Een kind krijgen Op zoek naar verhalen over moederschap viel het Milou Deelen op hoe zwaar de toon vaak was. Ze gingen over uitputting, twijfel en angst. Zelf vindt ze het leven met een baby vooral leuk.
Foto's uit de serie 'Sorry I Gave Birth I Disappeared But Now I’m Back'.
Afgelopen oktober werd ik, zes dagen voor mijn dertigste verjaardag, moeder van een dochter. Zeven maanden later valt het leven met een baby me, verrassend genoeg, lichter dan ik had verwacht. Ik had best wel een doemscenario voor ogen: het ouderschap als een uitputtingsslag waarin je altijd moe bent en geen tijd meer hebt voor vrienden of je relatie, laat staan voor jezelf. Vrijheid zou verleden tijd zijn.
Ik voel me mentaal en fysiek hetzelfde als voor mijn zwangerschap, ik werk nog evenveel (en met evenveel plezier) en ik ga nog naar de kroeg met vrienden. Meerdere keren per nacht wakker worden vind ik prima en sinds ik ben gestopt met borstvoeding wissel ik de nachten af met mijn partner. Ook is onze relatie niet onder druk komen te staan, terwijl ik daar wel voor was gewaarschuwd. Mijn partner en ik wilden haar in ons leven voegen en niet dat alles voor haar zou wijken. Het leven voelt hetzelfde als voorheen. Alleen is er nu een baby en sinds zij er is voel ik me gelukkiger en sterker dan ooit.
Toen ik mijn vrolijke ervaring deelde in de NRC-rubriek Spitsuur en op Instagram, kreeg ik honderden reacties. Veel mensen noemden het „verfrissend” en „een verademing” om eindelijk eens een positief geluid over het ouderschap te horen. Tegelijkertijd riep het ook frustratie en zelfs woede op. „Jij hebt gewoon geluk met je baby”, is een verwijt dat veel in de reacties voorkwam. Ook waren er ouders die zich in mijn verhaal herkenden. Een moeder stuurde in een privébericht: „Ik ervaar het net zoals jij, maar ik trap vaak op de rem bij het delen van mijn geluk.”
Tijdens mijn zwangerschap en toen ik nadacht over mijn mogelijke kinderwens, ging ik op zoek naar verhalen over moeder worden en het leven met een baby. Ja, op Instagram barst het in de baby-algoritmes van blijde zwangerschapsaankondigingen, maar ik kwam ook talloze documentaires, boeken, artikelen, podcasts en verhalen over het ouderschap tegen. Wat me opviel, was dat die verhalen vaak zwaar van toon waren. Ze gingen, behalve over de immense liefde die je voor je kind kunt voelen, over jezelf verliezen en wegcijferen, schuldgevoelens, uitputting, twijfel en angst, over alles wat je moet opgeven en afscheid nemen van je ‘oude leven’.
Ik was ook (of vooral) op zoek naar verhalen van ouders die zeiden dat het leven met een baby leuk kan zijn. Ik wilde me verheugen, maar hield vaak mijn hart vast als ik dacht aan alles wat er komen zou. Bestonden die fijne, positieve verhalen dan niet? Of werden ze minder verteld? Horen we tegenwoordig vooral de niet-rozewolk-verhalen?
In het boek Soms wil ik een kind (2023) staan twijfels over de kinderwens centraal, Regretting Motherhood (2017) gaat over spijt hebben van het moederschap, en in Al die liefde en woede (2022) gaat het over ambivalente gevoelens: naast blijdschap ook woede voelen door de geboorte van een kind. Er verschijnen boeken over het moederschap die worden aangekondigd als „radicaal eerlijk” (Moeders of loeders – ongefilterd, verschijnt juni 2026) en ”taboedoorbrekend” (Mama huilt harder, 2024). In februari verscheen het boek Waar is mijn roze wolk? over psychiatrische klachten tijdens en na de zwangerschap. In de documentaire De Goede Moeder (2025) vertellen drie moeders over het moment dat het ouderschap hen te veel werd. Ze voelden enorme druk om alles ‘perfect’ te doen.
Volgens de organisatie Vrouwen in Beeld, die zich inzet om de arbeidsmarktpositie en zichtbaarheid van vrouwen in Nederlandse films en op tv te verbeteren, worden moeders vaak stereotiep en eenzijdig neergezet: als zorgende vrouwen die zichzelf opofferen. Het is zeer welkom dat makers meer gelaagde personages laten zien, in films zoals If I Had Legs I’d Kick You (2025) en Mother’s Baby (2026). Maar moederschap wordt daarin ook neergezet als een ramp.
Film- en cultuurjournalist Floortje Smit schreef in het Filmjaarboek 2025/2026, een jaarlijks overzicht van bioscoopfilms in Nederland, dat de doordraaiende moeder-films onderdeel uitmaken van een bredere culturele trend. „De blik op moederschap kantelt, dat zie je niet alleen in films, maar ook in boeken, zoals Monsterlijk moederschap [van Jozefien van Beek], en in tentoonstellingen, zoals Good Mom/Bad Mom [in het Centraal Museum in Utrecht, 2025]. Dat heilige beeld van moeders, als een soort Maria, wordt onderuit geschoffeld. Het is ongelooflijk bevrijdend dat dingen die niet werden benoemd nu wel worden benoemd.”
Milou Deelen is schrijver en journalist.
Vorige maand postte influencer en ondernemer Anna Nooshin (bijna een miljoen volgers) op Instagram over haar nieuwe boek over moederschap dat binnenkort verschijnt. Ze schreef: „Je gaat twijfelen aan alles, je gaat jezelf kwijtraken, je gaat denken dat het aan jou ligt. En niemand zegt dat hardop… tot nu.” Er zullen mensen zijn die zich gezien voelen door haar woorden, maar het wordt gepresenteerd alsof moederschap voor iedereen hetzelfde is. Dat doet me denken aan de campagne uit 2022 van het luxueuze draagzakkenmerk Artipoppe, met de slogan Motherhood is easy. Natuurlijk stuitte die op veel kritiek. Zowel de ene als de andere lezing presenteren als de waarheid, als een gegeven voor alle moeders, is te dwingend.
Misschien is het logisch dat er geen boeken bestaan met de titel: Ik kreeg een baby en het was appeltje-eitje. Verhalen gaan in principe nooit over iets wat alleen maar makkelijk of leuk is. Maar daardoor worden bepaalde verhalen niet verteld en dat is zonde. Paula Speetjens, onderzoeker aan Maastricht University, doet promotieonderzoek naar het welbevinden van ouders. „Mijn onderzoek laat zien dat ook in de wetenschappelijke literatuur van afgelopen vijftien jaar weinig ruimte is geweest voor het hedonistisch positief deel, ofwel de mooie dingen van het ouderschap.” De conclusie is gebaseerd op een literatuurstudie van 58 onderzoeken. „Opvallend is dat met ‘welbevinden’ vaak de afwezigheid van postpartum depressie, stress of zorgen over kinderen werd bedoeld. In plaats van een positieve aanwezigheidsbenadering: aanwezigheid van geluk, voldoening, levensvreugde. Dit versterkt het negatieve perspectief op ouderschap.”
Jarenlang was het geromantiseerde ‘roze-wolkideaal’ dominant, zo komt naar voren in de documentaire Roze Wolk (2016). Kinderen krijgen was het „beste wat je kon overkomen” en het leven met een versgebakken baby was „de mooiste tijd van je leven”. Voor veel ouders viel dat tegen. Er was weinig ruimte om te praten over postnatale depressies, traumatische bevallingen en kraamweken vol pijn en verdriet. Eeuwenlang werd het moederschap nauwelijks bevraagd. Moeder worden was iets wat je deed als vrouw, iets dat van je werd verwacht.
In 1998 verscheen het boek Hoezo roze wolk? van Marianne Cuisinier en Janny Smit Wiersinga, over depressief zijn na de bevalling. Het was een van de eerste boeken in Nederland die het idee van de roze wolk bekritiseerden. Door emancipatie kregen (pakten! bevochten!) vrouwen de ruimte om hierover te praten. De problemen waar moeders mee te maken krijgen zijn echt: de babyboete, zwangerschapsdiscriminatie, bekkenproblematiek, postnatale depressie, dure kinderopvang, de ongelijke rolverdeling. Alleenstaande ouders, vooral moeders, lopen een relatief groot risico op armoede.
Door (schrijvende) vrouwen is hier nu meer aandacht voor dan ooit. Dat is bevrijdend en noodzakelijk geweest; daarmee kregen moeders eindelijk meer erkenning. Alleen lijkt het beeld van de roze wolk te zijn ingeruild voor – of zelfs te zijn doorgeschoten naar – een tegenovergesteld narratief.
Dat ik het leven met een baby als makkelijk ervaar, betekent niet dat ik vind dat ik het beter doe dan een ander. Ik heb het geluk dat ik me van nature niet zo snel zorgen maak en ik had een goede start: zwanger zijn en bevallen vond ik geweldig, de borstvoeding ging soepel en mijn herstel ging vlot. Als jij tijdens je bevalling bijna doodbloedt, je baby twaalf weken te vroeg wordt geboren, of als je baby heel veel huilt, dan zit je er anders bij. Het is totaal oneerlijk: de een loopt in de zon, de ander niet. De omstandigheden waarin je een kind krijgt, spelen ook een grote rol in hoe iemand het ouderschap ervaart. Heb je geld voor babyvoeding, luiers, kinderopvang? Heb je een sociaal vangnet? Een betrokken partner? Überhaupt een woonplek?
Het zijn vooral witte, hoogopgeleide vrouwen die over het moederschap publiceren. Ook ik praat en schrijf vanuit mijn (geprivilegieerde) particuliere ervaring. Ik roep steeds dat ik mijn baby gewoon meeneem naar de kroeg, maar ik heb tijd en geld om naar de kroeg te gaan en een baby die ik makkelijk kan meenemen. En je kan het ook als zwaar ervaren terwijl alles op papier ideaal lijkt – en andersom. Het is subjectief en de een gaat nou eenmaal lichtvoetiger door het leven dan de ander.
In een artikel in de Britse krant The Times, met de kop ‘Negative tales of motherhood nearly put me off having a baby‘, beschrijft journalist Alexandra Jones dat ze bang was om moeder te worden. Het zou het einde van haar romantische relatie en carrière betekenen. Dat idee was gebaseerd op boeken, films, tv-shows, sociale media (#mumtokmeltdowns) en ook uit de verhalen van vrienden, waarin het vaak ging over jezelf verliezen, uitputting, constante stress, isolatie. Dat was niet haar ervaring.
Door de zware verhalen die de afgelopen jaren de boventoon voeren, heb ik ook getwijfeld aan het moederschap. Want als het zo ontwrichtend zou zijn, wilde ik het dan wel? Maar ik zag en hoorde ook van mensen in mijn omgeving hoe fantastisch ze het ouderschap vinden. Mensen moeten zelf weten of ze ouder willen worden, maar geen kind willen krijgen omdat je bang bent geworden lijkt me doodzonde.
Het is goed, en ik denk voor sommige vrouwen zelfs levensreddend geweest, dat er over problemen wordt geschreven. Dat is belangrijker dan mensen die het als makkelijk ervaren en dat gerepresenteerd willen zien. En toch is dat ook belangrijk. Columnist Sarah Sluimer vroeg zich vorige maand in deze krant af wie er geholpen is met het moederschap als ‘walk in the park’ te presenteren. Ik ben ervan overtuigd dat er ruimte moet zijn voor alle verhalen en perspectieven – zeker de moeilijke, maar ook de blije. Omdat die verhalen bestáán en omdat er behoefte aan is. Het boek Goed Bevallen – verhalen over uiteenlopende bevallingen, maar met de gemene deler dat de moeders er positief op terugkijken – van verloskundige Geke Born heeft eraan bijgedragen dat ik vol vertrouwen de bevalling inging.
Waarom roept het woede op als een moeder onomwonden deelt dat ze gelukkig is en het haar makkelijk afgaat? Mijn ouders hebben altijd gezegd dat het leven met vier kinderen hun niet zwaar viel. En als ze dat vertelden, waren er mensen die hen niet geloofden. Het ouderschap, en vooral het moederschap, is een gevoelig onderwerp. Ik wil andere vrouwen niet onzeker maken. Het helpt niet om elkaar de maat te nemen over hoe je het moederschap ervaart. Die neiging hebben we, versterkt door sociale media, en dat is contraproductief.
Juist in tijden waarin radicaal-rechts en bredere conservatieve stromingen vrouwen het liefst willen reduceren tot moeders, is het belangrijk om te benadrukken dat moederschap veelkleurig is. Het ouderschap leuk vinden, staat niet gelijk aan wat tradwives doen: het verheerlijken van de traditionele rolverdeling tussen mannen en vrouwen.
„Er is over het algemeen weinig nuance in het narratief over moederschap, vooral op sociale media”, zegt Rosemarie Buikema, hoogleraar kunst, cultuur en diversiteit aan de Universiteit Utrecht. „Ik kan me voorstellen dat je, als je die overvloed aan roze verhalen ziet, de behoefte krijgt om met modder te gaan gooien. Maar de meerderheid van die moddergooiers heeft vast en zeker tegelijkertijd ook zeer liefdevolle moederlijke gevoelens.” Volgens Buikema is het van belang nieuwe woorden, beelden en verhalen te creëren waarin de complexiteit van het moederschap vorm kan krijgen. „Daar zijn we met z’n allen mee bezig.”
Voor de meeste mensen is het ouderschap niet een roze óf donkere wolk. Soms is het een oranje wolk, dan gifgroen en soms is het alles tegelijkertijd. Dat kan natuurlijk naast elkaar bestaan: je kunt een baby het meest belangrijke en bijzondere in je leven vinden en tegelijkertijd het ontzettend zwaar vinden.
Mijn baby is nu zeven maanden, en iemand op Instagram reageerde: „Doen alsof je het ouderschap al helemaal hebt uitgevonden is wellicht wat voorbarig.” Het lijkt me nogal wiedes dat deze eerste zeven maanden geen garantie zijn voor de toekomst. Een volgende fase (of baby) kan me minder makkelijk afgaan. Maar wie dan leeft, wie dan zorgt. En dan hoop ik dat ik het andere vrouwen gun bij wie het makkelijk gaat – en hun ervaringen teruglees.
De foto’s bij dit artikel zijn afkomstig uit de serieSorry I Gave Birth I Disappeared But Now I’m Back (2016-2022) van fotograaf Andi Gáldi Vinkó.