Libië hoort op dit moment tot de goedkoopste landen ter wereld om te tanken: automobilisten betalen daar omgerekend slechts 2 cent per liter benzine. Terwijl de prijzen door de blokkade van de Straat van Hormuz en de oorlog in het Midden-Oosten wereldwijd oplopen, kost een volle tank van 50 liter in het Noord-Afrikaanse land nog altijd maar zo’n 1 euro.
Volgens cijfers van GlobalPetrolPrices staan ook Iran en Venezuela in de absolute top van de goedkoopste tanklanden. In Iran ligt de benzineprijs eveneens rond de 2 cent per liter, in Venezuela betalen automobilisten ongeveer 3 cent. In deze landen is benzine daarmee nauwelijks duurder dan water, zeker vergeleken met de rest van de wereld.
Die extreem lage prijzen komen vooral door zware overheidssubsidies. In veel olieproducerende landen verkoopt de staat brandstof onder de kostprijs om de bevolking financieel te ontzien. De olie wordt in eigen land gewonnen en geraffineerd; de uiteindelijke prijs aan de pomp is vooral een politieke keuze en niet zozeer een afspiegeling van de internationale olieprijs.
Subsidies zijn echter niet voorbehouden aan landen met grote olievoorraad. Malta voerde in 2013 een wettelijke maximumprijs voor benzine in van 1,34 euro per liter. Zodra de marktprijs daarboven uitkomt, legt de Maltese overheid het verschil bij. Door de beperkte bevolkingsomvang van ongeveer een half miljoen inwoners blijven de totale kosten voor de staatskas beheersbaar.
In Nederland ziet het plaatje er anders uit. Hier bestaat de benzineprijs voor meer dan de helft uit belastingen en accijnzen, waaronder eerdere tijdelijke verhogingen die nooit zijn teruggedraaid. Daarbovenop komen kosten voor raffinage, transport en winstmarges van oliemaatschappijen, waardoor de prijs voor Euro 95 sinds begin mei rond de 2,63 euro per liter ligt.
Dat een grote olieproductie niet automatisch leidt tot goedkope benzine, blijkt uit Noorwegen. Dit land is een belangrijke olie-exporteur, maar kent toch een van de hoogste benzineprijzen van Europa, mede door hoge belastingen en klimaatmaatregelen. Wereldwijd ligt de gemiddelde benzineprijs volgens GlobalPetrolPrices rond de 1,20 euro per liter, waardoor Nederlandse automobilisten duidelijk boven het mondiale gemiddelde uitkomen. Het prijsverschil tussen landen wordt grotendeels bepaald door belastingbeleid, subsidies en nationale keuzes over energie en mobiliteit.
Zo wordt tanken weer leuk (Afbeelding: Grok AI / FOK.nl)
Source: Fok frontpage