Home

Libris Prijs naar Bert Natter voor ‘Aan het einde van de oorlog’

Libris Literatuur Prijs 2026 Bert Natter heeft met ‘Aan het einde van de oorlog’ de Libris Literatuur Prijs 2026 gewonnen. De jury roemt het boek, een filmisch gemonteerde roman-in-stukjes als „een ware tour de force”.

Bert Natter werd tijdens een live-uitzending van het tv-programma Nieuwsuur uitgeroepen tot de winnaar van de Libris Literatuurprijs.

Schrijver Bert Natter heeft met zijn roman Aan het einde van de oorlog de Libris Literatuur Prijs 2026 gewonnen. De jury noemt zijn bekroonde boek „een roman die op een weergaloze, ontroerende maar ook confronterende wijze een geschiedenis, onze geschiedenis, hervertelt die nooit vergeten mag worden”. Natter ontving bij de uitreiking in Amsterdam, die live werd uitgezonden in Nieuwsuur, een cheque van 50.000 euro.

Aan het einde van de oorlog, een filmisch gemonteerde roman-in-stukjes die de lotgevallen volgt van 31 personages in een fictief nazi-concentratiekamp binnen één etmaal, beginnend op de ochtend van 20 april 1945, is volgens de jury „een ware tour de force”. „Op weergaloze wijze laat Natter met deze rijkgeschakeerde roman zien dat de verhalen uit de Tweede Wereldoorlog nog altijd niet allemaal verteld zijn.”

Het bijeenbrengen van vele verhalen is inderdaad de ambitie van Natters omvangrijke boek: het wil een totaalroman zijn. De lezer volgt de dag van de kampcommandant en diens zoons, maar ook van andere functionarissen in het concentratiekamp én een handvol Joodse gevangenen en verzetsstrijders die er geïnterneerd zijn – en van wie sommigen in de gaskamer belanden. Natter tuigde een plot op rond de vermist rakende zoon van de kampcommandant, die een ijzingwekkend noodlot wacht. Dat lot is weliswaar niet minder ijzingwekkend dan dat van de ontelbare andere gevangenen, maar in de perceptie van de lezer misschien toch hartverscheurender. Die dynamiek, waarmee de roman sterk op je gevoel inspeelt en zo morele grijstinten wil verkennen, is een van de krachttoeren die Natter uithaalt. „Wil je wel meeleven met personages die verantwoordelijk zijn voor gruwelen? Wil je wel plezier beleven aan het lezen van deze roman?”, vroeg de jury zich af.

Natters roman, zijn zesde, is sinds de verschijning al een hit onder recensenten, boekhandelaren en lezers. Vorig jaar was het een hype op de jaarlijkse Londense boekenbeurs: aan zeven landen werden daar de vertaalrechten verkocht, met een Amerikaanse uitgeverij werd „een deal van zes cijfers” gesloten, zoals uitgeverij Thomas Rap destijds trots meldde. Inmiddels is de Noorse vertaling verschenen (en zeer lovend gerecenseerd), de Duitse versie volgt dit najaar. Toch verdeelde Aan het einde van de oorlog ook de meningen: wat volgens de één een pageturner was, vond de ander een uitputtingsslag. „Moet een roman over de Duitse concentratiekampen geschreven worden?” vroeg de recensent van De Groene Amsterdammer zich af en deze krant noemde de roman „dodelijk vermoeiend én indrukwekkend”. Jury’s oordeelden ook verschillend: de Vlaamse literatuurprijs de Boon liet de roman helemaal links liggen, de Boekenbon Literatuurprijs verkoos Charlotte Van den Broeck boven de ook genomineerde Natter.

Historisch-morele kracht

De jury van de Libris Literatuur Prijs, de invloedrijkste van de drie grote romanprijzen in het Nederlandse taalgebied, roemt de roman om Natters „grote literaire kunde”, de historisch-morele kracht en hoe die wordt ingegeven door de vorm: de opbouw in fragmenten, die de mogelijkheid bood om vele perspectieven te verenigen. Een ongewone vorm was sowieso iets wat deze jury, onder voorzitterschap van presentator Noraly Beyer, kon bekoren: de constanten op de gevarieerde en ook enigszins ongelijksoortige shortlist waren metalagen (in Peter Buwalda’s De jaknikker en Peter Terrins Nog lang geen winter) en vormexperimenten (veel typografisch wit in Lieselot Mariëns Als de dieren, en de eigenaardige, gelaagde vertelstem in Nadia de Vries’ Overgave op commando). Natter spande daarin de kroon, zo valt te lezen in het juryrapport: zijn roman toont „dat de tijd misschien nu pas rijp is voor een nieuw soort belevend, verschuivend en daarin bijna documentair vertellen over gruweldaden die, hoewel historisch, helaas niet tot het verleden behoren”.

Daarmee slaagde de roman erin om de jury „een historische periode die we al dachten te kennen”, de Tweede Wereldoorlog dus, nu „als met nieuwe ogen” te laten zien. Opmerkelijk is dan ook dat Aan het einde van de oorlog de eerste winnaar is in de 33-jarige geschiedenis van de Libris Literatuur Prijs die rechtstreeks gaat over de Tweede Wereldoorlog – terwijl dat toch geen stiefmoederlijk behandeld thema is in de Nederlandse letteren. Maar Natters aanpak werd door de jury herkend als nieuw, en is bovendien passend bij het type verhalen dat momenteel centraal staat in geschiedschrijving, cultuur en herdenkingen. Meerstemmigheid is de trend: ruimte voor verhalen van slachtoffers, daders en alles daartussenin, waarbij extreme posities kunnen bestaan naast morele nuances, die het onderscheid tussen ‘goede’ en ‘foute’ mensen niet meer zo gemakkelijk laten maken.

Zo’n aanpak past bij de schrijver die Bert Natter (1968) is: allesbehalve voorzichtig, met veel gevoel en niet wars van pathetiek. De veelzijdige Natter heeft gewerkt als uitgever, journalist en hoofdredacteur van treinreizigersblad Rails, maakte boeken samen met zijn jeugdvriend Ronald Giphart, en bijvoorbeeld Het Rijksmuseum Kookboek, voor hij zich ging toeleggen op zijn literair schrijverschap. Al sinds zijn debuutroman Begeerte heeft ons aangeraakt (2008) zoekt hij in zijn werk extremen op, waarbij hij soms de grens van de kitsch opzoekt – „als operaliefhebber heb ik gelukkig geen afkeer van kitsch”, schreef hij dit weekend nog op zijn weblog. Aan het einde van de oorlog is van die veelzijdigheid en overgave een culminatie, het boek waarvoor hij de Librisprijs misschien wel móést winnen.

Literatuur

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next