Home

Aan de landsgrenzen laat het kabinet de onbedwingbare neiging tot symboolpolitiek weer varen

Lukraak controleren op asielzoekers aan de grens heeft geen zin. En dat was ook al bekend vóórdat de grenscontroles werden hervat.

In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.

Of het eigenlijk wel mocht, was altijd al de vraag. In de Schengengrenscode, waarin het vrije verkeer van personen in de EU vastligt, stond het vrij duidelijk: het is soms toegestaan om controle van de binnengrenzen weer in te voeren, maar de lat ligt hoog. Er moet sprake zijn van terroristische incidenten of van ‘grootschalige noodsituaties op het gebied van volksgezondheid’. Of, en daar vond het kabinet-Schoof een geitenpaadje: er moeten duidelijke tekenen zijn van ‘plotselinge grootschalige niet-toegestane verplaatsingen’ van mensen, zodanig dat ‘de algemene middelen en capaciteit van goed voorbereide bevoegde autoriteiten aanzienlijk onder druk komen te staan’.

Bingo, dacht PVV-asielminister Marjolein Faber in 2024. Vanuit haar redenering dat het land op het punt stond in alle opzichten te bezwijken onder de komst van asielzoekers, zag ze genoeg fundament om de Nederlandse grenzen na ruim dertig jaar weer van langdurige en intensieve controles te voorzien. In diverse memo’s werd zij er door haar ambtenaren op gewezen dat binnengrenscontrole geen geschikt instrument is tegen asielaanvragen, maar zij had nou eenmaal de neiging elk advies af te doen als een poging tot tegenwerking. Het moest en zou gebeuren. Er zou heus wel iemand gaan protesteren bij de EU, maar zulke procedures duren jaren.

Let wel: grenstoezicht was ook daarvoor niet verdwenen, maar het had de vorm van mobiele controles, in een gebied tot twintig kilometer van de grens, met een beperkte tijdsduur en doorgaans zo gericht mogelijk. Al in 2025 kwam de Algemene Rekenkamer, immer nieuwsgierig naar de vraag of belastinggeld efficiënt wordt besteed, met de droge maar tamelijk vernietigende cijfers. Slechts in één opzicht bleken de binnengrenscontroles iets effectiever dan het mobiele toezicht: er waren meer mensen geweigerd die geen papieren hadden en ook niet konden aangeven wat ze kwamen doen in Nederland – de zogeheten ‘irreguliere migranten’. Hun aantal steeg van 170 naar 320 mensen.

Maar dan: ‘Alle soorten aanhoudingen, ook voor mensensmokkel en documentfraude, namen in aantallen af.’ En, om het voor Faber nog wat erger te maken: ‘Het aantal asielzoekers en secundaire migranten dat bij een binnengrenscontrole werd aangetroffen, daalde. Deze aantallen lagen altijd al laag en halveerden sinds de herinvoering van de binnengrenscontroles.’

Als de grenswachters al een asielzoeker aantroffen, had dat bovendien geen effect. Zodra iemand asiel aanvraagt, moet Nederland die aanvraag immers gewoon in behandeling nemen. Dan heeft de aanvrager toestemming om hier te verblijven in afwachting van de asielprocedure. Lukraak aan de grens controleren op asielzoekers heeft dus geen zin, maar zorgt intussen wel voor files op de snelwegen, voor hinderlijk sluipverkeer in de grensgemeenten, voor langere reistijden en dus hogere kosten voor ondernemers.

Ook het nieuwe kabinet is nog niet helemaal verlost van de drang tot het voeren van symboolpolitiek in het immigratiebeleid – denk aan de aanhoudende aandrang om illegaal verblijf strafbaar te stellen – maar de aankondiging dat binnenkort gewoon het oude mobiele grenstoezicht weer van kracht wordt, is toch een stap voorwaarts. Nu alleen, aan de andere kant van de grens, de Duitse regering nog overtuigen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next