Leerplichtambtenaren weten niet wat ze aanmoeten met de 2500 kinderen in Nederland die vanwege de levensovertuiging van hun ouders niet naar school gaan. Van de Hoge Raad mag zo'n vrijstelling alleen nog gegeven worden als er geen openbare school in de buurt is. Maar dat zegt niks over wie al vrijstelling heeft.
Het aantal kinderen dat vanwege de levensbeschouwing van hun ouders niet naar school hoeft, loopt hard op. "In 2017 waren het er 800, maar in schooljaar 2023-2024 waren het er al 2.475", zegt Eva de Jong van het Nederlands Jeugdinstituut (NJi) tegen NU.nl. Schattingen van nieuwere cijfers gaan richting de 2.850.
"Het zijn kinderen van ouders die bijvoorbeeld een bepaalde fundamentele richting van het christendom of de islam aanhangen of om een andere reden zó in het leven staan, dat ze daar geen enkele school bij vinden passen. Bijvoorbeeld omdat ze vinden dat ze hun kind zelf het beste kunnen lesgeven. Of dat hun kind op zijn of haar eigen tempo moet leren", vervolgt De Jong.
"Als ouder kun je je beroepen op artikel 5 onder b van de leerplicht, dan hoef je je kind niet in te schrijven op een school", vertelt Josien van Putten, vicevoorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Thuisonderwijs (NVvTO). "Maar dan zijn ouders wel verplicht om zelf te voorzien in de ontwikkeling en educatie van hun kind."
Dat klinkt alsof ze thuisonderwijs moeten gaan geven, maar dat bestaat officieel helemaal niet in Nederland. Er bestaan geen voorwaarden voor en er is geen enkel toezicht op. Met een vrijstelling kun je dus ook besluiten helemaal geen onderwijs te geven.
De Jong: "Er zijn vast veel ouders die hun thuisonderwijs heel doordacht en goed geregeld hebben. Maar door het gebrek aan toezicht zou het ook heel erg slecht kunnen gaan met die kinderen. We weten het simpelweg niet, die kinderen zijn niet in beeld."
In YouTube-programma BOOS kwamen dinsdag twee thuisonderwezen jongeren aan het woord die slecht waren opgeleid en zelfs mishandeld werden, zonder school die de kinderen in de gaten hield. Maar door dat gebrek aan toezicht is volstrekt onduidelijk hoe vaak het zo misgaat.
Daar komt nog bij dat het Openbaar Ministerie zaken met mogelijk misbruik van '5 onder b' niet meer in behandeling neemt. Dat komt doordat de wet en jurisprudentie niet altijd even duidelijk waren en veel leerplichtambtenaren die verschillend interpreteerden en verschillend handelden. In de ene gemeente is vrijstelling een kwestie van een formulier invullen, in de andere wordt het OM ingeschakeld als kinderen mogelijk onterecht niet naar school gaan. Rechtsongelijkheid, vindt het OM, dat daarom haar handen ervanaf trok.
Een uitspraak van de Hoge Raad, de hoogste rechter, moest uitkomst bieden. Die bepaalde op 21 april dat kinderen alleen nog '5 onder b'-vrijstelling mogen als er geen openbare school in de buurt is. "Voor basisscholen is dat 6 kilometer, voor middelbare scholen 20 kilometer", zegt bestuurder Corien van Starkenburg van Ingrado, de vereniging van leerplichtprofessionals.
De uitspraak klinkt als klare taal. Maar wat de Hoge Raad níet heeft gezegd, is wat er moet gebeuren met de 2.500 kinderen die nu al vrijstelling hebben. "Ouders moeten elk jaar vóór 1 juli een zogeheten herhaalberoep indienen bij de leerplichtambtenaar", legt Van Starkenburg uit.
Dat was in veel gevallen elk jaar een formaliteit. "Maar we weten niet hoe we nu moeten omgaan met die herhaalberoepen. Moeten we alles vanaf nu afkeuren? Of 'redelijkheid en billijkheid' een rol laten spelen? Komt er een overgangsperiode?"
"En stel dat een gezin een herhaalberoep indient voor het oudste kind en een eerste beroep voor een jonger kind dat net leerplichtig wordt. Moeten we dat dan langs twee verschillende latten gaan leggen?" Kortom: een hoop onduidelijkheid, terwijl 1 juli nadert. Van Starkenburg is erover in gesprek met het OM en het ministerie van Onderwijs.
De vereniging voor thuisonderwijs is kritisch op de hele uitspraak. Van Putten: "De Hoge Raad kan geen wetten schrijven, alleen bestaande wetten uitleggen, maar lijkt nu op de stoel van de wetgever te zijn gaan zitten. De wet is dus niet veranderd. Bovendien is de uitspraak algauw verhaspeld naar 'ieder kind kan wel op het openbaar onderwijs terecht'. Maar zo zien wij dat niet. En daarmee doe je het bestaansrecht van al die niet-openbare scholen tekort."
Ze doelt op onder andere christelijke, islamitische, interconfessionele en humanistische scholen. "Als openbaar onderwijs voor iedereen zou zijn, waarom hebben we dan nog bijzondere scholen?"
De vereniging pleit voor thuisonderwijs in de wet inclusief toezicht, in plaats van strengere vrijstellingseisen. "En anders gaan gezinnen wel verhuizen naar België of Denemarken, waar thuisonderwijs wel kan."
Ondanks de onduidelijkheid is het Nederlands Jeugdinstituut blij met de uitspraak. "Wij zijn niet per se voor of tegen thuisonderwijs, maar wel tegen deze constructie zonder enig toezicht. Je wilt dat de ontwikkeling van kinderen in de gaten gehouden wordt. En nog belangrijker: dat het leert omgaan met anderen in deze samenleving. Omgaan met andere meningen en zienswijzen. Hoe meer kinderen naar school gaan, hoe minder kinderen er zijn waarmee het potentieel slecht zou kunnen gaan."
Source: Nu.nl algemeen