Popmuziek De Britse zangeres heeft met de frisse retropop van ‘Man I Need’ een van de allergrootste hits van de laatste paar jaar in handen en is in noodtempo doorgestoomd naar de grootste podia.
Olivia Dean tijdens een eerder concert op North Sea Jazz, in 2024.
Gezien 9 mei, Ziggo Dome, Amsterdam.
Nog voor er een noot gespeeld is, is het al een goed beeld. Een crewlid in pak is geconcentreerd met een stofzuiger in de weer. Er blijkt zelfs een vierogenprincipe ingebouwd: een andere roadie loopt met een zaklamp achter hem aan en vindt nog zeker drie oneffenheden. Twee jaar geleden stond Olivia Dean nog in Paradiso, vlak daarvoor nog in veel kleinere zaaltjes. Nu verkoopt ze met gemak twee avonden de Ziggo Dome stijf uit en heeft ze zelfs voor dit soort taken mensen in dienst.
Ze schiet vol gas uit de startblokken. Omringd door negen muzikanten, waaronder een blazerssectie en twee achtergrondzangeressen, knalt ze er direct in met ‘Nice to Each Other’, een van haar grootste hits. Zwierend in een glitterende cocktailjurk zingt ze over een droge drum een lentebries de zaal in. De band staat op een wit retropodium, dat is opgebouwd uit een paar brede traptreden. Net geen echte showtrap, maar wel met precies genoeg treden om theatraal per nummer een stap omlaag te kunnen zetten en in een climax weer naar boven te rennen. Of om aan de rand van het podium slim geplaatste ventilatoren door haar krullen te laten blazen. Het past goed bij haar retrogeluid. Net zoals haar kleine armbewegingen expliciet knipogen naar de Motown-girlgroups uit de jaren zestig, zit haar muziek vol blinkende blazers, luchtig uitwaaierende harmonieën en zacht groovende baslijnen uit de gouden jaren van r&b. Ze tapt uit het zelfde vaatje als Amy Winehouse, maar vertaalt het in een luchtiger geluid.
Dit is op veel manieren het jaar van Olivia Dean. Haar vorig jaar verschenen album The Art Of Living heeft haar naar de eredivisie van de popwereld gepromoveerd. Ze won een Grammy voor beste nieuwkomer, won bij de Brit Awards de prijzen voor artiest van het jaar, album van het jaar, song van het jaar en beste popact. Ze was de eerste zangeres sinds Adele die met drie nummers tegelijk in de Britse singletoptien stond, haar internationale megahit ‘Man I Need’ is zo’n nummer dat zelfs als je hem niet denkt te kennen, opeens blijkt te kunnen meezingen. En toch heeft ze de ongeremdheid van een artiest waarvoor het allemaal nog echt moet gaan gebeuren.
Ze aarzelt ook niet zich uit te spreken. Als ze ter introductie van ‘Carmen’ vertelt over haar oma, die als achttienjarige uit Guyana op een vliegtuig naar een betere toekomst stapte, draagt ze het nummer op aan alle migranten die een vergelijkbare dappere stap hebben moeten maken.
Er zit veel herkenning in de comfortabele show van de Britse. In de uithalen van ‘Let Alone the One You Love’ klinkt vanavond Whitney Houston door. In de doorbraakhit ‘Messy’ duiken live onverwacht Miami Vice-synthesizers in het gerekte outro op. De cover van Curtis Mayfields ‘Move on Up’ is een vrolijk eerbetoon. Maar als ze in het midden van de zaal met ‘Loud’ haar open sollicitatie naar een James Bond-soundtrack zingt, klinkt de ballad met tokkelende Spaanse gitaren en langzaam aanzwellende strijkers wel heel erg veel als Adeles ‘Skyfall’.
Juist door de rijke muziek waar de band naar verwijst, valt op hoe het deze avond bij momenten nog aan wat fluwelen weelderigheid ontbreekt. De baslijnen leunen geregeld mooi tegen de liedjes aan, maar door een ongelukkige geluidsmix duwen ze die vaak ook bijna omver. De ellenlange saxofoonsolo waarmee Deans wandeling naar het middenpodium gevuld moet worden, krijgt maar geen richting. Een blokje in kleine bezetting op drie barkrukken voelt, de prachtige vocoder in ‘UFO’ ten spijt, eerder plichtmatig dan intiem.
Deans goudglitterende banaanvormige percussieshaker is dan misschien wel een vorm van luxe, maar de arrangementen zouden met zo veel muzikanten op het podium nog veel luxer kunnen klinken. Wat losser ook en minder aangeharkt. Olivia Dean zingt achteloos goed en is een zeldzaam ongedwongen en frisse podiumpersoonlijkheid. Daarmee vangt ze flink wat liedjes op die minder indruk maken. Als ze zich zo stormachtig blijft ontwikkelen, zal het vast niet lang duren voordat een concertavond het niet alleen van haar grote hits hoeft te hebben.