In de rubriek De broeikas schrijft klimaatverslaggever Jeroen Kraan iedere zondag over wat hem opvalt. Deze week: hoe een technische publicatie over klimaatmodellen een vreemde nasleep kreeg. Helaas: de rampscenario's zijn de wereld nog niet uit.
Het klimaatsysteem is waanzinnig ingewikkeld. Als wij meer broeikasgassen uitstoten, zorgt dat er in eerste instantie voor dat de aarde meer zonnewarmte vasthoudt. Vervolgens heeft dat weer allerlei gevolgen voor zaken als neerslagpatronen, het smelten van ijskappen en oceaanstromingen.
Ik blijf het razend knap vinden dat we daar inmiddels behoorlijk veel over weten, onder meer door dat klimaatsysteem in computermodellen te stoppen en te zien wat er gebeurt als we de hoeveelheid broeikasgassen opvoeren.
De resultaten daarvan zullen nooit perfect zijn, maar we hebben de afgelopen decennia ervaren dat de klimaateffecten in de echte wereld behoorlijk goed overeenkomen met de resultaten uit de modellen. Helaas, want die modellen laten zien dat extra broeikasgassen grote gevolgen hebben, van ernstige droogtes tot zeespiegelstijging.
Natuurlijk maakt het wel uit wat je die modellen eigenlijk laat uitrekenen. Wetenschappers werken daarom met verschillende scenario's. In het gunstigste scenario gaan we onze uitstoot van broeikasgassen snel afbouwen en daarna ook nog eens CO2 uit de lucht halen. In het minst gunstige geval blijven we juist steeds meer uitstoten.
Wellicht heb je deze week gelezen dat het VN-klimaatpanel IPCC het ergste 'rampscenario' heeft geschrapt. Dat klopt niet, waarover later meer. Eerst is het goed om nog even te benadrukken dat wij mensen met onze uitstoot bepalen hoe het wereldklimaat zich gaat ontwikkelen. Wetenschappers rekenen alleen verschillende mogelijkheden door, zodat wij kunnen zien wat de gevolgen zijn.
Het kost veel geld en rekenkracht om de benodigde klimaatmodellen te laten draaien, dus hebben internationale wetenschappers een clubje gevormd om dat te coördineren. Dit zogeheten CMIP bespreekt welke 'uitstootpaden' relevant zijn om gezamenlijk door te rekenen.
Ongeveer een maand geleden stelde het CMIP nieuwe scenario's voor die zullen worden gebruikt in de volgende ronde van de modelberekeningen. Daarbij zijn de eerdere scenario's met de allerhoogste en de allerlaagste uitstoot geschrapt.
Vooral op het bestaan van dat hoogste scenario was de afgelopen jaren kritiek. Het ging uit van sterk toenemend gebruik van steenkool, maar het werd steeds duidelijker dat dat door de sterke groei van hernieuwbare energie en toegenomen klimaatbeleid niet zou gaan gebeuren. Daarom verdwijnt dit scenario nu.
Ook het gunstigste scenario is niet meer realistisch, schrijven de wetenschappers. Daarmee zouden we de hele eeuw onder de 1,5 graden opwarming blijven, maar de daadwerkelijke uitstoot van de afgelopen jaren heeft laten zien dat dat niet meer realistisch is. Dat heeft ernstige gevolgen, maar gek genoeg was op het bestaan van dit onrealistisch positieve scenario veel minder kritiek.
De nieuwe scenario's zijn dus aangepast aan de ontwikkelingen van de afgelopen jaren. Dat wil nog steeds niet zeggen dat ze allemaal even waarschijnlijk zijn in het huidige politieke en economische landschap. Maar het zijn wel denkbare scenario's, waarvan we de gevolgen goed in kaart moeten brengen.
De oplettende lezer is wellicht al een paar dingen opgevallen. Ten eerste: het IPCC heeft hier niets mee te maken. Die groep wetenschappers verzamelt ongeveer elke zeven jaar alle wetenschappelijke informatie over klimaatverandering - ook de resultaten uit de modellen - en bundelt die in grote rapporten. Maar het IPCC bepaalt dus niet welke scenario's er al dan niet worden gebruikt.
Ten tweede kwam dit deze week opeens in het nieuws, terwijl de nieuwe scenario's al een maand geleden zijn gepubliceerd. Ook mij is dat toen niet opgevallen, want dat gebeurde in een (voor mij) obscuur wetenschappelijk tijdschrift. Maar klimaatsceptici hadden het wel door en gingen vanaf eind april over de publicatie schrijven.
Zij zien in het schrappen van het eerdere 'rampscenario' een erkenning dat de klimaatverandering wordt overdreven. Dat klopt dus niet: het hoogste scenario was geen voorspelling van wat de wereld zou gaan doen. Bovendien is ook het pad dat we volgens de Verenigde Naties nu volgen, met ongeveer 2,8 graden opwarming in 2100, behoorlijk rampzalig.
De nieuwe scenario's met blijvend hoge uitstoot laten nog maar eens zien dat die opwarming aan het eind van de eeuw niet ophoudt, maar daarna verdergaat richting de 4 graden of meer. Dat zijn temperaturen die we al vele miljoenen jaren - en dus in de hele geschiedenis van onze soort - niet hebben meegemaakt.
Daarnaast komen er steeds meer nieuwe inzichten over de gevolgen van die uitstoot. Er is een levendige discussie over de vraag of de aarde gevoeliger is voor klimaatverandering dan we eerst dachten. Ook zou het kunnen dat de opwarming in de toekomst gaat versnellen doordat het de natuur steeds minder goed lukt om CO2 op te nemen. Bijvoorbeeld omdat we vaker te maken krijgen met bosbranden dan we eerder dachten.
Betere modellen kunnen rekening houden met steeds meer van die mogelijkheden. "Als je pech hebt, zou je zelfs met een lager uitstootpad nog steeds dezelfde temperatuurstijging kunnen krijgen", zegt Detlef van Vuuren van het Planbureau van de Leefomgeving, die meewerkte aan de nieuwe scenario's.
Toch is het in de berichtgeving over de nieuwe scenario's vooral de juichende teneur van de klimaatsceptici die is blijven hangen. Helaas is dat dus voorbarig: laten we het feestje over het uitblijven van rampscenario's nog maar eventjes uitstellen. Als de wereldwijde uitstoot snel omlaaggaat, krijgen jullie alsnog een uitnodiging.
Ik ben dol op filmgenres met vastomlijnde conventies, van kungfufilms tot romcoms. Maar het is ook heerlijk om een film te zien die alles anders doet. Zoals Dandelion's Odyssey, een semianimatiefilm over paardenbloempluisjes op zoek naar een stukje vruchtbare grond.
Regisseur Momoko Seto gebruikt digitale animatie gemengd met prachtige macrofotografie van planten, kikkers en slakken. Ze gooit die lagen over elkaar heen en verwerkt ze tot een woordenloos en buitenaards verhaal. Zo ontstaat een film die zich met niets anders laat vergelijken. Nu in de bioscoop en op Picl.
Source: Nu.nl economisch