DNA-leider Gidi Markuszower blijft bij zijn extreme uitspraken, maar denkt niet dat hij daardoor een paria zal worden. „Ik kan niemand dwingen met mij te praten, maar ik denk dat iedereen tot 76 moet tellen.”
Gidi Markuszower in de Tweede Kamer.
Gidi Markuszower had zich „beter, scherper, gepaster en charmanter moeten uitdrukken” toen hij dinsdag in een interview met het links-activistische journalistieke platform Left Laser zei dat Palestijnse asielzoekers met „maximaal geweld” moeten worden tegengehouden. In hetzelfde interview zei Markuszower dat Palestijnen van hem ook „in de Gazastrook mogen verpieteren”.
Vrijdag zei hij dat tegen Sven Kockelmann op Radio 1. „Het was niet mijn beste interview per se, maar de inhoud staat.” De uitspraken van Markuszower zijn volgens de ngo The Rights Forum een oproep tot geweld, die organisatie klaagt hem aan.
Markuszower zei tegen Kockelmann dat hij had bedoeld dat de marechaussee alle middelen die binnen de grenzen van de wet tot de beschikking staan moet gebruiken om Palestijnse asielzoekers te weren – hij had het over de „grote geweren” van de marechaussee. Over de marechaussee ging het in het interview met Left Laser niet.
Kockelmann vroeg Markuszower of hij „met vuur” speelde dinsdag. Volgens Markuszower zijn het juist politici die beloven streng op asiel te zijn maar dat niet waarmaken, die „olie op het vuur gooien”. Telefonisch laat Markuszower aan NRC weten daarmee niet per se te doelen op de coalitie, maar op de politiek in het algemeen. „Ik heb geprobeerd de temperatuur van de samenleving te duiden”, zegt hij. Dat politici hun campagnebeloftes niet nakomen, zegt Markuszower, „dát zorgt voor onrust, daar worden mensen knettergek van”.
De uitspraken deed Markuszower op meerdere manieren op een kwetsbaar moment. In Loosdrecht en andere gemeentes komen rellende menigten al weken af en aan in confrontatie met de politie. Deze week staken rellende demonstranten een asielnoodopvang bijna in brand waarin al mensen werden gehuisvest, en belemmerden zij de brandweer bij het blussen. En vorige week vrijdag duwde een man een explosief door de brievenbus bij het D66-partijkantoor in Den Haag. Volgens het OM gaat het om een terroristische daad.
Experts waarschuwen: zulke acties hangen samen met het taalgebruik van politici. Gedragen zij zich heftiger, dan voelen mensen zich gelegitimeerd om geweld of intimidatie in te zetten. Minister van Jusitie David van Weel (VVD) zei: „Oproepen tot geweld keur ik altijd hard af.” Hij benadrukt dat politici zorgvuldig hun woorden moeten kiezen „zeker in deze tijd waarin het debat toch al verhit is”. Volgens Markuszower is het „niet handig van Van Weel, dat hij een juridische kwalificatie geeft voordat het OM zich erover heeft gebogen”.
Markuszower staat al jaren bekend in Den Haag als een politicus met zeer extreme opvattingen. Zo noemde hij criminele asielzoekers „Afrikaanse beesten”. In januari splitste Markuszower zich af van de PVV en nam hij zeven zetels mee. Hij beschuldigde partijleider en goede vriend Geert Wilders ervan zijn eigen verkiezingscampagne te hebben gesaboteerd en helemaal niet uit te zijn op bijvoorbeeld strengere asielmaatregelen. Markuszower wilde wél concessies doen, dingen bereiken.
Tegelijk was niemand in Den Haag vergeten wat voor denkbeelden Markuszower erop nahoudt: hij noemde zichzelf nog altijd „PVV-hard”. Hij mocht geen vicepremier worden in het kabinet-Schoof omdat hij door de AIVD als veiligheidsrisico was aangemerkt. Maar met zeven zetels was van meet af aan duidelijk dat hij belangrijk kon zijn voor de minderheidscoalitie. Rob Jetten (D66) zei tijdens de formatie al „voldoende aanknopingspunten” te zien bij Markuszower. Een maand later behoedde de Groep Markuszower samen met de SGP Jetten ervoor dat zijn AOW-bezuiniging direct zou worden weggestemd. Dat was een belangrijke afgestemde politieke actie, in samenwerking met de coalitiepartijen.
Binnen de coalitie werd gezegd: Markuszower speelt het slim door zich behulpzaam op te stellen richting het kabinet. Zó kan hij zichzelf onderscheiden van de PVV, en kan de coalitie makkelijker aan meerderheden komen. Maar Markuszower is niet alleen maar bezig met zichzelf salonfähig maken voor het politieke midden, blijkt om de haverklap.
In april presenteerde hij de naam van zijn nieuwe partij, De Nederlandse Alliantie. De naam wordt expliciet afgekort tot DNA, en Markuszower spreekt van het „DNA van Nederland”. Het is onmogelijk om daar geen etnische verwijzing in te zien, vinden andere politici.
Ook met zijn uitspraken van afgelopen week maakt Markuszower het steeds lastiger voor het kabinet om op hem te leunen. Coalitiepolitici die reageren noemen zijn uitspraken massaal een schande. D66-fractievoorzitter Jan Paternotte spreekt van „complete idiotie”, een D66-woordvoerder noemt de uitspraken „compleet mesjogge en hartstikke gevaarlijk”. CDA-leider Henri Bontenbal laat weten: „Deze uitspraken passen in een gevaarlijke trend waar in de politiek en de samenleving over asielzoekers wordt gesproken alsof het geen mensen zijn.”
VVD-fractievoorzitter Ruben Brekelmans zegt: „Politici hebben een grote verantwoordelijkheid. Daar passen dergelijke uitspraken niet bij.” Hij maakt voornamelijk een praktisch punt. Volgens hem leidt „dit soort schadelijke taal” af van „de vraag waar het om gaat”. Namelijk: „Hoe krijgen we grip op migratie en brengen we de asielinstroom omlaag.”
Achter de schermen valt bij de coalitie te horen dat er nog geen overleg is geweest over Markuszower. Of een samenwerking zoals bij de stemming over de AOW-bezuiniging nog mogelijk is, weten ze niet. De VVD weet ook niet precies hoe de samenwerking met DNA te definiëren, D66 ontkent dat die er überhaupt is geweest. Markuszower zei er zelf over tegen Kockelmann: „Ik kan niemand dwingen met mij te praten, maar ik denk dat iedereen tot 76 moet tellen.” Hij bedoelt: met zijn zeven zetels is hij nog altijd belangrijk voor de minderheidscoalitie.