Dat mag jij vinden Thomas Hogeling beschouwt wekelijks de publieke opinie. Wat wordt er gezegd en vooral niet gezegd? Deze keer: klimaatdemonstraties vs. asieldemonstraties.
„Het wordt een stoelendans om niet op plek vijf te eindigen hè?”, appte ik naar een vriend. Hij is fanatiek Ajax-supporter en ik ben voor NEC, elk weekend bespreken we even de laatste stand van zaken. Hij had er weinig van meegekregen, antwoordde hij pas dinsdag: „Zat dik twee dagen in de cel [emoji met ongemakkelijke grijns]”. Als je hem ziet, verwacht je hem eerder bij voetbalrellen, maar hij zat vast omdat hij met z’n auto een snelweg had geblokkeerd. Er was al file, dus in feite was het een kwestie van niet meer optrekken, vertelde hij. Daar is de politie niet dol op – andere weggebruikers trouwens ook niet – dus als ze dan van één nachtje cel twee nachtjes cel kunnen maken, zullen ze dat niet nalaten.
Diezelfde dinsdagavond zag ik hoofdredacteur Kamran Ullah van de Telegraaf bij Pauw & de Wit beweren dat de klimaatdemonstranten „Koningsdag thuis konden vieren”. In zijn hoofdredactioneel commentaar had hij dat ook al geschreven. Dat klopt niet, legde de politievrouw aan tafel geduldig uit. Naast mijn vriend waren nog vijf mensen opgepakt en die hebben allemaal twee nachten in de cel moeten slapen, gaan allemaal vervolgd worden, hun voertuigen zijn in beslag genomen, rijbewijzen zijn ingevorderd en ze konden Koningsdag niet thuis vieren – hoewel ik me afvraag waarom je zoiets in vredesnaam thuis zou willen vieren. „Maar het punt is”, antwoordde Ullah, dat mensen bij asielprotesten „het idee hebben dat er met twee maten wordt gemeten”. Ja, waar zouden ze dat idee toch vandaan halen? Misschien uit het hoofdredactioneel commentaar van de Telegraaf?
Daar komt bij dat het nogal logisch is dat verschillende vergrijpen verschillend worden aangepakt. Het spreekwoord is ‘gelijke monniken, gelijke kappen’, niet ‘broeders en monniken, gelijke kappen’.
Want twee weken later vraag ik me af wat er moet gebeuren voordat er niet langer routineus naar klimaatdemonstraties wordt gewezen als het over extreemrechts geweld gaat. Hakenkruizen? Een vernield gemeentehuis? Gewonde agenten? Ingegooide ruiten bij het D66-kantoor? Een bom in het D66-kantoor? Voor Gert-Jan Segers is het voorlopig niet genoeg om de vergelijking af te zweren, bleek afgelopen zaterdag aan tafel bij Dit is de week. Linkse mensen hebben volgens hem geen begrip voor asielprotesten, rechtse mensen niet voor klimaatdemonstranten: „Wat je bij beide moet zeggen is: je hebt gewoon niet het recht om een democratie terzijde te schuiven, te intimideren en middelen te gebruiken die gewoon niet in een fatsoenlijke samenleving horen”. Segers, die blijkbaar bepaalt wat in een fatsoenlijke samenleving hoort, noemde het begrip en de zorgen van beide flanken ‘spiegelbeeldig’, het enige woord dat nog harder schreeuwt dat je op zoek bent naar balans waar geen balans is, is ‘balans’.
Het komt op veel mensen hartstikke verstandig over. De flanken zijn te fanatiek, je mag de wet niet overtreden, overtreders moet je hard aanpakken. Zelf sta je keurig in het midden of nog beter: je staat erboven. Maar in dit politieke klimaat is die positie laf en schadelijk. Je stelt geweldloos protest waarmee een overheid wordt opgeroepen zich aan de eigen wetten te houden gelijk aan geweld en intimidatie tegen specifieke lokale overheden om ze zo te dwingen zich niet aan wetten te houden. De ene groep is soms best irritant, de andere groep wil inderdaad de democratie terzijde schuiven.
De acties van Extinction Rebellion zeggen niets over de ernst van het extreemrechtse geweld. Misschien moeten we maar een naampje verzinnen voor zo’n valse vergelijking, zoals je met andere drogredenen ook doet. Ik dacht aan reductio ad Extinction Rebellionem, maar ik sta open voor suggesties.