De aanleg van de hogesnelheidslijn HS2 tussen Birmingham en Londen is vanaf het begin in 2009 een hoofdpijndossier. De kosten voor het 217 kilometerlange tracé zijn inmiddels de pan uit gerezen: 119 miljard euro. ‘De HS2 is een symbool van het verval van dit land.’
is correspondent Groot-Brittannië van de Volkskrant.
Witte hijskranen dansen onder een blauwe lucht. Zwetende mannen in oranje hesjes wuiven naar cementwagens die af en aan rijden bij de enorme bouwput rond het Old Oak Common treinstation. Als alles goed gaat, en dat is zeer de vraag, vertrekt hier over tien jaar de eerste hogesnelheidslijn richting Birmingham. ‘Big beautiful’ en ‘Connecting Communities’ staat er op de omheining rondom deze vlakte in het westen van Londen, net als de belofte dat de 217 kilometer tellende rit naar de tweede stad van Engeland er maar 42 minuten over zal doen, een tijdwinst van een klein half uur.
Dat zal de duurste rit uit de spoorweggeschiedenis worden. Afgelopen week verklaarde de minister van Transport, Heidi Alexander, dat de aanleg van HS2 (High Speed 2) zal uitkomen op minimaal 119 miljard euro, exclusief de snelle treinen. Dat is meer dan een half miljard per kilometer. Om kosten te besparen is de hoge snelheid inmiddels naar beneden bijgesteld. De treinen rijden geen 360 maar 320 kilometer per uur. ‘In plaats van de ambities van het land te tonen’, zei de bewindsvrouw, ‘werd HS2 een symbool van het verval van dit land.’ Ze voegde eraan toe dat ze boos is.
Boos is ook Amanda Souter, die pal naast Old Oak Common woont. Ze toont de scheuren die sinds het begin van de werkzaamheden in haar woning zijn ontstaan, een klacht die gedeeld wordt door andere bewoners van Wells House Road. ‘HS2 ontkent elke verantwoordelijkheid,’ zegt de 68-jarige marktonderzoeker, ‘niemand helpt ons, onze volksvertegenwoordigers niet, het stadsdeel niet. We zitten dagelijks in de herrie en het stof. En voor wat? Voor een lijn die amper nut heeft en honderd miljard kost. Met dat geld had je zoveel moois kunnen doen, in zorg en onderwijs.’
[Kaartje]
In 2009 was het project zo hoopvol begonnen. Met een Y-vormige structuur zou de tweede hogesnelheidslijn van het land de hoofdstad via Birmingham verbinden met Manchester en Leeds. De kosten werden geraamd op 38 miljard euro en de eerste trein zou in 2026 vertrekken. Tevens lagen er plannen voor meerdere vertakkingen, waardoor er een netwerk zou ontstaan zoals in Frankrijk en Spanje. Anders dan bij de eerste hogesnelheidslijn, waar de Eurostar gebruik van maakt, werd er vanwege de ultrahoge snelheid gekozen voor nieuwe technieken.
‘Daar ging het al mis’, zegt Sally Gimson, auteur van Off the rails: the inside story of HS2. ‘In plaats van beproefde technieken uit Frankrijk over te nemen, wilden de Britten iets speciaals, ze wilden de besten in de wereld zijn. Dat was overmoedig en arrogant voor een land dat sinds 1900 geen spoorwegtraject ten noorden van Londen had aangelegd.’ Volgens Gimson leefde bij beleidsmakers de gedachte dat het land nog in het victoriaanse tijdperk zat, toen de Britten inderdaad toonaangevend waren bij de spoorbouw. ‘We zijn hard met onze neus op de feiten gedrukt.’
De nadruk op snelheid betekende dat de lijn kaarsrecht moest worden aangelegd, een groot probleem in een heuvelachtig landschap met vijandige (en rijke) bewoners en zeldzame vleermuizen. Er moesten peperdure tunnels worden aangelegd. Op een bovengronds deel van het traject werd na protest van natuurbeschermers een kilometerlange overkapping aangelegd, zodat een kolonie van driehonderd beschermde bosvleermuizen veilig kon overvliegen. Die alleen al kostte 115 miljoen euro, oftewel 380 duizend euro per vleermuis.
Ook de rekening voor materieel, advocaten, consultants, bewaking, bonussen en onteigeningen liep met hoge snelheid op. Om kosten te besparen werd de lijn tak na tak geamputeerd, waardoor de romp tussen Londen en Birmingham overbleef, twee steden die al worden verbonden door twee tracés. ‘Met het verdwijnen van de takken naar Leeds en Manchester, het achtergestelde noorden, verdween de logica achter de lijn’, zegt Gimson.
De saga rondom het Britse ‘miljardenlijntje’ zegt ook iets over de bestuurscultuur. Alexander is de tiende minister van Transport, in 17 jaar, die te maken kreeg met dit hoofdpijndossier. Veel interesse leggen bewindslieden doorgaans niet aan de dag. Een oud-minister erkende dat de uitvoering van de Brexit alle aandacht eiste. Nooit is er een alomvattende transportvisie opgesteld. Zo is er een kans gemist om de HS2 aan te sluiten op het spoor van de hogesnelheidslijn die naar het vasteland voert.
Een fundamenteel probleem, aldus Gimson, is het gebrek aan technische kennis binnen de ambtenarij en de regering. ‘Daar zit het vol met alumni van Oxford en Cambridge. Knappe koppen die goed beleidsdocumenten kunnen schrijven, maar niets weten van techniek. Op technische kennis wordt neergekeken, anders dan in landen als Spanje en Duitsland. In het geval van HS2 is de staat een argeloze oude dame die is overgeleverd aan een bouwvakker, en makkelijk kan worden bedonderd.’
‘De uitvoering van het project is een nationale schande’, zegt Christian Wolmar, spoorexpert en auteur van het boek Fast Track, ‘19de-eeuwse spoorwegbouwers zouden geschokt zijn.’ Volgens hem wordt openbaar vervoer te vaak als een bijzaak beschouwd – de stoelendans op het Departement van Transport bewijst het. ‘En dat terwijl het cruciaal is om beleid op terreinen als onderwijs, huisvesting en ruimtelijke ordening succesvol te maken.’
De eindbestemming moet het Londense kopstation Euston zijn, in het kiesdistrict van premier Keir Starmer. Ook daar bevindt zich een grote bouwput, maar het is nog niet bekend hoeveel perrons daar zullen komen en of het station de extra capaciteit überhaupt wel aan kan. De hoop is dat de eerste hogesnelheidstrein daar begin jaren veertig zal arriveren. Het is niet iets waar Old Oak Common-bewoner Souter naar uitkijkt. ‘Tegen die tijd ben ik allang dood.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant