Lisette van ’t Klooster, landencoördinator van hulporganisatie Cordaid, woont in Rwanda, dicht bij het gebied in Oost-Congo dat getroffen is door ebola. Van dichtbij ziet ze hoe de uitbraakbestrijding eindelijk op gang komt, maar er moet nog veel gebeuren.
is buitenlandredacteur van de Volkskrant.
Na een noodbijeenkomst in Genève maakte de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) woensdag bekend dat er 600 ‘verdachte’ patiënten zijn en zeker 139 verdachte sterfgevallen. Dat is een flinke stijging ten opzichte van het begin van deze week. Voor WHO-chef Tedros Ghebreyesus is het reden voor ‘ernstige zorgen’ over de omvang en snelheid van de ebola-uitbraak.
De stijging komt volgens dokter Samuel Roger Kamba, gezondheidsminister van de Democratische Republiek Congo (DRC), doordat teams nu getroffen gemeenschappen intrekken om onderzoek te doen naar recente zieken en doden. Vermoedelijk ligt het daadwerkelijk aantal besmettingen nog veel hoger. De zeldzame Bundibugyo-variant van het virus ging al een maand rond en bereikte in die tijd ook buurland Oeganda.
Het is niet de eerste keer dat ebola Oost-Congo treft. Volgens de WHO duurde het twee jaar voordat de vorige grote uitbraak in 2018 voorbij was, omdat het traceren en isoleren van patiënten erg moeilijk is. De grensregio is in de greep van een slepend gewapend conflict, er zijn nauwelijks wegen of gezondheidszorg en mensen verplaatsen zich veel. De provincie Ituri, waar de uitbraak is begonnen, heeft veel goudmijnen die mensen aantrekken. Ook zijn er meer dan honderdduizend vluchtelingen neergestreken.
Hulporganisatie Cordaid is actief in de provincie Ituri en de naburige provincies Noord-Kivu en Zuid-Kivu, waar ook besmettingen zijn. Landencoördinator Lisette van ’t Klooster kent de regio goed en maakt van dichtbij mee hoe de bestrijding met moeite op gang komt.
De DRC heeft veel ervaring met ebola. Sinds de ontdekking van het virus in 1976 heeft het land zeventien uitbraken meegemaakt. Hoe kon het virus dan zo lang ongemerkt rondgaan?
‘Het is niet alsof het surveillancesysteem helemaal niet functioneerde. De lokale gezondheidsautoriteiten hebben vrij snel aan de bel getrokken en monsters getest, maar die kwamen allemaal negatief terug. Het probleem is dat het systeem is ingericht op de Zaïre-variant van het virus. Er zijn geen sneltests voor de Bundibugyo-variant en de meeste laboratoria zijn er ook niet op ingericht.
‘Om getest te worden, moesten de monsters naar de hoofdstad Kinshasa, 2.000 kilometer verderop. De meeste verdachte patiënten bevinden zich in Mongbwalu, een mijnbouwgebied in de provincie Ituri dat heel moeilijk te bereiken is. Het duurt enkele dagen tot een week om een monster naar het vliegveld in Bunia te krijgen, de hoofdstad van Ituri. Het lukt vaak niet om de monsters al die tijd goed koud te houden. Daarom zijn er zo weinig bevestigde besmettingen.’
Het gebied waar ebola is uitgebroken ligt dicht bij verschillende landsgrenzen. Zo woon jij net over de grens in Rwanda. Worden reisbewegingen daar beperkt?
‘Rwanda heeft zondag een aantal grensovergangen gesloten in een poging de verspreiding van het virus tegen te gaan. Oeganda heeft vergelijkbare maatregelen genomen. Vroeger woonde ik in Goma in de Congolese provincie Noord-Kivu, maar nadat de M23-rebellenbeweging de miljoenenstad in januari 2025 had ingenomen, ben ik ben met mijn gezin naar Rwanda verhuisd. Ik reis normaal elke dag twintig minuten van de plaats Gisenyi net over de grens naar ons kantoor in Goma, maar nu is de grensovergang dicht.’
Africa Centers for Disease Control and Prevention heeft kritiek geuit op dergelijke reisrestricties omdat die landen ‘collectief straffen voor hun transparantie over de uitbraak’. Hebben de gesloten grenzen veel impact op de mensen daar?
‘Ja, enorm. De grensovergang hier is een van de drukste in heel Afrika. Er steken dagelijks meer dan veertigduizend mensen de grens over. Eigenlijk is de grensregio één gemeenschap. Veel vrouwen uit Gisenyi steken elke dag te voet de grens over met manden vol goederen om die in Goma te verkopen. Jonge mannen reizen naar Goma voor constructiewerk. Zij verliezen nu allemaal hun broodnodige dagelijkse inkomen.
‘Daar komt nog bij dat de banken in Goma gesloten zijn, net als het vliegveld vanwege de bezetting door M23. Veel mensen hebben een bankrekening in Rwanda geopend, waar ze nu niet meer bij kunnen. M23 heeft ook besloten om de belangrijkste weg af te sluiten die vanuit de provincie Ituri naar Goma loopt. Via deze weg reisde het virus vermoedelijk richting Goma, maar zo kwam cash ook vanuit overheidsgebied naar de bezette regio’s.’
De provincies Noord-Kivu en Zuid-Kivu staan grotendeels onder controle van rebellenbeweging M23. Hoe verloopt de samenwerking op het gebied van de ebolabestrijding?
‘De samenwerking tussen M23, de WHO en vertegenwoordigers van de ‘officiële’ overheid verloopt eigenlijk heel goed. In het gezondheidssysteem van Congo hebben de provincies vrij veel autonomie. Op provinciaal niveau organiseert de overheid nu dagelijkse crisisbijeenkomsten met alle lokale en internationale ngo’s om de respons te organiseren. Dat gebeurt bijvoorbeeld ook in Goma, maar dan onder leiding van een door M23 aangestelde gouverneur. Het helpt dat M23 veel functionarissen op het gebied van gezondheid op hun plek heeft laten zitten.’
Cordaid is ook actief in de zwaarstgetroffen provincie Ituri, hoe is de veiligheidssituatie daar?
‘In Goma is het nu redelijk veilig, maar in Ituri is het een heel ander verhaal. Officieel is dit overheidsgebied, maar de overheid is nauwelijks aanwezig. Er zijn veel verschillende rebellengroepen actief die elkaar bestrijden om toegang tot de goudmijnen te hebben. Rondom de hoofdstad Bunia zijn grote vluchtelingenkampen, waarin de omstandigheden erbarmelijk zijn. Mensen leven dicht op elkaar en er is nauwelijks hygiëne. Er is niet eens zeep. Als het virus deze plekken bereikt, zullen de gevolgen enorm zijn.’
Hoe is de gezondheidszorg in Oost-Congo?
‘In de meeste gebieden is nauwelijks gezondheidszorg. Veel klinieken zijn gesloten door het voortdurende geweld en het wegvallen van internationale financiering. De afstanden in Congo zijn heel groot, waardoor de ziekenhuizen in de provinciale hoofdsteden voor veel mensen onbereikbaar zijn. Daarbuiten zijn door de overheid gerunde medische posten, maar die hebben weinig middelen en er zijn meestal alleen verpleegkundigen. Daar kan ebola niet behandeld worden.’
Experts zeggen dat de komende dagen cruciaal zijn in het beperken van de uitbraak. Welke maatregelen worden er genomen?
‘De overheid zet vooral in op het faciliteren van veilige begrafenissen, die zonder maatregelen een belangrijke besmettingsbron vormen, en op het isoleren van individuele gevallen. Dat laatste blijft heel moeilijk. Hoe moet je jezelf isoleren als je met tien mensen in één huis woont?
‘Tot nu toe bereikte de respons nauwelijks de zwaarst getroffen gebieden, maar de laatste berichten van de overheid stemmen me positiever. Op verschillende plekken in de provincie Ituri worden gezondheidsmedewerkers getraind in het herkennen van casussen en het in kaart brengen van hun netwerken. In Bunia is een laboratorium ingericht waar op de Bundibugyo-variant getest kan worden. Dat betekent dat monsters niet meer helemaal naar Kinshasa hoeven, al blijven de afstanden in Ituri zelf een enorme uitdaging.’
Hoe staat het met de internationale hulp?
‘Die komt na jaren van tekorten weer op stoom. Allerlei hulporganisaties vliegen mensen en middelen in om bijvoorbeeld isolatie- en behandelcentra in te richten. Die crisisrespons kost enorm veel geld en is allesbehalve duurzaam. Cordaid richt zich in Ituri op het versterken van de lokale overheid en in Noord- en Zuid-Kivu op seksuele en reproductieve gezondheid en gendergerelateerd geweld. We vinden het belangrijk om deze projecten door te zetten, maar willen ook aan de respons bijdragen. Het plan is om ons te richten op bewustwordingscampagnes rondom het virus zodat lokale gemeenschappen weten hoe ze zich kunnen beschermen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant