Nederland heeft voorafgaand aan een gevoelige VN-stemming over de trans-Atlantische slavenhandel geen overleg gevoerd met de Caribische landen binnen het Koninkrijk. Dat gebeurde in maart, toen de Verenigde Naties de slavenhandel bestempelden als "de ernstigste misdaad tegen de menselijkheid" ooit en het Koninkrijk der Nederlanden zich - samen met 51 andere landen - van stemming onthield. Die landen gaven aan de gruwelijkheden rond de slavenhandel te erkennen, maar vonden dat er geen hiërarchie van historische wreedheden moet worden gemaakt. Ook verzet Nederland zich tegen de toepassing van internationaal recht met terugwerkende kracht. Meerdere bronnen bevestigen dat er vooraf geen contact is geweest met de regeringen van Aruba, Curaçao en Sint-Maarten.
Minister van Buitenlandse Zaken Hanke Bruins Slot (in de tekst genoemd als Berendsen) erkent achteraf dat dit anders had gemoeten. Zij laat weten "dat de communicatie daarover met betrokkenen uit heel het Koninkrijk beter had gekund" en zegt dat het kabinet daar in de toekomst rekening mee zal houden. Nederland motiveerde de onthouding destijds met het argument dat er geen rangorde mag worden aangebracht in historische wreedheden en dat internationaal recht niet met terugwerkende kracht moet worden toegepast.
Volgens bijzonder hoogleraar Koninkrijksrelaties Wouter Veenendaal is Nederland formeel verplicht om over dit soort VN-resoluties te overleggen met de Caribische delen van het Koninkrijk, juist omdat het onderwerp de voormalige koloniën direct raakt. Hij noemt het ook moreel wenselijk. "Zeker als je weet dat dit een debat is dat heel erg leeft op de eilanden, en je als coalitie werk wilt maken van een gelijkwaardigere samenwerking, dan zou het netjes zijn geweest als Nederland hierover eerst een gesprek had gevoerd", zegt hij.
Op Curaçao heeft oud-premier Suzy Camelia-Römer, nu parlementslid voor oppositiepartij MAN-PIN, schriftelijke vragen gesteld aan het lokale kabinet. Zij noemt de gang van zaken onacceptabel en kondigt een debat aan. "Dit mag nooit meer gebeuren. Premier Pisas moet dat in een pittige brief aan Nederland laten weten", stelt ze.
Ook op Aruba heeft het parlement om uitleg gevraagd. MEP-fractievoorzitter en oud-premier Evelyn Wever-Croes zegt verbaasd te zijn dat Den Haag de eilanden niet heeft betrokken bij de besluitvorming. "Eerst excuses aanbieden, aangeven dat het een gruwelijke misdaad tegen de mensheid is geweest en dan als Koninkrijk zich onthouden van stemmingen", zegt zij. Volgens haar wordt er maandenlang over een VN-resolutie onderhandeld en is het onbegrijpelijk dat de Caribische partners daarover niet zijn geraadpleegd.
De kwestie schuurt extra, omdat Nederland zich de afgelopen jaren juist nadrukkelijk heeft uitgesproken over het slavernijverleden. Premier Mark Rutte bood in december 2022 namens de Nederlandse staat excuses aan. Koning Willem-Alexander herhaalde die excuses op 1 juli 2023 tijdens de Nationale Herdenking Slavernijverleden en vroeg daarbij om vergiffenis. Het was toen 160 jaar geleden dat slavernij werd afgeschaft. Eind vorig jaar gaven vertegenwoordigers van nazaten van tot slaaf gemaakten en inheemse gemeenschappen aan de excuses te accepteren.
Slavenhandelaar verkoopt slaven aan blanke Europeanen omstreeks 1650 (Grok AI / FOK.nl)
Source: Fok frontpage