Het kabinet schrapt het plan om de AOW-leeftijd sneller te laten stijgen en zet bezuinigingen op de WW en WIA op pauze. Minister van Sociale Zaken Hans Vijlbrief hoopt daarmee de vakbonden weer aan tafel te krijgen voor onderhandelingen over een sociaal akkoord.
is politiek verslaggever van de Volkskrant en schrijft over pensioenen en sociale zekerheid.
De handreiking betekent een flinke streep door de rekening van het kabinet-Jetten. Nog geen vier maanden na de presentatie van het coalitieakkoord wordt een van de belangrijkste delen daarvan alweer herschreven. Met de versnelde stijging van de AOW-leeftijd was op termijn een bezuiniging van 2,7 miljard euro gemoeid. Die moet nu ergens anders vandaan komen.
In een brief gericht aan vakbondsvoorzitter Hans Spekman (FNV) noemt Vijlbrief het schrappen van de maatregel ‘een eerste stap om een inhoudelijk gesprek te starten’. Vakbonden FNV, CNV en VCP zeiden eerder niet meer met Vijlbrief om tafel te willen zolang de bezuinigingen op de sociale zekerheid doorgaan.
Ze stelden hem twee weken geleden een ultimatum. Daarin eisten de bonden naast het schrappen van de AOW-maatregel dat de beoogde bezuinigingen op de Werkloosheidsuitkering (WW) en Arbeidsongeschiktheidsuitkering (WIA) ‘van tafel’ gaan.
In het regeerakkoord stond het voornemen om de maximale duur van een WW-uitkering in te korten van twee naar één jaar. De maximale arbeidsongeschiktheidsuitkering moest met 20 procent omlaag. Vijlbrief zet nog geen streep door die plannen, maar gaat ze ‘voorlopig niet in de voorgestelde vorm doorzetten’. Oftewel: hij drukt de pauzeknop in.
In Den Haag werd er al langer rekening mee gehouden dat Vijlbrief vroeg of laat terug naar de tekentafel zou moeten. De bezuinigingen op de sociale zekerheid – op termijn zo’n 6,5 miljard euro – gelden al sinds de presentatie van het coalitieakkoord als de meest bekritiseerde kabinetsplannen.
Het verreweg minst populaire plan was de versnelde verhoging van de AOW-leeftijd. Het kabinet wilde dat die per 2033 weer één-op-één zou meestijgen met de levensverwachting. In 2019 werd na jaren onderhandelen met bonden en werkgevers in het pensioenakkoord juist overeengekomen om de AOW-leeftijd minder snel te laten stijgen. Door het kabinetsplan zouden mensen die nu rond de 30 jaar oud zijn mogelijk anderhalf tot twee jaar langer moeten doorwerken.
Dat was onacceptabel voor de vakbonden die al bij het eerste kennismakingsgesprek met minister Vijlbrief wegliepen. Vorige week vrijdag werd de druk op Vijlbrief verder verhoogd toen ook werkgeversbond VNO-NCW zich in grote lijnen bij de vakbonden aansloot. Voorzitter Coen van Oostrom riep de minister op om het plan rond de AOW in te trekken en de andere bezuinigingen op de sociale zekerheid in ieder geval te pauzeren.
Zonder de steun van de werkgevers verdween voor Vijlbrief een laatste strohalm. Dat het moeilijk werd, leek hij zich afgelopen maanden al te realiseren; hij liet doorschemeren dat de versnelde verhoging van de AOW-leeftijd voor hem niet heilig was. Hij stond nadrukkelijk open voor ‘alternatieve routes’. Hij werd ook tot heroverweging gedwongen toen een meerderheid van de Eerste Kamer het kabinet in een motie opriep af te zien van het AOW-plan.
In een reactie op het nieuws zegt voorzitter Hans van de Heuvel van vakbond CNV bereid te zijn weer een ‘verkennend’ gesprek aan te gaan met de minister. ‘Ik wil expliciet horen dat het AOW-dossier dicht is. En over de WIA en WW heb ik een kluwen van vragen: kunnen we echt een open gesprek hebben over het verbeteren van het stelsel, of gaan we daar zitten met een Excelletje waar min 6 miljard moet uitkomen? Zolang die vragen niet zijn beantwoord houden we de geplande staking van 24 juni in de agenda.’
Dat er nu een streep gaat door het AOW-plan en dat de andere maatregelen worden gepauzeerd, betekent volgens de minister niet dat er geen bezuinigingen nodig zijn op de sociale zekerheid. Voor het kabinet zijn ‘de kosten van de sociale zekerheid in een vergrijzende samenleving’ nog altijd belangrijk, aldus Vijlbrief. ‘Versobering is geen doel op zich, maar financiële houdbaarheid van het socialezekerheidsstelsel is een voorwaarde voor het behoud van deze voorzieningen.’
De minister acht hervormingen dus nog steeds nodig. Het grote verschil is dat hij zich realiseert dat de eerder ingeslagen weg doodloopt en op termijn niet tot het door hem zo gewenste sociaal akkoord zal leiden. ‘Het kabinet is benieuwd naar alternatieve voorstellen van vakbeweging en werkgevers, in de wetenschap dat we betere resultaten halen als we gezamenlijk een oplossing weten te vinden.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant