Het Gerechtshof Den Haag heeft in de klimaatzaak tegen Shell "een onverklaarbare afslag" genomen door het oliebedrijf geen verplicht klimaatdoel op te leggen. De Hoge Raad moet Shell alsnog dwingen om de CO2-uitstoot terug te dringen, betoogde Milieudefensie voor de hoogste rechter van Nederland.
Bij de Hoge Raad stond vrijdag het laatste deel van de juridische strijd tussen Milieudefensie en Shell op het programma. Al sinds 2019 zijn de twee verwikkeld in een juridische strijd over de vraag of het olie- en gasbedrijf kan worden verplicht om de uitstoot te verlagen. Sinds het begin van het proces is de wereldwijde temperatuur met 0,2 graden gestegen, benadrukte Milieudefensie-advocaat Philip Fruytier nog maar eens.
Terwijl Milieudefensie de eerste slag won, kreeg Shell in hoger beroep gelijk. Eind 2024 besloot het hof dat Shell weliswaar een verantwoordelijkheid heeft om een steentje bij te dragen in de strijd tegen klimaatverandering, maar dat het niet mogelijk is om daar een specifiek klimaatdoel aan vast te hangen.
Onbegrijpelijk, meent Milieudefensie. Volgens de milieugroep citeert het hof eerst alle relevante internationale verdragen en afspraken, om die vervolgens overboord te gooien als het aankomt op het vaststellen van een specifiek CO2-doel.
Juist een "systeemspeler" als Shell moet de uitstoot snel omlaagbrengen om de wereldwijde klimaatdoelen nog een kans te geven, betoogde Milieudefensie. Zelfs als de CO2-uitstoot niet met 45 procent omlaag moet in 2030 - het percentage dat de milieugroep eerder eiste op basis van een wereldwijd gemiddelde - dan zou 30 procent als wetenschappelijke ondergrens moeten gelden.
Shell blijft erbij dat het een slecht idee is om een individueel bedrijf een verplicht klimaatdoel op te leggen. Het zou niet alleen schadelijk zijn voor het bedrijf, maar ook ineffectief, betoogde de energiereus nogmaals.
Als Shell minder olie en gas gaat verkopen, doet iemand anders dat wel, zei advocaat Frank Vermeulen. "Wie nog geen elektrische auto heeft, zal op de route naar Frankrijk bij BP, Total of Esso gaan tanken, als dat niet meer bij Shell kan."
Een individueel CO2-doel voor een bedrijf zou leiden tot een "lappendeken van onderling afwijkende verplichtingen", zei Shell-advocaat Aalt Colenbrander. KLM zou bijvoorbeeld wel een klimaatdoel kunnen krijgen, maar Lufthansa niet. "Albert Heijn wel, de ALDI niet. Dit zal de concurrentiepositie van deze Nederlandse bedrijven en de prijzen van hun producten beïnvloeden."
Uiteindelijk moet vooral de vraag naar fossiele energie worden teruggedrongen om te kunnen verduurzamen, vindt Shell. Voorlopig zijn olie en gas volgens het bedrijf nog hard nodig naast duurzame energiebronnen, ook in het kader van nationale veiligheid.
Overheden moeten er met hun klimaatbeleid voor zorgen dat de energietransitie de goede kant op gaat, vindt Shell. De oliemaatschappij wijst erop dat in Europa al tal van klimaatmaatregelen gelden die bedrijven dwingen te verduurzamen.
Shell verwees naar een recente uitspraak van de hoogste civiele rechter in Duitsland. Die besloot dat BMW en Mercedes niet kunnen worden verplicht om eerder te stoppen met de verkoop van brandstofauto's. De rechter kan voor die bedrijven zelf geen CO2-doel in het leven roepen, luidde het Duitse vonnis.
Volgens Milieudefensie is de Duitse zaak niet relevant, omdat die zich baseerde op andere argumenten dan de Shell-zaak. Bovendien zit het Nederlandse recht anders in elkaar.
Milieudefensie-advocaat Rogier Cox deed juist een rechtstreeks appel aan de Hoge Raad om in te grijpen. Alleen via de rechter kan de uitstoot bij grote bedrijven als Shell worden teruggedrongen, betoogde hij.
Multinationals zijn in zo veel landen actief en zijn door hun lobby zo machtig geworden, dat zij de "samenleving in hun greep houden", zei Cox. Overheden zullen het tij niet kunnen keren, denkt hij. "Dat is de afgelopen 34 jaar na de totstandkoming van het VN-klimaatverdrag ook niet gelukt."
Zonder ingrijpen door de rechter zullen er bedrijven ontstaan "die destructiever zijn dan staten, maar die door niemand meer in bedwang zijn te houden", vreest hij. "Dan is de democratische rechtsstaat en de internationale rechtsorde kwetsbaarder gebleken dan we dachten en dan zullen we daar collectief de prijs voor betalen. Die prijs zal hoog zijn, onvoorstelbaar hoog."
De komende tijd krijgen Milieudefensie en Shell nog de tijd om schriftelijk op elkaar te reageren. Tegen het eind van het jaar volgt een advies van de advocaat-generaal. Begin volgend jaar wordt de uitspraak van de Hoge Raad verwacht. Daar is dan geen beroep meer tegen mogelijk.
Source: Nu.nl economisch