Het regende de afgelopen dagen reacties op de overstap van Milieudefensie-directeur Donald Pols naar Tata Steel. Heeft het zin om als klimaatactivist te proberen een bedrijf van binnenuit te veranderen? NU.nl sprak drie mensen die eerder een opmerkelijke overstap maakten.
De een vindt Pols een verrader, iemand die zijn idealen verloochent om in het bedrijfsleven een riant salaris te gaan verdienen. De ander roemt zijn moedige overstap naar een bedrijf waar hij zijn groene idealen juist in de praktijk kan gaan brengen als directeur duurzaamheid.
Het was de reden voor Pols om zijn transfer te maken, vertelde hij in een persbericht. "Bij Tata Steel heb ik de kans om te laten zien dat industriële verduurzaming niet alleen afdwingbaar is, maar ook van binnenuit kan worden aangedreven."
Faiza Oulahsen weet hoe het is om een milieuorganisatie in te ruilen voor het bedrijfsleven. Toen zij bijna twee jaar geleden bekendmaakte dat ze na dertien jaar bij Greenpeace zou vertrekken naar adviesbureau KPMG, kreeg ze veel verraste reacties. "Maar dat was rozengeur en maneschijn vergeleken met dit", zegt ze over de geluiden die nu uit de milieuwereld klinken. "Ik vind de reacties op deze overstap heel heftig."
Ze snapt de emoties wel, zegt Oulahsen. "Er zit een gevoeligheid." Tata Steel wordt door de milieubeweging gezien als een van de grote tegenstanders. Bij Greenpeace organiseerde Oulahsen in 2023 nog een bezetting van het Tata-terrein.
Dat was niet voor niets: Tata Steel is de grootste CO2-uitstoter van Nederland en veroorzaakt gezondheidsschade bij omwonenden. Er valt dus ook veel te halen - voor de activist van buiten of voor de activistische medewerker. "Een grote vervuiler verduurzamen, dat is impact", zegt Oulahsen. "Je gaat naar waar de schoorsteen het grootst is."
Medewerkers die zich bij zulke bedrijven inzetten voor het klimaat, kunnen wel degelijk een verschil maken, denkt Oulahsen. "In mijn tijd als activist, maar ook nu als consultant, heb ik er heel veel baat bij gehad wanneer bij dat soort bedrijven groene voorvechters zijn met dezelfde agenda." Zij kunnen intern de druk opvoeren om groene stappen te zetten.
Bij de bedrijven waar Oulahsen nu mee samenwerkt, probeert ze aan bestuurders te laten zien dat doorgaan op de oude voet vaak risicovol is en dat verduurzamen loont. "Daar heb ik geen illusies over, voor bedrijven moet er wel een businesscase achter zitten."
Maikel van Wissen besloot juist om het bedrijfsleven te verlaten voor het klimaat. Hij stopte na bijna twintig jaar bij advocatenkantoor De Brauw Blackstone Westbroek en richtte Advocates for the Future op, een groep die juridische druk uitoefent op vervuilers als Tata Steel en de Haven van Rotterdam.
Zijn werk als advocaat voor tal van grote bedrijven was zeker niet allemaal slecht, vertelt hij nu. "Maar hier voel ik meer dat wat ik dagelijks doe ook echt iets kan bijdragen aan de wereld."
Het is knap lastig om de verduurzaming van een bedrijf van binnenuit aan te jagen, denkt Van Wissen. Toch heeft hij ook wel bewondering voor de stap van Pols: "Ga er maar aan staan. Zo'n grote klus en dan het geloof hebben dat je daar iets kan veranderen."
Wel vraagt Van Wissen zich af hoeveel invloed het Milieudefensie-boegbeeld straks zal kunnen uitoefenen. Tata Steel moet de aandeelhouders tevredenstellen en de Nederlandse fabriek is afhankelijk van een Indiaas moederbedrijf. Bovendien zijn de afspraken met het kabinet over verduurzaming en de bijbehorende staatssteun al vergevorderd.
"De vraag is: verkijkt hij zich niet op de mogelijkheden die hij straks heeft om daar iets te veranderen?", zegt Van Wissen. "Ben je dan toch niet een klein poppetje in het grote systeem?"
Arjan Keizer ondervond dat aan den lijve. Hij werkte al zes jaar aan de energietransitie, eerst bij McKinsey en later bij Shell, toen hij in 2022 Het Klimaatboek van Greta Thunberg las. "Toen viel bij mij pas het kwartje over de echte urgentie van klimaatverandering", zegt Keizer. "Ik dacht: holy fuck, die activisten hebben daar gewoon gelijk over."
Hij werkte bij Shell aan verduurzaming van transport en werd daar ook voorzitter van het interne 'green team' om aan duurzaamheid te werken. Maar na de aanstelling van de nieuwe topman Wael Sawan merkte hij dat het bedrijf juist weer wilde inzetten op olie en gas. "Op een gegeven moment had ik het idee: er wordt ja geknikt, maar nee gedaan."
Daarom vertrok hij en richtte hij de organisatie Medewerkers voor onze Toekomst op. Die beweging stimuleert de vorming van zulke teams binnen bedrijven. "Heel veel mensen maken zich zorgen over het klimaat, zijn daar thuis mee bezig, maar zetten op hun werk een masker op", zegt hij.
Als die mensen bij elkaar komen en samenwerken, kan een bedrijf wel degelijk in beweging worden gebracht, is de overtuiging van Keizer. Ook nu verduurzaming in veel bestuurskamers lager op de agenda staat. "Omdat het moeilijker wordt, zijn medewerkers die hiervoor door het vuur willen gaan extra belangrijk."
Via de groep van Keizer kunnen de groene voorlopers tips uitwisselen. Zo stopte pensioenfonds PME met beleggen in olie- en gasbedrijven na druk vanuit de green teams van chipbedrijven ASML en NXP. "Als zij een blauwdruk uitwerken, zodat andere teams dat kunnen overnemen, dan hebben we een enorme impact."
Maar de ervaring van Keizer bij Shell laat zien dat groene plannen van medewerkers niet zaligmakend zijn als bestuur en aandeelhouders de andere kant op bewegen. "Alle verschillende rollen zijn nodig: de activisten, de activistische aandeelhouders én de medewerkers", zegt Keizer.
Source: Nu.nl algemeen