Home

Schoonheid en poëzie, daar gaat het om in de hoofdexpositie van de Biënnale van Venetië – of toch niet?

Biënnale Deze week is de Biënnale van Venetië geopend, de belangrijkste expositie voor beeldende kunst. Naast de politieke protesten rond de landenpaviljoens is er ook nog de hoofdexpositie ‘In Minor Keys’, die alle aandacht aan de ‘zachte tonen’ wil geven. Maar waar gaat het hier echt om?

Paviljoen waar de tentoonstelling 'In Minor Keys' te zien is, op de Biënnale van Venetië.

Hoe luid mogen ‘zachte tonen’ zijn? Fel zijn de kleuren als je de hoofdexpositie van de Biënnale in Venetië binnenstapt, overdadig de vormen, volgepakt de zalen. En onmiskenbaar, tussen alle tekstbordjes over poëzie, kosmologie en andere ogenschijnlijk tijdloze zachtmoedigheid, wordt duidelijk dat de kunstwerken hier zijn samengebracht voor één groot statement; híér zijn we, kijk naar ons.

In Minor Keys heet de hoofdtentoonstelling met 110 kunstenaars die op de twee Biënnale-terreinen Giardini en Arsenale plaatsvindt, en die inhoudelijk los staat van de expositie van de meer dan negentig landenpaviljoens op dezelfde terreinen. De titel verwijst naar de ‘zwarte toetsen’ van het pianotoetsenbord, die soms droevig, soms nadenkend klinken, maar altijd de ‘zachte tonen’ in het palet aan klanken zijn.

Hoofdcurator van ‘In Minor Keys’ Koyo Kouoh, die vorig jaar overleed.

Zelden zal het contrast op de Biënnale bij een opening daarom zo groot zijn geweest als vorige week. In de media wereldwijd ging alle aandacht naar de protesten bij de landenpaviljoens, zoals de met roze rook omgeven protesten van anti-Poetin-activisten als Pussy Riot tegen de deelname van Rusland, en de luide, mediagenieke demonstraties tegen de deelname van Israël. Tegelijk begon de persconferentie van de hoofdexpositie, waarin er juist alles aan werd gedaan om poëtische zachtmoedigheid uit te stralen.

Haast ostentatief klonk het, hoe de samenstellers van In Minor Keys met ingehouden stem over de poëtische en theoretische kant van deze expositie spraken. Voor een deel ligt deze ingehouden toon aan de piëteit met de hoofdcurator Koyo Kouoh, die in 2025 aan kanker is gestorven; de samenstellers zijn de leden van het team dat ze zelf had samengesteld. Maar voor een ander deel past de ingehouden stem ook bij het concept van Kouoh.

Biënnale van Venetië Invloedrijkste internationale kunsttentoonstelling

De Biënnale van Venetië bestaat sinds 1895 en wordt gezien als de invloedrijkste internationale kunsttentoonstelling ter wereld. Iedere twee jaar presenteren landen in hun paviljoens in Venetië nieuwe kunst uit hun land, vandaar de bijnaam ‘Olympische Spelen van de kunst’. De Biënnale vindt dit jaar plaats van 9 mei t/m 22 november. Lees hier alle NRC-artikelen over de Biënnale van 2026.

Zachte en luide tonen

Kouoh (1967-2025), geboren in Kameroen en opgegroeid in Zwitserland, zou de eerste vrouw met Afrikaanse achtergrond zijn geweest die de hoofdtentoonstelling van de Biënnale zou samenstellen. Ze was al jaren een invloedrijk curator in de internationale kunstwereld, in Nederland misschien wel het bekendst door haar expositie When We See Us: A Century of Black Figuration in Painting, die in 2023 ook in Brussel te zien was. Haar uitverkiezing voor de Biënnale werd als een nieuw ijkpunt gezien, een kroon voor haarzelf en voor de emancipatie van zwarte vrouwen in de kunstwereld.

Kouoh staat om die reden nu pontificaal in de centrale hal afgebeeld, samen met schrijfster Toni Morrison, als eerste zwarte vrouwelijke Biënnale-curator naast de eerste zwarte vrouw die de Nobelprijs voor Literatuur ontving (1993), in een metersgrote schildering. Bewust is dit kunstwerk zo monumentaal neergezet, zo staat te lezen bij het tekstbordje van deze installatie Anatomie van een magnoliaboom voor Koyo Kouoh en Toni Morrison (2026), gemaakt door Maria Magdalena Campos-Pons.

‘Anatomie van een magnoliaboom voor Koyo Kouoh en Toni Morrison’ (2026), gemaakt door Maria Magdalena Campos-Pons.

Dit is de bedoeling: hier worden de „zachte tonen tot de luide tonen” gemaakt. In hoeverre In Minor Keys met het oorspronkelijke concept van Kouoh overeenstemt is moeilijk te zeggen, maar één ding is in ieder geval zeker: deze expositie over de ‘zachte tonen’ wil zeker ook een vuistslag op tafel zijn.

Politiek uitgangspunt

Want waar gaat het hier om? Om het „afwijzen van orkestrale bombast en militaire marsen”, schreef Kouoh voor haar dood in haar concept, om „de rustige klanken, de lagere tonen, het gezoem, de troost van de poëzie”. Maar dat impliceert volgens haar ook: „De kleine eilandjes, werelden te midden van oceanen met eigen, oneindig rijke ecosystemen, en sociale structuren die – in positieve en negatieve zin – verweven zijn met veel grotere politieke structuren en ecologische belangen.”

Kortom: met ‘de zachte tonen’ worden hier ook de minder zichtbare kanten van de wereld bedoeld, de vergeten aspecten van de kunstwereld, de kunst uit Afrika, uit de minder welvarende delen van Azië, uit die gebieden die inmiddels worden samengevat als ‘global south’. En daarmee wordt duidelijk: ondanks de terughoudende en poëtische opstelling heeft In Minor Keys een onvervalst politiek uitgangspunt.

De eerste blikvanger in de hoofdlocatie Giardini is direct al een statement, een pleidooi voor een bredere visie op datgene wat als kunst zou moeten gelden. Het is een enorm oranje verenpak, Amistad Takeover (2026), gemaakt door Big Chief Demond Melancon, maker van traditioneel handwerk uit New Orleans. Hij brengt er taferelen uit de zwarte geschiedenis van Amerika op aan: op dit oranje ceremoniële kostuum staan taferelen over de slavenopstand op het schip de Amistad in 1839.

Ook in de eerste zalen openbaart zich naast ‘gewone’ schilderijen en installaties een bonte verzameling bloemen, pauwensculpturen, geborduurde lappen en poncho’s die in het begeleidende bordje als een ‘postkoloniale kritiek’ bedoeld zijn. De stelling is duidelijk, en soms ook wel een beetje erg duidelijk, zoals in de ruime aandacht voor de Kameroense schilderes Werewere Liking, wier beelden en schilderijen vol verwijzingen naar lokale tradities hier vooral bedoeld lijken om het westerse concept van kunst demonstratief op te rekken.

Maar ook wordt duidelijk dat de zachte tonen het beste klinken als de kunstwerken op zichzelf gewoon krachtig zijn – en die zijn er in de vele volle zalen gelukkig ook voldoende. Zo zijn er de Delfts blauwe schilderijen van de Zuid-Afrikaanse schilder Johannes Phokela, die iconografische thema’s van Rubens, Brueghel en Jeroen Bosch op een spannende manier gebruikt om de eigen zwarte Zuid-Afrikaanse geschiedenis te verbeelden; met het Delfts blauw – ooit ontstaan via de VOC-reizen – kaart hij impliciet de schaduwzijde van met name de Nederlandse koloniale geschiedenis aan.

Delfts blauwe schilderijen van de Zuid-Afrikaanse schilder Johannes Phokela.

Detail uit het werk van Johannes Phokela.

Schoonheid en engagement

Natuurlijk, anders dan in deze Biënnale gesuggereerd, is de prominente aandacht voor ‘het globale zuiden’ niet nieuw. In meerdere grote exposities is dit de afgelopen vijftien jaar onder de aandacht gebracht, en twee jaar geleden was migratie nog het thema van de Biënnale-hoofdtentoonstelling. Vernieuwend kan je In Minor Keys dus niet noemen, en de meest prominent opgestelde werken zijn ook gewoon van bekende kunstenaars uit de grote kunstcentra: de Afro-Amerikaanse kunstenaar Nick Cave staat op meerdere plekken van het Arsenale-terrein met zijn aansprekende sculpturen van menselijke gestaltes waaruit takken en bloemen groeien. De Keniaans-Amerikaanse Wangechi Mutu, bekend om haar onderzoek naar zwarte vrouwelijke identiteit, vangt buiten alle blikken met haar beeld van een zwarte zeemeermin-sfinxachtige vrouw.

De kracht van deze expositie zit niet in zijn functie als breekijzer, zoals dat in 2024 nog de bedoeling leek, maar als viering van de rijkdom aan kunstvormen die in de ‘vergeten gebieden’ te vinden zijn. Veel van de uitgekozen werken zetten daarbij ook zonder enige terughoudendheid in op de visuele schoonheid als middel om hun boodschap over te brengen.

De sterke combinatie van schoonheid en engagement is bijvoorbeeld te vinden in Garden of the Broken Hearted van de Ethiopisch-Britse kunstenaar Theo Eshetu: op een spookachtig oplichtende ontwortelde olijfboom, wordt een film geprojecteerd van hoe de boom er vroeger uitzag – als een soort metafoor van ontworteling. Er zijn de schilderijen van de Vietnamees-Amerikaanse Tammy Nguyen, die met hun mengeling van organische vormen en geabstraheerde menselijke figuren uitstekend in een gemiddelde Londense galerie zouden passen, maar die achter de esthetische verschijning toch ook blijken te verwijzen naar de ‘Koude Oorlog en de Vietnam-oorlog’.

En als de ‘vergeten gebieden’ en de ‘vergeten thema’s’ zijn geweest, dan komen in de lange hal van de Arsenale ook nog de vergeten ecosystemen aan bod. Veel ruimte krijgt The End of the World, een tempelachtige zaal van de Chileense kunstenaar Alfredo Jaar, die mysterieus rood is verlicht. Helemaal aan het eind ervan bevindt zich een heel klein blokje in een vitrine, dat bestaat uit tien opgestapelde dunne laagjes zeldzame metalen, zoals tin, platinum en lithium, de onzichtbare „heilige objecten van de westerse economie”. Ze zijn cruciaal voor batterijen en smartphones, maar op de locaties waarin ze gewonnen worden ook een bron van politieke ontwrichting.

‘The End of the World’, van de Chileense kunstenaar Alfredo Jaar.

Nick Cave, ‘Amalgam (Resuscitation)’, 2025.

Palestijnse vlaggen

Met dit soort poëtische en esthetische verbeeldingen van verborgen machtsverhoudingen wil In Minor Keys zich onderscheiden – én op die manier een statement maken. Om die reden staat ook het indringende gedicht If I Must die van Refaat Alareer, die in 2023 in Gaza door een Israëlisch bombardement omkwam, als motto bij de deur van de Arsenale-expositie. Het is daarom de vraag hoe Kouoh het gevonden zou hebben dat de Arsenale-hal vrijdag voor de opening volhing met Palestijnse vlaggen en tekstborden over genocide – sommige letterlijk over de kunstwerken geplakt. Een deel van de kunstenaars en curatoren protesteerde hiermee tijdens de aangekondigde staking tegen de deelname van Israël, maar het gevolg voor de expositie was dat deze kunstwerken ineens tot een wel erg letterlijk statement werden.

Het luide activisme overstemde hier de zachte tonen – terwijl juist deze hoofdexpositie van de Biënnale wil laten zien dat niet in de schreeuw, maar in de zachtheid een onvermoede kracht ligt.

Beeldende kunst

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next