Home

In het geestige en lichtvoetige ‘Leonard en Hungry Paul’ laat Rónán Hession labels als ‘nerd’ verkruimelen

Sociaal onhandig, licht zonderling, goedbedoelend en trouw: de hoofdpersonages uit het lieve Leonard en Hungry Paul zijn antihelden die je alle goeds van de wereld toewenst.

schrijft voor de Volkskrant over literatuur.

Hoe vaak lees je een lief boek? Een écht innemende roman, met hoofdpersonen die je hart stelen, die je alle goeds van de wereld wenst, zonder ingewikkelde bijgedachten?

Leonard en Hungry Paul, de debuutroman van de Ierse schrijver Rónán Hession, een boek dat in 2019 verscheen en een verrassende internationale bestseller werd, is zo’n boek. De Nederlandse vertaling verscheen pas dit jaar; Hession, bluesmuzikant en ambtenaar, heeft inmiddels al twee nieuwe boeken gepubliceerd en Leonard en Hungry Paul werd bewerkt tot televisieserie, waarin Julia Roberts de voices-overs op zich neemt.

We lopen een beetje achter.

Hoe dan ook, Leonard en Hungry Paul: twee mannen, aandoenlijk in hun vriendschap en in vrijwel alles wat ze doen en meemaken. Sociaal onhandig, licht zonderling, behept met een voorliefde voor heldere structuren, goedbedoelend, trouw, en intelligent. Hungry Paul (what’s in a name?) leent National Geographics uit de bieb, Leonard heeft een abonnement op de New Scientist.

Hoe je echt bent

Nerds, kun je zeggen. Mannen op het autistisch spectrum. Maar in het boek verkruimelen die etiketten. ‘Waar het om gaat is hoe iemand echt is’, zegt Leonard op een zeker moment en die platitude is dan al geen platitude meer. Je hebt Leonard in de bladzijden ervoor zien worstelen met alle mogelijke sociale codes en met het overlijden van zijn moeder, bang ‘om door het leven te worden opgeslokt’.

Leonard is ghostwriter van kinderencyclopedieën, maar besluit op een dag ook om een eigen boek te gaan schrijven, ‘over alle mensen die door de geschiedenis over het hoofd waren gezien’.

Hungry Paul werkt als invalpostbode en vergezelt zijn moeder bij haar vrijwilligerswerk in ziekenhuizen waarbij hij patiënten voor zich wint omdat hij zo goed kan luisteren.

Als Leonard op zijn kantoor – dat doet denken aan de kantoren van Jiskefet of Paulien Cornelissens De verwarde cavia – valt voor een meisje, ‘meedogenloos in haar vrolijkheid’, belandt hij in allerhande komische situaties. Hij loopt met vreemde smoezen naar haar bureau, koopt tweemaal per week nieuwe kleren en neemt haar voor een date mee naar een tentoonstelling van veenlijken. Ondertussen heeft Hungry Paul te maken met de aanstaande bruiloft van zijn zus, doet hij mee aan een prijsvraag van de Kamer van Koophandel die hij wint, en wordt hem vanwege zijn zwijgzaamheid een baan aangeboden als mimespeler.

Terloops maar raak

Aangenaam onspectaculaire gebeurtenissen, maar met veel originaliteit geschreven, schrander en geestig. Hession grossiert in terloopse maar rake (soms
iets te olijke) karakteriseringen als: ‘zoals dat soms gaat bij jongens die meer van bordspelletjes houden dan van sport, had Leonard weinig vrienden maar veel ideeën’ of: ‘Hij vond het altijd vreemd om naar zijn eigen spiegelbeeld te kijken; dan wist hij weer hoe weinig ruimte hij in de wereld innam.’

Met Leonard en Hungry Paul heeft hij overtuigende prototypes neergezet van personen die níét altijd weten wat ze moeten zeggen, níét buiten adem achter hun ambities aanrennen, níét verdrinken in identiteitskwesties, níét vechten met een getroebleerd verleden of streven naar grote veranderingen maar gewoon: naar een beetje ruimte om zichzelf te zijn.

Het leuke daarbij is: echte antihelden zijn het ook weer niet. Uiteindelijk zetten ze allebei flinke stappen in hun leven en weten ze de mensen in hun omgeving veel te geven.

Na aanvankelijke mislukkingen komen Leonard en zijn meisje weer bij elkaar en kan hij haar uitleggen waarom hij zich soms onvoorspelbaar gedraagt. ‘Ik ken de regels niet. Ze zijn te cryptisch. Het voelt alsof jij op een of andere formulering zit te wachten maar ik weet niet welke’ – juist de klunzige oprechtheid raakt haar natuurlijk.

‘Eigenlijk wilde ik je van alles over mezelf komen vertellen’, zegt ze, ‘allemaal dingen waarvan nu blijkt dat je ze allang begrijpt.’ Ze voelt zich gezien.

De superheld van het gezin

Net als de zus van Hungry Paul, die door haar huwelijk hoopt afstand te kunnen nemen van haar verantwoordelijkheid ten opzichte van haar broer. Aan de vooravond van haar bruiloft bijt ze hem toe dat ze niet eeuwig ‘de superheld van het gezin’ kan blijven, waarop Hungry Paul niet alleen winnende slagzinnen blijkt te kunnen bedenken maar ook een onnadrukkelijke goeroe-achtige wijsheid in huis blijkt te hebben.

‘Ik weet dat je het allerliefst zou willen dat ik de wereld door jouw ogen zie, dat ik eindelijk leer om alles precies zoals jij te zien en iemand zal worden met wie jij goed overweg kunt. En dan? (…) Laten we gewoon gelukkig zijn.’ Daarna windt hij de bruiloftsgasten om zijn vingers door vurig de lindyhop te dansen en zinkt hij uitgeput neer in het bed dat hij deelt met Leonard omdat ze per ongeluk een tweepersoonskamer hebben geboekt. Geeft niet, ‘niet alles in het leven draait om efficiëntie’, vergissingen zijn prima.

Leonard en Hungry Paul is een geestig, lichtvoetig en melancholiek boek over mensen die gedijen aan de zijlijn, daar waar ze niet opvallen maar zich op eigen wijze door het leven kunnen roeien en die je ondertussen recht in het hart mag kijken.

Rónán Hession: Leonard en Hungry Paul. Uit het Engels vertaald door Eefje Bosch en Manik Sarkar. Van Oorschot, 300 pagina’s, € 23,50.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next