Voorzitter Daan de Kort gaat volgende week met de parlementaire enquêtecommissie Corona de belangrijkste fase in: de openbare verhoren. Een forse klus, al heeft hij wel voor hetere vuren gestaan: op zijn 15de verloor hij 96 procent van zijn zicht.
is politiek verslaggever van de Volkskrant en schrijft over de volksgezondheid.
Veel in het leven van Daan de Kort (33) valt terug te brengen tot die ene dag in 2008. Dat hij de politiek inging en misschien zelfs dat hij de komende maanden als voorzitter de parlementaire enquêtecommissie Corona leidt: het was waarschijnlijk niet gebeurd zonder die bewuste 15 maart.
Voor De Kort is er een leven voor en een leven na die dag.
In de weken die eraan voorafgaan is de dan 15-jarige De Kort nog herstellende van de ziekte van Pfeiffer. Als hij op het voetbalveld om een wissel vraagt omdat hij de bal niet meer goed ziet, is dat achteraf de verklaring van de huisarts. Hij zou last hebben van vermoeidheid.
Maar De Korts zicht gaat razendsnel achteruit. Het lukt de scholier niet meer om bepaalde teksten te lezen. Hij moet vragen van de docenten afslaan, omdat hij zijn boek niet meer kan ontcijferen. Op 15 maart gaat hij nog op de fiets naar school. Voor het laatst, zo zal blijken. Op de terugweg wandelt hij noodgedwongen met de fiets in de hand naar huis.
In het ziekenhuis wijst een MRI-scan op een zeldzame botafwijking. Een schedelbot groeit op zo’n manier dat het de oogzenuw steeds verder kapot drukt. Tijdens een risicovolle operatie lukt het om het bot te verwijderen, maar zijn zicht krijgt hij er niet mee terug.
De Kort verliest in een paar dagen tijd zo’n 96 procent van zijn zicht. ‘Ik besefte niet hoe definitief dat is’, vertelde hij daarover in het FD. Pas als drie maanden later ook zijn gehoor in gevaar komt door het doorgroeiende bot en hij opnieuw onder het mes moet, slaat de paniek toe. Het is een van de weinige momenten dat De Kort, die zichzelf ziet als ‘rasoptimist’, zijn leven somber inziet.
Doofheid blijft De Kort bespaard, maar nagenoeg blind staat zijn leven wel geheel op z’n kop. Het maakt flinke indruk op oud-docent Toon Leijten, die De Kort in de klas heeft. En dan vooral de manier waarop de tiener ermee omgaat.
Door zijn plotse beperking krijgt De Kort het advies om naar een aangepaste school te gaan. ‘Maar hij was hier zo geworteld, zat in de leerlingenraad, was zo’n enthousiaste leerling, en dan zou hij weg moeten? Dat wil je niet’, zegt Leijten.
De docent economie probeert dat te voorkomen. Leijten leest boeken voor en neemt speciale mondelinge toetsen af. ‘Ondanks zijn handicap presteerde hij op een aantal vakken bovengemiddeld.’ Naast school pakt De Kort intussen zijn hobby als dj weer op. Onder een nieuwe artiestennaam: DJ Braille.
Leijten herinnert zich hoe De Kort de knop razendsnel omzette. ‘Hij was nog maar 15, maar hij telde z’n knopen. Dat vond ik ongelooflijk.’
De Kort komt uit een ondernemersfamilie, zijn vader werkt als makelaar. Maar hij realiseert zich al snel dat hij hem niet kan opvolgen. ‘Hij zei: ‘Je zult de huizen die je verkoopt toch moeten zien’, en dat kan ik niet’, vertelt Leijten.
Die tegenslag legt de kiem voor zijn politieke carrière. Een commerciële opleiding zoals zijn ouders zit er niet meer in en Leijten ziet bij De Kort interesse in alles wat met maatschappij, economie en bestuur te maken heeft. Hij adviseert hem een opleiding bestuurskunde.
Daarna gaat het snel. Al op jonge leeftijd wordt hij fractiemedewerker van de VVD in Veldhoven. In een reportage van Omroep Brabant over de ‘blinde dj uit Veldhoven met politieke ambities’ vertelt een 19-jarige De Kort voor die partij te hebben gekozen vanwege de ‘denkmentaliteit’. ‘Ik kom straks op de arbeidsmarkt en ben dan 80 tot 90 procent afgekeurd. Terwijl ik nog zoveel dingen wél kan.’
In 2014 komt De Kort met voorkeurstemmen in de gemeenteraad. Twee jaar later wordt hij fractievoorzitter, al op zijn 25ste is hij wethouder. Hij verruilt de lokale politiek uiteindelijk voor de landelijke. In 2021 komt hij in de Tweede Kamer.
In zijn eerste bijdrage als Kamerlid vertelt De Kort hoe hij aan den lijve ondervond dat ‘allerlei instanties voor mij wilden bepalen hoe ik mijn leven moest inrichten’. Hij wil zich niet ‘beperken door een beperking’.
Dat idee vertaalt zich in andere dossiers, zoals sociale zaken, als een vrij stevige, klassiek liberale VVD-lijn. Niet stilzitten, is zijn devies, ook als het tegenzit. Werken is volgens hem bijvoorbeeld de enige echte oplossing voor armoede.
Sinds hij begin 2024 tot voorzitter van de parlementaire enquêtecommissie Corona werd benoemd, moet hij die partijpolitieke voorkeuren parkeren. En ook nu hij de belangrijkste fase van de openbare verhoren ingaat, draait het maar om één ding: waarheidsvinding.
Daarbij komt één eigenschap hem sowieso van pas. Door zijn visuele beperking is De Kort noodgedwongen gaan vertrouwen op zijn gehoor. ‘Sindsdien ben ik een politicus die luistert’, zei hij bij zijn aantreden in de Kamer. Dat is niet overdreven, zegt oud-docent Leijten. ‘Het viel ons op school al op dat we nooit iets hoefden te herhalen.’
De Kort lijkt de grootste uitdaging bovendien al achter zich te hebben. Afgelopen twee jaar kreeg hij als voorzitter te maken met personele wisselingen en interne spanningen. In de zomer stapte Forum voor Democratie uit de commissie en na de Kamerverkiezingen moest De Kort op zoek naar een volledig nieuw team. De komende weken moet blijken of het hem is gelukt om de relatief onervaren ploeg voldoende voor te bereiden op de zwaargewichten tegenover hen.
Het zal ongetwijfeld helpen dat De Kort voor hetere vuren heeft gestaan. Of zoals hij zelf vorig jaar in het AD zei: ‘Het is wel goed dat je een optimist hebt voor deze commissie.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant