Home

Rechters gaan massaal niet mee in ruimere interpretatie 'femicide'

Femicide wordt in Nederlandse rechtszaken zelden expliciet benoemd, terwijl er volgens onderzoekers van de Universiteit Maastricht wel regelmatig zaken zijn die in die categorie kunnen vallen. Zij concluderen in een onderzoek in opdracht van het WODC dat rechters de term "femicide" slechts in ongeveer 2 procent van de vonnissen gebruiken, mede doordat er geen heldere juridische definitie bestaat. Belangrijk daarbij is dat femicide strikt genomen alleen gaat om moord waarbij het vrouw-zijn van het slachtoffer de enige reden is, en dat dat in de praktijk lang niet altijd zo is.

In woordenboeken wordt femicide omschreven als het doden van een vrouw louter vanwege haar vrouw-zijn. In de praktijk schuiven instanties daar vaak andere betekenissen overheen. Zo rekent het Openbaar Ministerie ieder levensdelict tussen (ex-)partners waarbij een vrouw om het leven komt tot femicide, terwijl rechters die bredere uitleg van het woord niet volgen, aldus de onderzoekers.

Het Maastrichtse onderzoeksteam sprak met rechters en officieren van justitie en analyseerde 282 zaken uit de periode 2021 tot en met 2024 die mogelijk als femicide kunnen worden gezien. In de vonnissen werd de term slechts sporadisch gebruikt, terwijl er volgens onderzoeker Laurie Ritzen in de rechtspraak wel bereidheid is om zaken als femicide te benoemen. Zij stelt dat een duidelijke juridische omschrijving kan helpen om vergelijkbare zaken consequenter te behandelen.

Volgens de onderzoekers maakt het uit of femicide in vonnissen expliciet wordt genoemd, omdat dan beter zichtbaar wordt of er sprake is van patronen van geweld, controle, stalking, vrouwenhaat of eerdere mishandeling. In 40 procent van de onderzochte zaken nam de rechter een geweldsverleden tussen dader en slachtoffer mee in de strafmotivering, wat telkens tot hogere straffen leidde. In de overige zaken blijft onduidelijk of dergelijke omstandigheden zijn meegewogen, juist doordat de context niet expliciet wordt benoemd.

Voor hun onderzoek hanteren de wetenschappers de internationale definitie van VN-organisatie UNODC, waarbij levensdelicten op vrouwen door (ex-)partners of familie automatisch als femicide tellen, ook al is de moord niet gepleegd omdat het slachtoffer een vrouw was. Gaat het om een onbekende dader, dan is er alleen sprake van femicide als er kenmerken spelen als eerder geweld, uitbuiting, gijzeling, seksueel geweld, verminking, het achterlaten van het lichaam in het openbaar of een keuze voor het slachtoffer uit vrouwenhaat. In veel strafzaken waarover nu wordt gesproken als femicide is er echter een bredere relationele of persoonlijke context, en is het vrouw-zijn niet aantoonbaar de enige reden voor de moord.

In veel landen worstelt de wetgever met de vraag hoe femicide juridisch moet worden vastgelegd. Cyprus en Italië hebben femicide als apart strafbaar feit opgenomen, terwijl Spanje werkt met gespecialiseerde rechtbanken voor gendergerelateerd geweld en een vaste definitie van femicide als "de moord op een vrouw door een man vanuit machismo of misogynie". De Maastrichtse onderzoekers wijzen erop dat een aparte status voor vrouwen kan botsen met het principe van gelijke behandeling, en dat een te brede, genderneutrale definitie het risico geeft dat elke doding van een vrouw daar onterecht onder wordt geschaard. Volgens Ritzen ligt het daarom bij de politiek om te bepalen hoe Nederland femicide precies wil definiëren, met de kanttekening dat een strakker omlijnd begrip belangrijk is om het in de praktijk ook echt toepasbaar te maken.

Ter illustratie (Afbeelding: Grok AI / FOK.nl)

Source: Fok frontpage

Previous

Next