Je ziet een voetbalwedstrijd, je hoort de stemmen van de jongens op het veld: in de voorstelling Play//No Play vertellen 22 jonge amateurvoetballers wat het voor hen betekent om man te zijn. Hoeveel invloed heeft de manosfeer?
schrijft voor de Volkskrant over Amerikaanse sporten.
Bij de ingang van het sportcomplex van voetbalclub SDW worden koptelefoons uitgedeeld die normaal gesproken te zien zijn bij silent disco’s. Maar gedanst zal er op deze zondagmiddag in Amsterdam Nieuw-West niet worden. Als de ongeveer 120 toeschouwers de apparaten hebben opgezet en plaatsnemen op de tribune, klinken de stemmen van de jonge voetballers die op het hoofdveld een (deels) geënsceneerde wedstrijd spelen.
Te horen zijn de interviews die regisseur Marjolein Frijling en oud-profvoetballer en theatermaker Rory de Groot voor hun voorstelling Play//No Play met hen hielden. Urenlang spraken ze met de spelers van twee jeugdteams van SDW (Sterk Door Wilskracht), jongens van 15, 16 en 17 jaar oud, over thema’s die hun leven beheersen: geld, sociale media, meisjes en, zo blijkt, opmerkelijk veel fitness.
De gesprekken gingen over hoe het is om je als jongen kwetsbaar op te stellen, welke dromen de jongeren najagen en vooral over wat mannelijkheid voor hen betekent. ‘Je moet groot en sterk zijn, verantwoordelijkheid nemen en je emoties controleren’, klinkt een van de tienerstemmen aan het begin van de voorstelling.
Een andere, daarna: ‘Het is belangrijk om veel geld te verdienen, in elk geval meer dan de vrouw.’ Op de tribune stoot een meisje gniffelend haar jongere broertje aan.
Om jongens zoals de voetballers die in Amsterdam op het kunstgrasveld staan, is momenteel veel te doen. Rond hun leeftijd kunnen ze tegenwoordig makkelijk ten prooi vallen aan de zogeheten manosfeer, een online bolwerk van mannelijke influencers die oerconservatieve en vaak vrouwonvriendelijke denkbeelden verspreiden.
De afgelopen tijd spraken onder anderen onderwijzers en begeleiders uit de jeugdzorg hun zorgen uit over de invloed van de manosfeer, die zich vooral op sociale media manifesteert.
Frijling ziet hoe tienerjongens in de maatschappij onder een vergrootglas liggen. ‘Er wordt zo veel over ze gesproken dat ik me best kan voorstellen dat ze even niet meer weten welke kant ze op moeten’, zegt de theatermaker. ‘Het leek ons goed om, in plaats van óver ze te praten, daadwerkelijk het gesprek met ze aan te gaan.’
In een paars broekpak loopt Frijling tijdens de voorstelling met een laptop in haar handen langs de zijlijn. Via een headset stuurt ze de 22 voetballers op het veld aan; om de instructies te kunnen ontvangen, dragen ook zij koptelefoons. ‘Dit moet echt sneller’, klinkt het eerder tijdens de repetitie. ‘Goed zo, boys.’
In de twee teams van SDW, een Onder 16- en Onder 17-ploeg waarvan de spelers voor het evenwicht door elkaar zijn gehusseld, vonden de theatermakers dankbare hoofdrolspelers. Een paar jongens wilden liever niet meedoen, maar de meesten praten opvallend openhartig over hun twijfels en onzekerheden.
Ongeveer halverwege de voorstelling komen er barsten in het pantser van de jonge voetballers. ‘Een man moet sterk zijn, gemaakt om te vechten’, zegt een van hen. Maar bij een knokpartij in de stad, zo vertelt dezelfde jongen, bevroor hij terwijl een goede vriend in elkaar werd geslagen. Het deed zijn zelfbeeld wankelen.
Een jongen van Algerijnse afkomst deelt met het publiek dat hij de druk voelt om zijn vader, zijn rolmodel, trots te maken, omdat die als immigrant de nodige offers heeft gebracht. Een ander vertelt hoe hij een meisje mee uit eten nam voor een eerste date, haar stoel aanschoof en de rekening na afloop betaalde, omdat hij wist dat het zo hoorde.
‘Jongens van deze leeftijd zijn heel goed in het doen alsof er niks aan de hand is’, zegt Frijling, ‘maar als je ze de ruimte geeft, willen ze echt wel praten. Dan merk je dat er bij vrijwel iedereen veel meer speelt dan ze laten zien.’
Tijdens de voorstelling wordt echt gevoetbald, zij het met de rem erop. Af en toe wordt het spel stilgelegd voor geregisseerde momenten. Coregisseur De Groot speelt de rol van scheidsrechter. Na een opstootje dartelt hij met hoog geheven knieën over het veld om met een kaarsrecht gestrekte arm een paar gele kaarten uit te delen.
Op een ander moment gaat arbiter De Groot de voetballers voor in het uitvoeren van een reeks fitnessoefeningen op de middenlijn. Gevraagd naar hun dromen, zeggen sommige jongens bodybuilder te willen worden of ‘iets met fitness’ te willen doen. Een van de stemmen zegt dat hij wel zes tot zeven keer per week in de sportschool zit. ‘Dat was voor ons echt een eyeopener’, zegt Frijling.
De Groot weet als geen ander dat het uiten van twijfels of gevoelens in de voetbalwereld bepaald geen vanzelfsprekendheid is. De Rotterdammer doorliep de jeugdopleiding van Feyenoord, speelde twee wedstrijden in de hoofdmacht, maar stopte op jonge leeftijd na een reeks tegenslagen. Sindsdien heeft hij zich op theater gestort.
De voetbalwereld was toch al niet de zijne. ‘Er heerst nog altijd een cultuur van machismo’, zegt De Groot. ‘Mannen moeten hard zijn, mogen geen emoties tonen. Het clichébeeld van de man, dat je ook terugziet in de manosfeer, is nog altijd aanwezig. Maar gelukkig komen daar nu eindelijk scheuren in. Er zijn steeds meer topvoetballers die vertellen hoe zij hebben geworsteld op mentaal vlak. Dat gaat zeker invloed hebben op de breedtesport.’
Nee, in de jeugdopleiding bij Feyenoord kon De Groot lang niet altijd zichzelf zijn. ‘Ik kon goed leren en vond dat ook leuk. Ik hield van discussiëren. Maar zodra ik me ergens in mengde, werd gezegd: o, daar heb je de professor weer. En dan stopte het. Dus deed ik maar gewoon mee met alle foute mannengrappen, ook om te overleven.’
In het voetbal wordt kwetsbaarheid gezien als een zwakte, zegt De Groot. ‘Het kan je mogelijk buiten de groep plaatsen.’ Des te meer is hij onder de indruk van de interviews die hij had met de jeugdspelers van SDW. ‘Het is knap hoe open ze waren, maar ook hoe ze hun gedachten en gevoelens konden formuleren.’
De boodschap van de makers: luister naar de jongeren. Nog twee zondagen speelt hun voorstelling op het terrein van SDW, maar als het aan Frijling en De Groot ligt, krijgt die in zekere vorm een vervolg in andere delen van het land. De Groot: ‘Op deze manier kunnen ouders en begeleiders inzicht krijgen in wat er onder jongeren speelt.’
Voor de voorstelling maakten de voetballers een uitzondering. ‘In het team praten we eigenlijk nooit over gevoelens’, onthult een van de stemmen. ‘Ik zie het nut er ook niet van in.’
Toch probeert Onder 16-coach Tom van Doesburg een vinger aan de pols te houden in zijn team. Ook hij heeft een rol in de voorstelling. Als de spelers op het veld tijdens een bepaalde scène bevriezen, doet hij hetzelfde voor de dug-out.
‘Ik zorg dat ik de jongens af en toe even spreek. De een meer dan de ander’, zegt Van Doesburg, werkzaam in de ggz. ‘Hoe gaat het op school? Zijn er dingen waar je tegen aanloopt? Daar komt vaak best wat uit naar voren. Ik ben ook weleens bij jongens thuis geweest als ze hulp nodig hadden. Al deze gasten hebben een verhaal. En bij sommigen zit de rugtas wat voller dan bij andere jongeren.’
Zwaar weegt de bagage van de 16-jarige Jafayo. Als de voorstelling tegen het einde loopt, laten zijn teamgenoten zich op het gras vallen en dribbelt hij tussen de uitgestrekte lichamen van de voetballers door. De tiener richt zich zwijgend tot de toeschouwers als die zijn verhaal in hun koptelefoons te horen krijgen.
Hij groeide op in een huis vol geweld, zijn moeder ging ervandoor en via een pleeggezin kwam hij terecht bij zijn grootouders. Het slotwoord komt van hem. ‘Ik denk dat jongens niet over hun gevoelens praten omdat ze het niet stoer vinden. Maar eigenlijk doe je jezelf daarmee meer pijn dan goed. Er ligt kracht in je kwetsbaar opstellen voor anderen.’
De laatste scène van de voorstelling is een strafschop. In de repetitie verdwijnt het schot keurig, zoals gepland, in de linkerbenedenhoek, maar op het moment suprême rolt de bal aan de verkeerde kant langs de paal. Als de nemer uit schaamte zijn handen voor zijn gezicht plaatst, slaat een teamgenoot een arm om zijn schouder.
Play//No Play, 24 en 31/5 nog te zien bij Voetbalvereniging SDW, Amsterdam.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant