Home

25 jaar en een 8 voor volwassenheid: ‘Ik ben heel bewust bezig met dankbaar zijn’

Charon Ermstrang groeide op in twee huizen, ontworstelde zich aan een ‘toxische vriendengroep’ en verloor een goede vriendin aan zelfdoding. Nu is ze 25 en er is veel veranderd. ‘Ik maak lijstjes met dingen waar ik energie van krijg.’

schrijft voor de Volkskrant over theater en human interest

Waar ben je opgegroeid?

‘In Rosmalen, hier tien minuutjes met de auto vandaan. In de Wim Sonneveldstraat. Vroeger noemden een paar vriendinnetjes uit de straat en ik onszelf de Wimmies.’

Uit wat voor gezin kom je?

‘Mijn ouders zijn uit elkaar gegaan toen ik 4 was. Toen dacht ik: vet, nu krijg ik er een tweede huis bij. Ik heb een oudere broer, die is twee jaar ouder dan ik. Mijn vader is zijn hele leven ondernemer geweest, met zijn eigen bedrijf, en mijn moeder werkte bij ABN Amro. Ze hebben allebei een heel ander karakter, maar de kinderen kwamen altijd op nummer één. Mijn broer en ik hebben ook een verschillend karakter, dus we botsten vroeger geregeld.’

25 in ’26

In de serie 25 in ’26 vragen we jongeren die dit jaar 25 (zijn ge)worden hoe ze zijn geworden wie ze zijn en hoe ze hun toekomst zien. Meedoen? Mail een korte omschrijving (opleiding/woonplaats/bijzonderheden) naar: 25in26@volkskrant.nl

Waarover?

‘Ik was altijd best sociaal en wilde graag mijn aandacht richten op mensen buiten het gezin, nieuwe vriendschappen sluiten. Mijn broer was wat introverter en zocht juist meer mijn aandacht. Als ik thuis was wilde ik tot rust komen, opladen, terwijl voor hem het gezin de sociale uitlaatklep was.’

Bleef dat ‘vet, ik krijg een tweede huis’-gevoel?

‘Nou, de break-up is wel vrij zorgeloos gegaan. Mijn ouders konden altijd goed met elkaar overweg en ze zorgden ervoor dat wij er niet te veel last van hadden. Mijn vader bleef ook in Rosmalen wonen, dus dat was fijn. Ik vond het wel op een gegeven moment frustrerend worden dat ik elke keer mijn tas moest inpakken: van maandag tot en met woensdag bij mijn moeder, daarna naar mijn vader en de weekenden wisselden dan ook nog weleens.

‘Als kind was het vooral een tas vol knuffels, maar later moest ik gaan sjouwen met schoolboeken en dat werd op een gegeven moment wel echt vervelend. Ik heb wel overwogen om het daarna om de week te doen, maar uit gewenning hielden we toch het ritme van halve weken aan. Uiteindelijk heb ik een tijdje, toen ik ook aan mijn stage was begonnen en een relatie kreeg, alleen bij mijn vader gewoond.’

Waarom koos je ervoor om bij je vader te wonen?

‘Ik kwam op een leeftijd waarin ik wat meer vrijheid nodig had. Ik was veel van huis weg, en kon soms last minute mijn planning omgooien zonder daar dan over te communiceren. Dat leverde nogal wat frustraties op voor mijn moeder. Mijn vader kon daar iets makkelijker mee omgaan. Hij vond het niet erg als ik er niet was bij het avondeten, zei dan gewoon: er staat eten in de koelkast, kijk maar wat je doet.’

Op wie van de twee lijk je meer?

‘Het is denk ik perfect verdeeld. Ik heb het sociale, emotionele en zorgzame van mijn moeder en van mijn vader heb ik het relaxte en het ondernemende. Niet stil willen zitten, altijd iets nieuws willen.’

Hoe was je schooltijd?

‘Op de middelbare school wilde ik overal bij horen. Daar deed ik erg mijn best voor. Ik vond het belangrijk dat iedereen me leuk vond. Nu maakt me dat veel minder uit. Tuurlijk, ik doe nog steeds gewoon aardig tegen iedereen, maar dat komt niet meer voort uit onzekerheid.

Charon Ermstrang is 25 geworden op 13 april.

Woonplaats: Den Bosch

Hoe volwassen vind je jezelf op een schaal van 1 tot 10? ‘Een 8. Ik zou denk ik best een kind kunnen opvoeden en ik kan goed voor mezelf zorgen.’

Voel je jezelf onderdeel van een generatie? ‘Ik denk het wel. We zijn zo’n beetje de eerste generatie die bijna volledig met sociale media is opgegroeid. Tegelijkertijd hebben we in onze jeugd nog niet echt handvatten gekregen hoe we daarmee om moeten gaan.’

Waar ben je over zeven jaar? ‘Ik hoop dat ik dan twee kinderen heb, en ergens een mooi vrijstaand huis. Mijn vriend wil graag aan het water met een bootje, dus doe dat er ook nog maar bij.’

‘Na de middelbare school ging ik fysiotherapie studeren in Eindhoven. Ik was ook wel echt toe aan een nieuwe stap. Ik had aan de middelbare school een vrij toxische vriendengroep overgehouden. Elke dag na school kwamen we samen, en als je niet kwam werd je daar echt op aangekeken. Op een gegeven moment kwamen ze zelfs naar mijn huis toen ik niet reageerde op appjes. Gelukkig kon ik toen, gesterkt door mijn broer naast me, tegen ze zeggen dat ik dat niet meer wilde.

‘Maar ik haal nog steeds veel energie uit sociale contacten, nieuwe mensen leren kennen. Iedereen zegt dat ook altijd, dat ik vrolijk en sociaal ben. Dus het is er ook wel een beetje ingeprent dat dat mijn sterke kant is.’

Hoe ziet je sociale leven er nu uit?

‘Dat is de laatste jaren iets rustiger geworden. Ik begon met mijn kinderfysio-master, dus het werd allemaal een beetje veel. En een vriendinnetje van mij had veel mentale klachten en is uiteindelijk uit het leven gestapt. Daardoor moest ik echt wat tijd voor mezelf nemen. Ik heb geleerd dat het ook goed is om rust in te bouwen, niet altijd maar weg te willen zijn. Ik ging meer sporten, vroeger naar bed en focuste wat meer op een gezonder leven.’

Nu studeer je en werk je tegelijkertijd ook al, hoe gaat dat?

‘Eerst was het goed te doen, maar nu werk ik vier dagen in de week. Ik had laatst een schoolopdracht niet gehaald en dat moet ik dan gewoon in het weekend gaan inhalen. Dat is wel pittig.’

Wil je ook echt kinderfysiotherapeut worden?

‘Ja. Nu bestaat de helft van mijn patiënten uit kinderen, ik hoop dat mijn agenda na de opleiding helemaal vol staat met kinderen. De variatie vind ik heel leuk. De ene keer ben je met een baby aan het communiceren, dan weer met een peuter of een tiener. Het is een leuke uitdaging om niet alleen de klacht te behandelen, maar ook echt te kijken naar wie het kind is. Ook de klachten zijn gevarieerd. Ik geef bijvoorbeeld tips aan ouders hoe ze hun kind kunnen stimuleren om te leren lopen.’

Wat voor tips?

‘Het is hetzelfde als hoe wij krachttraining doen. Ik laat de ouders dan een speeltje op tafel leggen en een speeltje op de grond, en dan moet het kindje telkens op en neer. Zitten, opstaan, zitten, opstaan. Het is net squatten. Eigenlijk is mijn werk een soort spelen met kinderen, dat vind ik heel leuk.’

Ben je gelukkig?

‘Ja. Ik ben bewust bezig met dankbaar zijn. Elke avond schrijf ik in een boekje de positieve dingen van mijn dag op. Ik weet dat ik het goed heb, vergeleken met een gemiddeld persoon. Ik heb een hbo-opleiding gedaan. Ik heb straks vijf dagen in de week werk, ik ben gezond, ik heb een vriend, lieve ouders. Wat mis je dan? Eigenlijk niks.’

Is er dan ook nog weinig te wensen?

‘Dat wel! Ik vind het heel gezellig met mijn drie huisgenootjes, maar uiteindelijk wil ik graag een eigen plekje. Ik heb altijd de wens gehad om vroeg moeder te worden, het liefst voor mijn 30ste, en dan is het toch fijn om een huis te hebben waarin je een kind groot kunt brengen. Daar ben ik veel mee bezig.

‘Ik verlang ook naar een soort onafhankelijkheid. Dat het niet is: we kunnen samen een huis kopen, maar ík kan een huis kopen. Van mijn simpele fysiotherapeutensalaris kan ik in deze tijd nog echt geen huis kopen, dus ik hoop ook nog wel wat meer te gaan verdienen.’

Heb je een stappenplan voor jezelf bedacht?

‘Ik ben daar wel veel mee bezig. Met mijn baas heb ik wel gesprekken over welk salaris ik kan verwachten als ik klaar ben met mijn master. En met ChatGPT kun je tegenwoordig een prima hypotheekgesprek voeren. Misschien wil ik naast mijn baan nog een platform beginnen voor outdoor Hyrox, om nog wat eigen geld te genereren, maar ook om nieuwe mensen te ontmoeten. Zo komt dat ondernemende en sociale weer samen.’

Klinkt alsof er veel gaande is in je hoofd.

‘Ik sta niet stil, nee. Ik vind het leuk om over mijn toekomst na te denken. Laat mij een vision board maken van 2026, heerlijk vind ik dat. Ik maak lijstjes met dingen waar ik energie van krijg, dingen waar ik vroeger energie van kreeg. Zo krijg ik inzicht in mezelf en kan ik me ontwikkelen. Ik heb altijd meegekregen dat het belangrijk is om gelukkig te zijn. Dat is nog versterkt toen dat vriendinnetje van mij overleed.

‘Zij zat fulltime in therapie, en ik was destijds degene die het vaakst op bezoek ging. Ik wilde heel graag in contact blijven met haar. Juist als het slecht gaat met iemand, wil ik diegene vasthouden omdat ik dan voel: jij hebt het nodig. Dan ga ik je die hulp geven. Misschien denken anderen: het kost me veel energie, ik trek me terug, maar ik wil de zorg dan juist naar me toe trekken.’

Weet je al hoe je vision board van 2027 eruit komt te zien?

‘Er moet iets meer zicht komen op dat huis. Ik wil mijn master afronden, dat zou echt een hoogtepuntje zijn. Maar ik wil nu ook nog wel genieten van de vrijheid, leuke dingen ondernemen die me vrolijk maken.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next