Dankzij nachtopvang in de stad Groningen hoeft er tijdens het Pinkerweekend niemand in Ter Apel buiten te slapen. Weer moet de hulp dus uit de nabije omgeving komen. ‘Maar dit is geen Gronings, maar een landelijk probleem’, zegt burgemeester Roelien Kamminga.
is regioverslaggever van de Volkskrant in Noord-Nederland.
‘Tijdens zo’n mooi Pinksterweekend moet je maar afwachten wie de telefoon opneemt.’ Voor Roelien Kamminga was de afweging uiteindelijk ook een pragmatische. Zou ze, zoals de voorgaande drie avonden, samen met collega-burgemeester Jaap Velema van Westerwolde rondbellen in de hoop dat er ergens plek zou zijn voor de asielzoekers die vanwege het aangescherpte toegangsbeleid niet terecht kunnen in het overvolle aanmeldcentrum in Ter Apel?
‘Elke dag was dat een probleem. Toen hebben wethouder Manouska Molema (Pro) en ik gezegd: als we nu tenminste tijdens het Pinksterweekend zekerheid bieden, dan kunnen we die tijd en energie steken in het vinden van een meer structurele oplossing – waar ik op hoop.’
Die zekerheid kwam er, doordat Groningen 175 plekken beschikbaar stelde in het congrescentrum Hanze Plaza. Terwijl Kamminga (VVD) de overwegingen van het gemeentebestuur toelicht, worden daar veldbedden uitgeklapt. De afgelopen dagen gebeurde dat al in andere noordelijke gemeenten: twee keer in Stadskanaal, één keer in het Drentse Gieten, gemeente Aa en Hunze. De eerste nacht sliepen er 110 mensen in Groningen. Zondagochtend gingen ze met bussen weer terug naar Ter Apel.
Het zijn steeds noodgrepen op het laatste moment. Het contrast met Kamminga’s duiding is groot: ‘Dit is een crisis, maar geen crisis die ons plotseling overkomt.’
Is het juist daarom geen dilemma: elke keer als jullie in het Noorden je nek uitsteken, denken ze in de rest van Nederland, inclusief Den Haag: dat is daar weer mooi opgelost?
‘Natuurlijk is dat een dilemma. Maar voor ons blijft het uitgangspunt dat het onwenselijk en niet humanitair is als er mensen op het gras moeten slapen. Tentenkampen zouden in Nederland onze eer te na moeten zijn. Dus als wij iets kunnen betekenen, doen we dat.
‘Wij laten een collega-burgemeester niet stikken. Maar ja: het is enorm teleurstellend dat het steeds van dezelfde gemeenten moet komen, met name in het Noorden. Dus ik hoop dat ook andere gemeenten nu een stap doen. Zeker de gemeenten die eigenlijk nog niets doen. En die zijn er helaas genoeg. ’
Hoe kan het toch dat deze situatie zich nu weer voordoet?
‘De landelijke politiek slaagt er gewoon niet in om op dit dossier met oplossingen te komen. Dan loopt het weer vast in Ter Apel. Dat is ook geen verrassing: we wisten allemaal dat dit zou gebeuren als de spreidingswet niet wordt nageleefd en de instroom blijft zoals die was. Maar het is gewoon niet fair om landelijke onmacht op het bordje van Ter Apel te leggen. Zeker als je dan hoort dat er gemeenten zijn die nu in hun nieuwe coalitieakoorden zeggen: wij doen niet mee.’
Is het optreden van de minister van Asiel en migratie, Bart van den Brink, doortastend genoeg?
‘Het is positief dat je hem aan de lijn krijgt als je wilt, en dat hij contact zoekt. Het is ook goed dat hij gemeenten die achterlopen aanspreekt op hun verantwoordelijkheid. Dat is natuurlijk wel een langere termijn-oplossing. Er staan nu mensen buiten. Daarom verwacht ik dat het Rijk naast Ter Apel staat, bijvoorbeeld door te kijken wat mogelijk is op eigen terreinen. Want er wordt nu wel heel snel naar gemeenten gekeken.’
Voor u vorig jaar burgemeester van Groningen werd, stond u aan de andere kant van het speelveld als Tweede Kamerlid van de VVD. Uw fractie keerde zich tegen de spreidingswet.
‘Dat was wel in een bepaalde context, namelijk dat de instroom van nieuwe asielzoekers zou worden beperkt. Zolang dat niet gebeurt, heb je de spreidingswet nodig.’
Die instroom is niet noemenswaardig veranderd. Nu zegt de huidige fractievoorzitter van de VVD alsnog: het is aan gemeenten zelf om te besluiten of ze asielzoekers opvangen. Dat is niet de sturing en niet de solidariteit die u bepleit.
‘Ik zit nu niet meer in die fractie en wellicht dat ik dan iets anders zou adviseren. Maar ik zou tegen alle fractievoorzitters – inclusief die van de VVD – willen zeggen: allemaal tot je dienst, als je die spreidingswet niet wil. Maar dan moet je ook zorgen dat er een oplossing komt voor de mensen die in Ter Apel voor het hek staan. Dat kun je niet overlaten aan Ter Apel of de provincie Groningen.’
U zei aan het begin van dit gesprek te hopen op een ‘meer structurele oplossing’. Wat zou die kunnen zijn?
‘Als we een groot paviljoen opzetten op een Defensieterrein, zoals ook in het verleden wel eens is gebeurd (in 2022 onder andere, in Zoutkamp, eveneens provincie Groningen, red.), dan zijn we echt een paar maanden uit de brand. Dan krijgt de minister ook wat tijd om gemeenten die nu niets of weinig doen daarop aan te spreken. En dan kunnen commissarissen van de Koning in de provincies nog wat extra druk geven op gemeenten die te weinig statushouders huisvesten. Want dan hebben we helemaal geen probleem.’
Zou het niet goed zijn als zo’n noodlocatie eens elders verrijst?
‘Persoonlijk maakt het mij niet zoveel uit. Maar het zou wel het zou enorm helpen als dit niet enkel wordt gezien als een Gronings probleem. En zo voelt het nu wel.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant