Steeds meer huisdiereigenaren met een laag inkomen kunnen de rekening van de dierenarts niet meer betalen. Het noodfonds van de Dierenbescherming keert per dier een recordbedrag uit, en hulporganisaties geven aan de vraag nauwelijks nog aan te kunnen. Ondertussen stellen honderdduizenden baasjes zorg voor hun huisdier uit — of mijden de dierenarts volledig.
Recorduitkering noodfonds toont forse stijging dierenartskosten
De Eindhovense Sabrina kon de rekening voor haar ernstig zieke kat Milkey niet meer zelf betalen. Dankzij het noodfonds van de Dierenbescherming werd de operatie — een volledig aangetaste urineblaas — voor een groot deel vergoed. "Ontzettend dankbaar ben ik hiervoor. Anders was Milkey dood geweest", zegt ze.
Dat het noodfonds zo zwaar wordt aangesproken, verbaast woordvoerder Niels Kalkman van de Dierenbescherming niet. "Het bedrag dat we per dier uitkeren is nog nooit zo hoog geweest. Dit betekent dat de dierenartskosten de afgelopen jaren enorm zijn gestegen."
Volgens marktwaakhond ACM speelt ook de opkomst van commerciële ketens een rol bij die prijsstijging. Meerdere dierenartspraktijken zijn de afgelopen jaren overgenomen door zulke ketens, waarna de tarieven doorgaans omhooggingen. De ACM adviseert de landelijke politiek daarom een verbod in te voeren op commerciële prikkels, zoals bonussen voor dierenartsen die meer omzet behalen. (NOS)
Ruim 450.000 huishoudens met huisdier en krap inkomen
Volgens de Autoriteit Consument en Markt hebben ruim 250.000 Nederlandse huishoudens met een laag inkomen één of meer huisdieren. De Stichting Bevordering Huisdierenwelzijn komt op een nog hoger getal: 451.200 huishoudens, goed voor 857.280 honden en katten die mogelijk zonder adequate zorg zitten.
"Een ontzettend groot aantal dieren dat hulp nodig heeft", zegt Lilianne van Doorne van die stichting. Maar slechts een klein deel klopt daadwerkelijk aan voor hulp. Kalkman van de Dierenbescherming: "We zijn bang dat een heel grote groep gewoon niet meer naar de dierenarts gaat, of behandelingen maar uitstelt en uitstelt."
Gemeenten en dierenvoedselbanken zoeken oplossingen
De Stichting Bevordering Huisdierenwelzijn is vanwege de hoge vraag inmiddels beperkt tot Noord-Nederland. Door de sterke stijging van het aantal aanvragen en de hoge medische kosten biedt de stichting, werkend met een klein team vrijwilligers, vanaf 2025 alleen nog steun aan huisdiereigenaren in de provincies Noord-Holland, Friesland, Groningen, Drenthe, Overijssel en Flevoland. (Huisdierenwelzijn) De stichting onderhandelt 24/7 met dierenartsen over kortingen, zodat behandelingen snel kunnen worden ingezet.
Circa veertig gemeenten hebben inmiddels een eigen initiatief opgezet of zijn dat van plan. Grotere steden werken met een stadspas, kleinere gemeenten bieden subsidies of losse acties zoals sterilisatiespreekuren en chipacties aan. Daarnaast zijn er zo'n 55 dierenvoedselbanken, die eveneens moeite hebben de vraag bij te houden.
Dierenartsen zien gezondheidsproblemen escaleren
De Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Diergeneeskunde bevestigt het beeld. "Dierenartsen zien al langer dat mensen met een laag inkomen behandelingen vaker en langer uitstellen", aldus een woordvoerder. "Daardoor worden problemen pas in een ernstig of acuut stadium gezien, met dierenleed en juist hogere kosten tot gevolg."
Op de vraag of mensen met weinig geld wel een huisdier zouden mogen houden, reageert Kalkman van de Dierenbescherming beslist: "Arm zijn is niet altijd een keuze. Bovendien zie je vaak dat zo'n beestje ontzettend veel geluk kan brengen in een moeilijk leven."
Kat bij de dierenarts (@Gemini-AI-impressie)
Source: Fok frontpage