Burschenschafter hoogwaardigheidsbekleders in de Oostenrijkse politiek zijn.” Een rol die Helferich ook voor Duitse Burschenschafter binnen de AfD ziet weggelegd.
Bondsdaglid Helferich was lid van de Burschenschaft Frankonia in Bonn en wordt zelfs binnen de uiterst rechtse AfD gerekend tot het extremistische deel. In 2021 werd hij door zijn studentenvereniging geroyeerd om zijn extreme uitspraken. Volgens Helferich zelf was dat vooral voor de vorm, omdat andere oud-leden hoge functies in de rechtspraak en ambtenarij hebben en die niet met hem geassocieerd willen worden.
Helferich noemde zichzelf ooit het „vriendelijke gezicht van het nationaal-socialisme” (een misverstand, zegt hij nu). De Burschenschaften werden begin negentiende eeuw opgericht als een revolutionaire beweging, legt hij uit. Na de Duitse bevrijdingsoorlog tegen Napoleon pleitten de studenten voor een verenigd Duitsland. „Ze waren een progressieve kracht”, zegt Helferich, „en waren tegen de autoriteit van de adel en voor individuele vrijheid. Nu is alles waar de Burschen voor staan rechts. Het is nog altijd een nationale kracht, die de bescherming en de eenheid van het vaderland vooropstelt.” Gevraagd of hij met ‘nationale kracht’ een ‘nationalistische kracht’ bedoelt, zegt Helferich: „Sommigen noemen het misschien nationalistisch. Maar ‘ismen’ hebben in de Duitse taal een negatieve bijklank.”
Helferich heeft een ‘Schmiss’ op zijn voorhoofd en twee littekens op zijn achterhoofd. Over het manbeeld dat door politici als Wais wordt bekritiseerd, zegt hij: „Voor mij is het niet een ‘ouderwets’ manbeeld, maar een manbeeld dat eeuwig geldig is. Ik vind dat mannen, naast vele andere eigenschappen, weerbaar moeten zijn. De moderne tijd wilde mannen die zich niet kunnen verdedigen – maar dat blijkt achterhaald. Nu klinkt er weer een roep om soldaten, met name om mannen om het leger op te bouwen en het land te verdedigen. De mensuur is een inwijdingsritueel, een proef van moed, een symbool dat je bereid bent gewond te raken voor de gemeenschap maar ook voor het land.”
Zo ervoer Helferich het zelf ook, als een proeve. Omdat „de kans bestaat dat je gewond raakt, en die kans vrij groot is. Het gaat erom dat je blijft staan, dat je niet wegduikt.” Bij de mensuur zijn artsen aanwezig die een opengeritst gezicht meteen kunnen hechten.
Volgens Helferich voorzien de verenigingen ook in een eigentijdse behoefte. „Ik denk dat we in tijden leven waarin er wordt verlangd naar een beetje mannelijkheid. Dat jonge mannen, die zoals ik door alleenstaande moeders zijn opgevoed, in veel gevallen zoeken naar een vaderfiguur. Veel kinderen hebben geen broers of zussen, en verlangen dan naar een gemeenschap zoals die in een studentenhuis bestaat. Ook door het wegvallen van de dienstplicht, bijvoorbeeld, waarin nog wel zo’n gemeenschap bestond. Ik denk dat een Burschenschaft veel mensen kan aanspreken, afgezien van de politieke kleur: saamhorigheid, voor elkaar opkomen, gezelligheid, ondersteuning door verschillende generaties, de familiaire structuur.”
Wat Helferich betreft komt de Burschencultuur ook goed van pas in politiek Berlijn. „Er werken veel voormalige Burschenschafter voor me. Hier op de gang zie je veel jonge medewerkers met een Schmiss. Er is vertrouwen en het zijn mensen die niet wegduiken, dat kun je goed gebruiken in een politieke partij.”
Helferich zat toen hij lid werd van de Burschenschaft in Bonn nog bij de jongerenafdeling van de christendemocraten, de Junge Union (JU). „Binnen de JU hoorde ik bij het conservatieve en rechtse deel.” Met de koers onder toenmalig kanselier Angela Merkel (CDU) en haar vluchtelingenbeleid was hij het pertinent oneens. Helferich pleit nu voor „remigratie voor miljoenen”.
Het politieke pad van Helferich is veelzeggend voor de verrechtsing in Duitsland in de afgelopen vijftien jaar. Onderzoeker Weidinger: „De Duitse verenigingen hebben altijd met enige jaloezie naar Oostenrijk gekeken, omdat hun kameraden daar de FPÖ hadden. Dat is uit Burschenschaft-oogpunt een beetje de politieke arm van de verenigingen. De FPÖ geeft de Burschenschaften maatschappelijke invloed en politieke relevantie. Daarom zijn de Duitse Burschen opgetogen over de opkomst van de AfD.” Dat geldt volgens hem ook andersom. „Je ziet dat de AfD vacatures, voor wetenschappelijk medewerkers bijvoorbeeld, publiceert in de Burschenschaftliche Blätter.”
Leden van een traditionele studentenvereniging marcheren door Coburg.
Of de AfD profiteert van de band met de Burschenschaften valt te bezien. De Burschen zijn vooral in het nieuws vanwege uiteenlopende excessen. Zo stond een jonge AfD-deelstaatparlementariër in Beieren, Daniel Halemba, onlangs voor de rechter omdat hij op zijn kamer in het huis van zijn Burschenschaft in Würzburg nazi-parafernalia verzamelde. Volgens de getuigenis van een buurman klonk steeds weer „Sieg Heil” vanuit het studentenhuis. Halemba werd vrijgesproken vanwege gebrek aan bewijs.
Toch lijkt de invloed van de studentenverenigingen binnen de partij te groeien. Kort na de grote verkiezingswinst van de AfD in Rijnland-Palts, eind maart, werd fractievoorzitter en lijsttrekker Jan Bollinger door zijn fractiegenoten weggestemd. Volgens Duitse media komt dat omdat Burschenschafter de dienst uitmaken, en Bollinger geen Schmiss heeft. Bij omroep ARD duidde politicoloog Markus Linden de coup als volgt: „De macht bij de AfD in Rijnland-Palts ligt bij mensen uit de Burschenschaften, bij duellerende radicaal-rechtse verenigingen. […]. Ze denken een zeker loyaal netwerk te hebben.”