Home

‘Het leven is vaak heel onzeker geweest en heeft lange tijd vooral in het teken gestaan van overleven’

Actrice Marieke Heebink speelt sinds 1994 bij ITA en bereikte een groot publiek met rollen in hitseries. Ze belandde bijna per abuis op het podium en ontworstelde zich aan een problematische jeugd. ‘Eigenlijk is de bottomline: alles wat er mis kon gaan, gíng mis.’

Actrice Marieke Heebink speelt sinds 1994 bij ITA en bereikte een groot publiek met rollen in hitseries. Ze belandde bijna per abuis op het podium en ontworstelde zich aan een problematische jeugd. ‘Eigenlijk is de bottomline: alles wat er mis kon gaan, gíng mis.’

Het zijn een paar zware jaren geweest, had Marieke Heebink (63) enkele weken eerder door de telefoon gezegd. Haar jongere zus overleed aan borstkanker terwijl ze pas 55 was en bij haar eigen werkgever ITA was van alles aan de hand ‘met cancelonderzoeken en zo’. Waardoor ze ‘zo’n beetje functioneerde op cortisol en rode wijn’.

Maar op een zaterdagochtend in haar benedenwoning om de hoek bij het Amsterdamse Westerpark loopt de gevierde actrice (ze won een Gouden Kalf en twee keer de Theo d’Or; de belangrijkste toneelprijs) met haar haren nog nat van het douchen na een sessie in de sportschool monter door haar lichte huis, waar overal verse bloemen staan. Ze deed een ‘reset’ van zes weken, met een streng lifestyleprogramma dat neerkwam op: ‘veel sporten, goed eten en geen alcohol drinken’.

De laatste jaren werd Heebink ook bij het televisiekijkend publiek bekender, door rollen als die van rechercheur Els in de Videoland-hit Sleepers en moeder Cécile in Eva Crutzens veelgeprezen absurde serie Bodem. Ze was ook te zien in De Luizenmoeder, Rampvlucht, Anoniem en BuZa. Series die ze opnam naast haar vaste dienstverband bij Internationaal Theater Amsterdam, al sinds 1994, nu ze erover nadenkt: ‘Waarschijnlijk zit ik er inmiddels het langst van iedereen.’

Het gezelschap vierde grote triomfen, ook wereldwijd, onder leiding van Ivo van Hove, met vernieuwend theater en indrukwekkende voorstellingen als Kings of War, Angels in America, Romeinse tragedies, Medea en Een klein leven. Totdat zowel NRC als de Volkskrant in 2024 berichtten over grensoverschrijdend gedrag, een ‘angst- en doofpotcultuur’, machtsmisbruik en ‘een ziekmakende werkdruk’ bij ITA. Van Hove stapte op, steracteur Hans Kesting ontbond zijn 22-jarig dienstverband, de Noorse Eline Arbo werd aangesteld als nieuwe artistiek directeur.

Liever wil ze er niet over praten, al begrijpt Heebink, een dag vóór het interview in de repetitieruimte van het gezelschap, hartje Amsterdam, ook wel dat ze er niet aan ontkomt. Die vrijdagmiddag neemt ze met tegenspeler Eefje Paddenburg een scène door van De Architect, Rebecca Frecknalls bewerking van Henrik Ibsens Bouwmeester Solness.

Heebink speelt de hoofdrol als Sela, een architect op de top van haar carrière die haar selfmade succes mede behaalde door gebruik te maken van andermans zwakheden. Sela’s ambitie en drang om de beste te blijven, zijn grenzeloos. Maar dan klopt de nieuwe generatie aan de deur. Heebink, spottende blik: ‘In het hedendaagse debat zou ze op alle fronten fout zijn. Het stuk raakt de thema’s van deze tijd: de cancelcultuur, het overdragen van posities, ruimte maken voor een nieuwe generatie, óók als je ze nog niet goed genoeg vindt. In het stuk zegt Sela het letterlijk: ‘Dat moet toch van jouw generatie? Plaats maken, veranderen, kansen bieden?’’

Jij speelt tegenover Eefje Paddenburg, die 26 is, het nieuwe talent. Op een dag moet jij ook plaatsmaken voor die nieuwe generatie. Voel je dat al?

‘Zeker. Maar sterker nog: ik vínd ook dat ik mijn plek moet afstaan. Als ik straks 67 ben, word ik ontslagen. Zo hoort het, er moet een natuurlijk verloop zijn. Wat ik lastiger vind, is dat wat wij maken en vooral hébben gemaakt met de meetlat van nieuwe maatstaven wordt afgerekend. Was het wel divers, inclusief en veilig genoeg? Zo niet, dan verliest het ineens z’n waarde.

‘Ook interessant, en ook een thema in De Architect, is de situatie dat de ene persoon vindt dat de ander een grens over is gegaan, maar die ander denkt: waar heb jij het over?’

‘Het begrip ‘onveiligheid’ wordt door oudere en jongere generaties vaak heel anders geïnterpreteerd. Want wat is veilig? Dat is momenteel een grote vraag, zeker binnen de kunstwereld. Ik zie het zo: de repetitieruimte is een veilige ruimte waarbinnen je afspreekt dat er onveilige dingen kunnen gebeuren. Je hoeft de ander niet verrot te slaan, maar het gaat wél vaak op het scherpst van de snede, omdat je alleen op die manier kunt onderzoeken waar het echt over moet gaan.’

De assistente van jullie regisseur vroeg na een scène waarin Eefje en jij elkaars gezicht aanraakten of dat oké voelde. Zou dat vroeger anders zijn gegaan?

‘Vroeger was het gewoon meteen kedéng, bij wijze van spreken plat op de bek. En ik ben ook wel een beetje van die school. Maar tegelijkertijd denk ik dat het goed is dat we het nu anders doen, met intimiteitscoördinatoren en checks of vecht- en vrijscènes voor iedereen goed aanvoelen. Zodat niemand meer zijn grote teen kan stoten, zeg ik er dan weleens spottend achteraan.’

Jouw personage Sela zegt: ‘Als je wilt uitblinken: kies één ding. De mate waarin je uitblinkt is omgekeerd evenredig aan de hoeveelheid afleiding die je jezelf toestaat.’

‘Veel acteurs doen er dingen naast, zoals regisseren of lesgeven. Ik niet, omdat ik weet dat ik me moet focussen om iets écht goed te kunnen doen. Wat ook meespeelt, is dat ik bij lesgeven of regisseren last krijg van: vinden ze me wel aardig? Kom ik niet dom over? Ben ik wel van toegevoegde waarde? Vinden ze me lelijk? Terwijl: als ik toneelspeel, kan het me gek genoeg niet schelen wat het publiek vindt.’

Je komt juist heel zelfverzekerd over, vind ik.

‘Dat is natuurlijk een soort rol die ik aanneem, zoals we dat allemaal weleens doen. Hier tegenover mijn huis is een heel leuk wijncafé geopend, waar veel jonge mensen komen. Elke keer als ik de deur uitga, ben ik toch bang dat ze denken: ‘Loopt die vrouw nou alwéér alleen? Heeft ze geen vrienden?’ Eigenlijk is dat een rare mix van jezelf als middelpunt van de wereld zien én diepe onzekerheid.

‘Op professioneel gebied voel ik me vaak wel zeker, maar de laatste jaren heb ik tijdens het spelen last van black-outs. Het duurt altijd maar een paar seconden, alleen voelen die voor mij als twee jaar. Een gevoel van diepe angst, echt een verschrikking. Terwijl ik mijn teksten van haver tot gort ken, hè. Op zulke momenten is het alsof ik de grond onder mijn voeten voel wegzakken en het spreekwoordelijke gordijn wordt opengetrokken, waarna iedereen begint te lachen: hahaha, zíe je, ze kan het niet!’

Weet je waardoor het komt?

‘Ik weet inmiddels dat het een oud trauma is dat wordt getriggerd, gecombineerd met het feit dat ik jarenlang te veel met de dood bezig ben geweest. Ik was 9 toen mijn moeder overleed, de afgelopen tien jaar stierven mijn vader, stiefmoeder en mijn zusje Babette. Op een gegeven moment ga je je afvragen: wat zal er vandaag gebeuren? Het leven is vaak heel onzeker geweest en heeft lange tijd vooral in het teken gestaan van óverleven. Maar goed, ik moet het afkloppen: op dit moment gaat het vrij goed.’

Wat kun je ertegen doen?

‘Therapie. Bewustzijn. Sporten en minder drinken werpen ook z’n vruchten af.’

Ik sprak jouw beste vriendin, actrice Lineke Rijxman. Zij zei: ‘De dood van haar zusje heeft Marieke getekend op de rauwst mogelijke manier. Maar ze heeft daardoor ook het heft in handen genomen en besloten gezonder te gaan leven.’

‘Ik kwam er na Babettes dood achter dat ik overleefde met de boel lekker dempen door elke dag wijn te drinken, ja. Ik kom van de boerderij, hè, waar ze bij de koffie al vragen wat je erbij wilt drinken. Mijn vader was een stevige drinker, zijn vriendin ook.’

Er zitten diverse alcoholisten in de Heebink-tak van de familie, vertelde jouw zus Annet.

‘Ik vond ‘stevige drinker’ vriendelijker klinken, maar oké, dat klopt. Zijzelf heeft mazzel: ze heeft het gen niet. Onze moeder scheen het ook bij één glaasje te kunnen houden.’

Aan die kant kwamen dan weer psychische problemen voor, zei ze.

‘Mijn oma zat regelmatig in een tehuis voor overspannen moeders, waar ze volgens mijn tantes overigens een toptijd had. In mijn geval ben ik vooral heel druk in mijn hoofd, en kon dat binnen een minuut omslaan van donker naar licht en andersom.’

Hoe moet ik me dat voorstellen?

‘Dat je opstaat, zin hebt in de dag, tegen jezelf zegt ‘de zon schijnt, ik ga nu boodschappen doen en lekker koken voor de kinderen, het komt goed’, maar dertig seconden later weet je niet meer hoe je het ene been voor het andere krijgt.’

Die stemmingswisselingen en een gevoel van voortdurende paniek zijn heel vermoeiend en belastend voor jezelf, maar natuurlijk ook voor je omgeving.

‘Tegenwoordig is er veel meer aandacht voor psychische klachten, maar toen ik begin 40 was een stuk minder. Ik had jonge kinderen, een heel drukke baan, niet zo’n goed huwelijk, last van de perimenopauze en slapeloosheid. Nadat ik antidepressiva had gekregen, werd het leven iets eenvoudiger. Of beter: te doen. Nu ik er zo over nadenk, heb ik eigenlijk geen idee hoe ik het vóór die tijd, zonder die pillen, heb gedaan.’

Heebink is de oudste in een gezin met drie dochters. Vader Henk is historicus en geschiedenisleraar op de school van zijn dochters, moeder Metje huisvrouw. Henk is twee meter lang, charismatisch met zijn witte haar en witte baard. Heebink: ‘Hij zag eruit als een soort Jezus en was heel gelovig opgevoed, later actief in de PPR, voortkomend uit de linkse kerk.’ Vader Heebink is opvliegend en streng, op het autoritaire af; als zijn dochters stout zijn, gaan ze ouderwets over de knie.

Twee maanden voordat moeder Metje overlijdt, verhuist het gezin van Winterswijk naar Doetinchem. Ze is pas 34 als ze sterft aan de gevolgen van een hersentumor. Haar kinderen is niet verteld dat ze terminaal ziek was, ze worden ook niet meegenomen naar de uitvaart, en als Marieke en Annet na de kerkdienst op de bank bij hun tante beginnen te huilen, zegt die, tegen de meisjes van 8 en 9 jaar: ‘Nu is het wel genoeg geweest.’

Een jaar na de dood van hun moeder ontmoet hun vader de negen jaar jongere en flamboyante Marijcke, dan nog als de vrouw waarvoor broer Jan zijn huwelijk opbreekt. Maar op een dag zegt Henk plompverloren tegen zijn dochters: ‘Marijcke woont nu hier.’

Marijcke kwam uit Nederlands-Indië, was getraumatiseerd door het Jappenkamp en wilde zelf geen kinderen. Jouw zus vertelde dat jullie als graanhalmen moesten meebewegen met haar stemmingen. Ze zei: ‘Getraumatiseerde vrouw bij een getraumatiseerd gezin, uitkomst: hel.’

Lachend: ‘Ik kan niet ontkennen dat het een diep ongezonde situatie was waarin wij gegijzeld zaten. Als Marijcke weer eens bij onze vader wegging, terug naar zijn broer, was het ónze schuld dat hij opnieuw alleen zat. Die greep voelden wij continu, dus probeerde je maar zoveel mogelijk mee te bewegen. Maar ik denk dat we het alle drie op een andere manier hebben beleefd. En ik heb in interviews nooit over Marijcke gesproken, omdat ik haar niet wil bezoedelen, ook niet nu ze er niet meer is.’

Jij won in 1999 je eerste Theo d’Or, jouw vader en zussen zaten in de zaal. De uitreiking werd uitgezonden op televisie, daar zag Marijcke dat je die prijs opdroeg aan jouw moeder. ‘Lieve mama, het gaat goed met me’, zei je.

‘Voor mij was het belangrijk om het in het openbaar over mijn moeder te hebben. Doordat wij kort voor haar dood naar een nieuwe woonplaats waren gegaan, kende niemand haar daar. Thuis werd ook niet over haar gepraat. Mijn vader stopte zijn verdriet weg, en wij daardoor ook. Het was alsof ze niet had bestaan. Dus het voelde goed, om haar op dat podium zo te benoemen.’

Marijcke werd daar woedend over, vertelde Annet.

‘Hysterisch, ja. Pas toen ik allang volwassen was, viel het kwartje. ‘Jij met al je Oscars!’, beet ze me een keer toe, en inééns zag ik het: ze was gewoon jalóérs. Jaloers op de relatie die wij met onze vader hadden, de liefde die wij voor onze moeder voelden en toen we ouder werden: jaloers op onze carrières, op ons uiterlijk en ons lijf. Had ik maar gewoon kunnen lachen om haar gedrag en om al haar kritiek, dan trek je je het ook minder aan.’

Thuis was het ‘ieder voor zich’, zei je zus.

‘Het was verdeel-en-heers, maar met elkaar spraken we er niet over. Ik was 16 toen ik het huis uitging en voelde me schuldig tegenover mijn zusjes, maar ik wilde letterlijk wegvluchten van die situatie. Toch eiste ze ook toen nog dat ik elk weekend thuiskwam en elke woensdagavond om half negen, na Het Journaal, vanuit een telefooncel belde. Als ze dan klaagde dat ze zo’n hoofdpijn had, voelde ik me de hele week slecht vanwege Marijckes hoofdpijn.’

‘Dat wij niet gek zijn geworden, is eigenlijk een wonder’, concludeerde Annet.

Luid lachend: ‘Ach, ja. Marijcke was zelf dus diep beschadigd uit het Jappenkamp gekomen en zij had dingen meegemaakt waarvan je denkt: ja, logisch dat je zo kwaad bent op de wereld. Dat je destructief recht toepast en wat jou is overkomen projecteert op je niet gewilde kinderen. Alleen: wij wisten dit allemaal niet. Dus danste iedereen naar haar pijpen, inclusief mijn vader. Uiteindelijk is hij degene geweest die deze situatie faciliteerde. Eigenlijk is de bottomline: alles wat er mis kon gaan, gíng mis.’

Hij overleed in 2014. Hoe denk je nu aan hem terug?

‘Met heel veel liefde. Hij was zeer intelligent, wist alles van geopolitiek en dacht diep na over wat er in de wereld speelde. Ik had me zo graag door hem laten geruststellen over de huidige tijd. Hij was mijn anker, dat heb ik hem ook nog gezegd. En ik heb hem al lang voor zijn dood kunnen vergeven. Uiteindelijk was hij ook maar gewoon een jonge man met drie piepjonge kinderen en een totaal gebrek aan talent voor opvoeden, die zich de wet liet voorschrijven door een vrouw met een narcistische stoornis. Ik denk dat er onder dat stoere uiterlijk een heel bange man schuilging.’

Na zijn dood hebben jullie nog gemantelzorgd voor Marijcke. Terwijl het goed voorstelbaar is dat je zou denken: zak er lekker in.

‘Dat is ook zo, maar uiteindelijk bleef het iemand die een jaar of 35 in je leven is geweest. En ben ik er gelukkig altijd wel goed in om óók oog te houden voor het positieve. In haar geval: dankzij Marijcke hebben we geleerd Indisch te koken, dat er altijd lekker eten en drinken in huis moet zijn, verse bloemen op tafel.

‘Het is gewoon belangrijk om dingen goed af te kunnen sluiten. Anders was ik voor altijd wrok tegen haar blijven koesteren, maar nu heb ik haar kunnen vergeven; dat hielp. En weet je wat het is? Ik wil niet meer alleen maar slachtoffer zijn van mijn jeugd. Ik voel mij inmiddels ook geen slachtoffer meer.’

Annet zei dat ze weleens jaloers op je was, dat jij alles er zo lekker uit kon schreeuwen op het toneel.

‘Spelen kan zeker een lekkere loutering zijn. Voor Babette is het ’t zwaarst geweest. Die werd niet eens verteld dat haar moeder was gestorven, en daarna heeft ze geen eigen identiteit kunnen en mogen opbouwen omdat Marijcke haar helemaal opvrat.’

Even later, vanuit de keuken waar ze een versgebakken focaccia aansnijdt en cappuccino schenkt in chique kopjes met een goud geverfde rand (‘speciaal voor de gelegenheid uit de kast gehaald’) – tegenover haar aan de muur foto’s, een schilderij en de rouwkaart van Babette: ‘Ik werd door mijn vader een beetje in de rol gedirigeerd van de verzorger van Babette, maar dat kón helemaal niet, ik was pas 9. Dus ik sloeg haar ook. Ze was hoog intelligent én grenzeloos, tegelijkertijd was alle bodem onder haar vandaan getrokken. Ik wilde haar in het gareel houden. Vooral niet opvallen, omdat ik als de dood was dat andere kinderen haar zouden gaan pesten. Zelf schaamde ik me ontzettend voor het feit dat wij geen moeder meer hadden.’

Waarom schaamde je je? Daar kon je toch niets aan doen?

‘Uiteindelijk wil je als kind gewoon zoals alle anderen zijn, toch? Mijn moeder was dood, dat mijn vader lesgaf op onze school hielp ook niet en ik vond mezelf lelijk. Eigenlijk geldt daarvoor: hoe ouder hoe beter. Ik vind mezelf nu helemaal oké. Maar die diepe zelfhaat heeft me wel lang dwarsgezeten.’

Is het eng om zelf moeder te worden als je geen goed voorbeeld hebt gekend?

‘Ja, daarom ben ik eerst in therapie gegaan. Ook omdat ik bang was dat ik jaloers zou worden op mijn kinderen, omdat zij wel een moeder hadden en ik niet. Pas later realiseerde ik me dat dat een vorm van jaloezie was die bij Marijcke hoorde, niet bij mijn karakter.’

Hielp de therapie jou in het moederschap?

‘Nou ja, ik wilde leren mijn kinderen niet op te zadelen met mijn eigen trauma’s, zoals Marijcke dat bij ons had gedaan, maar dat is natuurlijk toch gebeurd. Zo gaat dat gewoon.’

Op welke manier?

‘Mijn kinderen hebben aangevoeld dat het druk was in mijn hoofd. Dat ik probeerde te overleven én dat hun niet te laten merken. Snap je? Zolang je daar maar met elkaar over kunt praten, is het oké.’

Je kreeg jouw kinderen met collega-acteur Mark Rietman. In deze krant vroeg je je destijds af waarom jullie zo lang samen zijn gebleven terwijl jullie elkaar niet gelukkig maakten.

‘Ja, maar we hebben afgesproken om niet meer in interviews over elkaar te praten. My lovely ex, noem ik hem tegenwoordig. We gaan goed met elkaar om, dat is voor iedereen het beste, en dat wil ik graag zo houden.’

Jouw vader gaf nooit complimenten, zei Annet.

“Niet slecht’, was het grootste compliment dat je van hem kon krijgen. Maar dat is ook Achterhoeks, hoor.’

Deed het je goed om als actrice applaus te krijgen en prijzen te winnen?

‘Natuurlijk, maar dat is niet de reden dat ik voor dit beroep koos, als je daar naartoe wilde. Ik deed een opleiding tot docent dramatische vorming toen we op een dag allemaal een toneelscène moesten voorbereiden. Ik koos voor Hamlet en stond als 17-jarige uit het niets Shakespeare te spelen. Terwijl ik was opgevoed met ‘doe maar gewoon, dan doe je gek genoeg’, aan acteren had ik nooit eerder gedacht. Maar het voelde heel natuurlijk en ik bleek er talent voor te hebben.’

Toen Ivo van Hove in 2004 als artistiek directeur werd aangesteld bij ITA, destijds Toneelgroep Amsterdam geheten, stapten een aantal gerenommeerde acteurs op, onder wie Lineke Rijxman. Ze bewonderde hem, zegt ze nu, maar ze kon niet onder hem werken.

‘Ik gedij goed bij autoriteit, talent en regels. Níét bij mensen die alleen maar de baas spelen om het baas spelen. Ik heb dingen meegemaakt, zeker tijdens mijn opleidingen, die nu absurd zouden zijn. Docenten die kwamen vertellen dat ze verliefd op me waren en ervan overtuigd waren dat dat wederzijds was. Eén van hen zei: ‘Jij draaide je been zo en dat deed je voor mij.’ Ik was 16! Dat soort projecties van mannen: verschrikkelijk.

‘Maar ik vind het een gruwel dat er nu wordt gedaan alsof al het mooie dat wij onder Ivo hebben gemaakt niet bestaan heeft. Dat er in commentaren in de media en onder collega’s vooral met leedvermaak of verontwaardiging over wordt gesproken. Terwijl wat wij deden totaal nieuw was. In het buitenland had ITA de statuur van het Concertgebouw en Stedelijk bij elkaar opgeteld: alle kunstvormen kwamen samen in onze voorstellingen, de vierde wand was er niet meer. Dus: we owe him. Niet alleen wij bij ITA, maar de hele Nederlandse toneelwereld.’

ITA-actrice Hélène Devos fungeerde als klokkenluider. Op Instagram schreef ze: ‘Our business is rotten from inside.’

‘Dat is gewoon niet zo. Ja: de laatste jaren was Ivo te weinig aanwezig, we hadden een niet afgehechte fusie achter de rug, daarna kwam corona. Er moesten altijd binnen te weinig tijd te grote dingen geproduceerd worden, dat is absoluut het geval. En dat niet iedereen daarin kon meekomen, is heel begrijpelijk. Mensen kregen dat vaak op niet mis te verstane wijze te horen, dat is ook een feit. Misschien hadden we deze clusterfuck, waarbij er iets op Instagram wordt gezet dat vervolgens voor waar wordt aangenomen, kunnen voorkomen als de leiding eerder aan Eline Arbo was overgedragen – wat ik nodig vond en waar ik ook regelmatig voor heb gepleit.’

Waarom deed je dat?

‘Omdat Ivo te veel in het buitenland werkte, omdat Eline goed is en omdat ik al jaren vond dat het tijd was voor meer vrouwelijke regisseurs.’

Maar toch: jij hebt nooit meer grensoverschrijdend gedrag gezien dan iemand iets op ‘niet mis te verstane wijze’ vertellen?

‘Nee.’

Zou het kunnen dat jij autoritair gedrag veel beter kunt verdragen omdat je het van huis uit gewend was?

‘Ik begrijp dat je die link legt, maar ik denk gewoon dat het niet slecht is om soms diep te gaan met elkaar, om je concentratie heel intens te kunnen samenballen om zo tot iets moois en nieuws te komen. Ik weet nog hoe het voelde toen ik voor het eerst op de set van een tv-serie stond, hoe heftig het was dat alles meteen goed moest zijn, terwijl ik gewend was om lang te kunnen repeteren en schaven. Dit doe ik nooit meer, dacht ik toen. Uiteindelijk heb ik geleerd met dat ongemak en die druk om te gaan. Het verschil met nu is dat ik niet meteen ging roepen dat ik me onveilig voelde, en dat er nog geen sociale media waren om dat gevoel meteen op te knallen.’

Na een extern uitgevoerd onderzoek bleek dat een op de drie medewerkers van ITA te maken heeft gehad met grensoverschrijdend gedrag.

‘Dat ging heel anders dan het in de media werd gebracht. Je kon meedoen als je iets te melden had, maar dat heb ik dus niet gedaan, en velen met mij. Waar ik nu spijt van heb, omdat ik dat beeld had kunnen nuanceren, zoals ik er ook spijt van heb dat ik het niet openlijk voor Hans Kesting heb opgenomen toen hij onder vuur kwam te liggen. Had ik het maar wél gedaan. Hans was voor mij de ideale ensemblespeler en ik heb me nooit onveilig bij hem gevoeld.

‘De bloeddorst die er loskwam bij zowel de media als collega’s vond ik stuitend. Dat er gesproken werd over ‘daders’ en ‘slachtoffers’: termen die in het strafrecht thuishoren. In z’n algemeenheid geldt dat als iets onveilig vóélt, waar ik me echt wel iets bij kan voorstellen, het nog niet onveilig ís. Maar als iets niet lukt, of je niet zint, of rottig voelt – kortom: oncomfortabel is – lijkt het nu de oplossing om over een ‘toxische werksfeer’ te beginnen.’

Bij hitserie Sleepers, waarin jij een grote rol hebt, is dat nu ook aan de hand. Teun Kuilboer, een van de hoofdrolspelers, schreef op Instagram dat er een ‘giftige situatie’ was gecreëerd, en had het over manipulatie, gaslighting, overtreden grenzen en verborgen agenda’s. Hij zou gevochten hebben met collega-hoofdrolspeler Robert de Hoog, die ook de bedenker en showrunner van de serie is.

Diepe zucht: ‘Wat moet ik daarover zeggen? Ik vind het bij Sleepers totaal niet onveilig. En ik vind het werken met Robert de Hoog geweldig. Alleen: de werkdruk bij Sleepers is heel hoog. En dat is wat al dit soort cases gemeen hebben, of het nou over De Wereld Draait Door, ITA of Sleepers gaat: binnen te weinig tijd moeten er op een hoog niveau dingen worden geproduceerd. Met als resultaat dat Matthijs van Nieuwkerk gaat schreeuwen, we bij ITA elke keer opnieuw bang waren dat we de première niet zouden halen en je bij Sleepers altijd te veel scènes moest draaien, waardoor sommige mensen te veel stress kregen.

‘Áls je daarvoor al schuldigen wilt aanwijzen, moet je het hogerop zoeken. NPO-directeur Frans Klein die wist wat er bij DWDD speelde, maar het liet doormodderen, het bestuur van ITA dat op de hoogte was van de werkdruk, maar niet ingreep en de streamer die te weinig geld beschikbaar stelt voor genoeg draaidagen. Maar zolang iets een succes is, kiezen ze liever voor de makkelijke optie: wegkijken.’

Ze staat op, neemt een van de Britse kortharen die door het huis lopen op schoot. Zegt: ‘Ik heb het zelf inmiddels ook meegemaakt, dat ik op het matje werd geroepen omdat mijn toon een ander niet aanstond.’

O, wanneer was dat?

‘Het is een aantal keer gebeurd. Kennelijk kan ik iets uitstralen, of een toon aanslaan, die mensen afschrikt. Je eerste reflex is dan om het af te doen als onzin, maar ik schrok er toch ook van. Als je met empathie luistert naar wat die ander ervaart, kom je samen verder. Ik vermoed dat het iets is dat ik van mijn vader heb overgenomen. Achteruit de keel beginnen, zoals dat in de Achterhoek werd genoemd.’

Lachend: ‘Een vriendelijke term voor je stem verheffen dus. En ja, misschien kan ik er makkelijker mee omgaan als dingen onveilig voelen. Het leven ís namelijk niet veilig. Daar moet je mee leren dealen.’

Hoe redde jij jezelf toen je 16 jaar was en op jezelf ging wonen?

‘Ik kreeg handgeld van mijn vader en deed daar zo zuinig mogelijk mee. ’s Avonds kookte ik aardappels met wortels, die ik opat met een zak borrelnoten ernaast. Mijn vader had via een collega een zolderkamer voor me gevonden, waar hij mijn meisjeskamer gewoon helemaal nabouwde. Eigenlijk heel lief.’

Na de breuk met Mark Rietman had je acht jaar een relatie met een andere acteur, daarna met een Amerikaanse hoogleraar. Mis je het om met iemand samen te zijn?

‘Soms mis ik een man in mijn leven, ja. Maar meestal niet. Met Lineke heb ik een liefdesvriendschap, ik noem haar my chosen partner. Wij kunnen samen heel hard lachen, om alles, ook om de erge dingen. Liefde zonder seks, ik denk dat dat ook voor veel getrouwde stellen geldt. En het idee alleen al dat je met zo’n nieuwe partner moet gaan ploegen door de modder van wat wij hier de afgelopen uren aan het doornemen zijn; ik moet er niet aan denken!

‘Over het algemeen zijn mannen toch een soort volwassen kinderen. Ook als ze zelf allerlei issues hebben, voelen ze niet de noodzaak om met zichzelf in het reine te komen. Daar kan ik ze ook wel om benijden, hoor, dat zij zo makkelijk zeggen: ‘Tsja, zo bén ik nou eenmaal.’ Dat moet héérlijk zijn, toch?”

CV Marieke Heebink

25 september 1962 Geboren in Winterswijk.

Opleiding Docent dramatische vorming, Toneelschool Arnhem.

1988 Sluit zich aan bij de theatergroep De Trust van Theu Boermans.

1990 Eerste nominatie voor een Colombina, voor haar rol in Platonov.

1990-1994 Speelt in films als Kracht, Op afbetaling en Hartverscheurend.
1994 Gouden Kalf als beste actrice in film 1000 Rosen.

1994 Sluit zich aan bij Toneelgroep Amsterdam (het huidige ITA) en speelt daar grote voorstellingen als Macbeth, Angels in America, De Romeinen, De Russen!, NDR/Persona, Medea, Kings of War, Husbands and Wives, Een klein leven, Dood in Venetië, Oedipus, De Uren, Penthesilea, Tijd voor geluk en De Wetten.

1999 Theo d’Or voor haar rol in Een ideale vrouw.

2000 Tv-serie Johnny Jordaan.

2006 Telefilm Eilandgasten.

2012 Voor de vijfde keer genomineerd voor een Colombina.

2015 Theo d’Or voor haar vertolking van Anna in Medea, series Gouden Bergen en Moordvrouw.

2016 Tv-serie Petticoat en La Famiglia.

2018 Speelt Agnès in bekroonde tv-serie De Luizenmoeder.

2022 Speelt Els Borst in tv-serie Rampvlucht en start Videoland-serie Sleepers.

2023-nu Tv-serie Anoniem.

2024-nu Tv-serie Bodem.

2025-nu Tv-serie BuZa.

31 mei gaat bij ITA de voorstelling De Architect in première. Voor volgend seizoen staat De Kopenhagen Trilogie op het programma.

Marieke Heebink woont in Amsterdam en is moeder van twee volwassen dochters.

Dit is een interview uit Volkskrant Magazine. Wilt u alle verhalen, columns en rubrieken uit het nieuwste nummer lezen? Dat kan hier.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next