Home

De lange arm van Teheran reikt tot in Europa

Terwijl Iran militair gezien de oorlog tegen de Verenigde Staten en Israël niet kan winnen, zet het land een arsenaal aan hybride instrumenten in: eigen agenten, proxies, criminele netwerken en ‘hacktivisten’. Ook kan het conflict zelf fungeren als voedingsbodem voor individuen om aanslagen voor te bereiden. Deze dreiging varieert van terroristische aanslagen tot cyberaanvallen, spionage en desinformatiecampagnes die onrust en polarisatie aanwakkeren.

In de afgelopen weken hebben zich al meerdere incidenten voorgedaan buiten de regio waar het conflict zich afspeelt. Van incidenten tegen Joodse personen en doelen in België, Nederland en het Verenigd Koninkrijk, geclaimd door een onbekende groep, Harakat Ashab al-Yamin al-Islamia (HAYI), tot bedreigingen tegen de Iraanse diaspora – van Toronto tot Schoonhoven.

Begin maart plaatste de EU de Iraanse Revolutionaire Garde (IRGC) – die eigenlijk de touwtjes in handen heeft in Iran – op de EU-terrorismelijst, tot groot ongenoegen van Teheran. Ook al is Europa niet direct betrokken bij de oorlog, toch houdt Iran Europa medeverantwoordelijk voor het huidige conflict.

Met een diaspora van ongeveer vijf miljoen mensen leven veel Iraniërs tussen hoop en vrees sinds het uitbreken van de oorlog. Al decennialang zet Iran zijn eigen agenten in om dissidenten, mensenrechtenactivisten en journalisten de mond te snoeren. Zo is een IRGC-lid in New York veroordeeld voor een verijdelde aanslag tegen Amerikaanse politici. Echter, sinds het begin van de oorlog neemt de druk op de Iraanse diaspora toe, niet alleen door het Iraanse regime maar ook door de monarchisten die Reza Pahlavi – de zoon van de afgezette sjah – steunen.

Over de auteur

Tanya Mehra is terrorismedeskundige en associate fellow bij het International Centre for Counter-Terrorism in Den Haag. In de maand mei is zij gastcolumnist op volkskrant.nl/opinie.

Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier meer over ons beleid.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Daarnaast kan Iran terroristische organisaties die het steunt mobiliseren om aanslagen te plegen. Terroristische groeperingen zoals Hamas, Hezbollah en de Houthi’s kunnen hiervoor worden ingezet. Dat verklaart mede waarom de VS en Israël erop gebrand zijn om de militaire slagkracht en de leiders van deze terroristische organisaties te verzwakken. Doorgaans zijn deze groeperingen alleen actief in de regio, en niet in Europa. Een uitzondering vormt de vondst door de Duitse autoriteiten van wapens van een Hamas-netwerk in Europa, die bedoeld waren om aanslagen te plegen tegen Joodse doelen.

Een veel gangbare methode voor Iran is het gebruik van criminele netwerken. Groepen zoals Foxtrot, Rumba en de Hells Angels zijn al eerder ingezet voor dergelijke operaties. Foxtrot wordt in verband gebracht met een aanslag op de Amerikaanse ambassade in Stockholm. In ruil voor geld en immuniteit tegen vervolging laten dergelijke netwerken zich inhuren. Ook het zogeheten Zindashtinetwerk, door de EU gesanctioneerd, speelt hierin een rol via logistieke ondersteuning, surveillance en rekrutering van lokale criminele structuren. De leiders verblijven veilig in Iran, terwijl anderen – soms minderjarigen – het uitvoerende werk doen. Een tactiek die ook door Rusland wordt toegepast.

Pro-Iraanse cybernetwerken, zoals het Cyber Islamic Resistance Network, werken soms samen met Russische hackers. Zo voerde de Iraanse groep Handala recent een aanval uit op de Amerikaanse fabrikant van medische apparatuur Stryker. De EU heeft een speciaal sanctieregime om cyberaanvallen tegen te gaan en heeft onlangs voor het eerst een Iraans bedrijf, Emennet Pasargad, op de lijst geplaatst. Dit betekent dat de tegoeden worden bevroren, een reisverbod wordt ingesteld en dat Europese burgers en bedrijven geen zaken ermee mogen doen.

Net als na het uitbreken van het Israël-Gazaconflict was in veel landen een spillover-effect zichtbaar, waarbij zowel antisemitische als anti-moslimincidenten toenamen. Iran kan op dit antisemitische of anti-Israëlische sentiment inspelen, en het verder aanwakkeren. Wanneer individuen hierdoor worden aangesproken en overgaan tot geweld, is dat het lastigst om te voorkomen. Ze worden niet aangestuurd door Iran, opereren alleen en gebruiken vaak huis-tuin-en-keukenmiddelen.

Ondanks de sancties slaagt Iran er zo in om onrust te zaaien via uiteenlopende methoden. Deze aanpak lijkt gericht op het creëren van een rookgordijn, het verhullen van betrokkenheid en het verhogen van de kosten voor Europese landen. Het recente incident in Londen, waarbij twee Joodse personen zijn neergestoken, illustreert dit. De dader was bekend bij de antiterrorisme-eenheid, terwijl de aanval werd opgeëist door bovengenoemde groepering HAYI. Het dreigingsniveau in het VK is verhoogd en de politie-inzet rond Joodse doelwitten opgeschaald.

Europol waarschuwde al eerder dat de aanhoudende oorlog in Iran het risico op aanvallen vergroot, en inmiddels zijn de gevolgen ook steeds meer voelbaar in Europa. Hoewel directe betrokkenheid van Iran niet is vastgesteld in al deze incidenten in Europa, draagt de combinatie van factoren bij aan de onzekerheid en dreigingsperceptie die gevoeld wordt.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next