Een nieuwe langdurige telling moet uitwijzen hoe slecht het gaat met bestuivende insecten, die essentieel zijn voor bijna alle voedingsgewassen. ‘De crisis is groot’ en ‘drastische maatregelen’ zijn nu al hoognodig, zeggen onderzoekers. Volkskrantlezers reageren.
Hoopvol begon ik aan het artikel over de landelijke insectentelling: wat fijn dat hier aandacht voor is! Maar al in de derde alinea veranderde hoop in frustratie. Het voorkomen van de ondergang van insecten wordt namelijk bovenal belangrijk geacht omdat de mens niet zonder insecten kan. De bij, een fascinerende insectengroep met minstens 350 verschillende soorten in ons kikkerland, wordt gedegradeerd tot voedselvoorziener van de mens.
Niet stikstof, pesticiden en klimaatverandering, maar het hoogst arrogante idee dat de natuur altijd in dienst moet staan van de mens, is volgens mij het centrale probleem van klimaatverandering. De natuur is waardevol omdat het de natuur is. Of de mens daar wat aan heeft, is een bijzaak.
Willem Bisschop Boele, Groningen
Theo Zeegers onderzoekt de stand van de insecten. Bestuivers, vooral zweefvliegen, nemen snel af in aantallen en soorten. Van alle beschreven initiatieven en problemen die het tij kunnen keren, mis ik nog het volgende: in Nederland hebben woningbouwverenigingen en vve’s heel wat terrein in beheer, meestal zijn dat de gezamenlijke tuinen om de gebouwen. Dat moet alles samen een enorme oppervlakte zijn. Het beheer wordt meestal uitbesteed aan hoveniers, die doorgaans niet bepaald ecologisch te werk gaan.
Er wordt geschoffeld, gemaaid, gesnoeid en bladgeblazen, vervolgens wordt het materiaal afgevoerd, en wat blijft is vaak kale grond rond de veelal uitheemse en slecht bijgehouden struiken die tegen een stootje moeten kunnen. Een strooisellaag is afwezig, Het bodemleven is beneden alle peil. Het is niet zo erg als tegeltuinen, maar veel beter ook niet.
En dat terwijl er altijd wel bewoners zijn, ook oudere, die graag wat in de tuin zouden doen. Zo ook bij ons complex met naar schatting 6.000 m2 tuin. De bewoners vormden een tuingroep en namen een deel van het hovenierswerk over. Het ontwerp van de tuin blijft gerespecteerd, terwijl leven wordt teruggebracht. Er is geen kale grond meer, er wordt gebruikgemaakt van bodembedekkers, stroken gras zijn omgezet in bloeiende borders, er zijn meer inheemse planten. Materiaal blijft vaker in de tuin. Er wordt minder vaak gemaaid, er mogen bloemetjes tussen het gras staan.
Er is geen ecologisch wonder ontstaan, maar er is weer een strooisellaag en het bodemleven kan weer groeien. Insecten krijgen weer een kans, en daarmee de vogels die ervan leven. Wij hopen op navolging.
Dick Kortekaas, Haarlem
Sinds de mens steeds sneller en mechanischer te werk ging en pesticiden ging gebruiken om natuur te produceren in plaats van natuur te beheren, ging het mis. In het artikel over de insectencrisis wordt vooral gewezen op maatregelen die de politiek moet nemen. Ik vind dat de burger zelf verantwoordelijk is.
Ik woon in de stad, een vrij groene buitenwijk. In mijn straat ben ik een van de weinigen met een groene ecologische tuin. Vanmorgen met mijn voegenkrabbertje wat onkruid tussen de stenen van mijn oprit weggehaald, terwijl de opritten in de straat gebleekt zijn door azijn.
Ik gebruik totaal geen middelen, gewoon op mijn knieën met mijn handen. Ik zit nu lekker buiten op een schaduwplek, de buren zitten binnen omdat de tegels zo heet zijn. Voor mij zoemen bijen en hommels op nepeta, salvia en cotoneaster die bloeit. Daar word ik oprecht blij van.
Thomas Bakker, Groningen
Op pagina 28 van de zaterdageditie van de Volkskrant wordt groot alarm geslagen over de teloorgang van bestuivende insecten. Appels, kersen en peren staan daardoor op uitsterven, het uur nul nadert, gigantische tellingen worden uitgezet.
Meteen ernaast, op pagina 29, wordt in ‘Altijd al willen weten’ de vraag van een lezer beantwoord over pitloze mandarijnen. Dat we geen pitjes meer hoeven uitspugen, komt doordat de speciaal gekweekte mandarijnenbomen met netten worden afgedekt en met gif worden besproeid. Zo worden bestuivers geweerd en kan het mandarijntje geen vrucht dragen. Alleen als één zo’n bijtje het klaarspeelt om zich als een ware Tom Cruise door de gifwand en de netten heen te worstelen, ontstaat er een pitje.
Ik denk nu alsmaar aan dat ene treurige doorzettertje, dwalend boven eindeloze besproeide en afgedekte boomgaarden, zoemend boven onbereikbare bloesems, die dan toch zijn heldhaftige bestuivingswerkje weet te doen en overdekt met kopersulfaat en gibberellinezuur naar zijn volkje terugvliegt. Soms zijn oplossingen voor een groot probleem prettig overzichtelijk: laat de bijen zwermen, koop een gifloze mandarijn. Met pit.
Trees Roose, Haren
Veelal worden als oorzaak voor de afname van insecten klimaatinvloeden en landbouwgiffen genoemd; ongetwijfeld zullen die invloed hebben. Onvermeld blijven steeds de gegevens uit een rapport, uitgebracht door Unesco, over een onderzoek verricht bij Mount Nardi in Australië. Uit dit rapport kwamen sterke aanwijzingen naar voren dat de zogenoemde EMS-straling, onder andere van 3G- en 4G-masten, een negatieve invloed heeft op de biodiversiteit.
Weliswaar wordt dit rapport door de officiële wetenschap naar de prullenbak verwezen, maar toch zou het een aanwijzing kunnen zijn om er meer aandacht op te vestigen. Mocht het toch kloppen, dan gaat dat een enorme aardverschuiving in onze steeds digitalere wereld veroorzaken.
Maaike van Wijgerden, Geldrop
Met interesse las ik het artikel over de stelselmatige insectentelling in Nederland door de entomoloog Theo Zeegers. Het is een langdurig onderzoek uitgevoerd door professionele krachten. Ik doe zelf ook al jaren onderzoek naar het insectenbestand in Nederland. Alleen doe ik dat niet erg systematisch, maar wel langjarig.
Ik kijk vooral in het voorjaar en in de zomer naar de voorkant van mijn auto en ik kom, denk ik, tot grotendeels dezelfde conclusie als Theo Zeegers gaat komen. Dit is geenszins flauw bedoeld, ik hoop dat veel mensen zich ook zorgen gaan maken wanneer ze hun auto wassen.
Hans Beek, Zuidhorn
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Source: Volkskrant