Het verbod op de overname van Solvinity, het bedrijf achter DigiD, moet niet het einde van het debat zijn, maar het begin van betere dienstverlening, hogere kwaliteit en meer vertrouwen van burgers.
De beslissing van staatssecretaris Digitale Economie en Soevereiniteit Willemijn Aerdts om de overname van Solvinity door het Amerikaanse bedrijf Kyndryl te blokkeren, heeft een debat losgemaakt over digitale soevereiniteit. Begrijpelijk, want niemand wil dat gevoelige digitale infrastructuur in verkeerde handen terechtkomt. Maar het risico bestaat dat we eigendom verwarren met controle en controle met goed bestuur.
Een systeem wordt niet veilig omdat het Nederlands, Europees of Amerikaans is. Het wordt veilig door goed toezicht, heldere regels, technische expertise en voortdurende investeringen. Wie denkt dat nationaliteit op zichzelf een garantie is voor veiligheid, vergeet dat de grootste digitale problemen van de afgelopen jaren vaak niet voortkwamen uit buitenlandse overnames, maar uit menselijke fouten, gebrekkig beheer en falende organisaties.
Digitale soevereiniteit kan een legitiem streven zijn, maar zij moet een middel blijven en geen doel op zichzelf worden.
Over de auteur
Oussama Cherribi is socioloog aan de Emory University in Atlanta (Verenigde Staten) en voormalig Tweede Kamerlid namens de VVD.
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Dat is precies waar het debat vaak losraakt van de dagelijkse ervaringen van burgers. Nederlanders die vanuit het buitenland hun DigiD proberen te activeren, te herstellen of te verlengen, weten dat de grootste frustratie niet afkomstig is van buitenlandse mogendheden, maar van systemen die niet werken zoals beloofd. Verlopen codes, geblokkeerde accounts, procedures die uitgaan van fysieke aanwezigheid in Nederland en instanties die naar elkaar verwijzen zonder een oplossing te bieden. Voor hen voelt de discussie over soevereiniteit soms als een gesprek op een andere planeet.
Terwijl politici spreken over strategische autonomie, proberen burgers simpelweg toegang te krijgen tot hun pensioenfonds, belastinggegevens of medische dossiers. De legitimiteit van de digitale overheid wordt uiteindelijk niet bepaald door wie de servers bezit, maar door de vraag of mensen tijdig en betrouwbaar gebruik kunnen maken van de diensten waarop zij recht hebben.
Daarom zou de beslissing van staatssecretaris Aerdts niet het einde van het debat moeten zijn, maar het begin ervan. Als Nederland en Europa meer digitale autonomie willen, dan moet die ambitie zich vertalen in betere dienstverlening, hogere kwaliteit en meer vertrouwen van burgers. Anders dreigt digitale soevereiniteit een politieke slogan te worden die goed klinkt in Kamerdebatten maar weinig verandert in het leven van de mensen voor wie de overheid uiteindelijk bestaat.
In een wereld van internationale netwerken, mondiale software en grensoverschrijdende datastromen zal volledige onafhankelijkheid altijd beperkt blijven. Wat wel mogelijk is, is het stellen van hoge eisen aan iedereen die op onze markt actief is en het leveren van publieke diensten die betrouwbaar, toegankelijk en gebruiksvriendelijk zijn. Dat is uiteindelijk de maatstaf waarop burgers hun overheid beoordelen. Niet op de nationaliteit van een leverancier, maar op de simpele vraag of het systeem werkt wanneer zij het nodig hebben.
Gelukkig heeft de staatssecretaris van Economische Zaken de verkoop van DigiD aan het Amerikaanse bedrijf Kyndryl verboden. Daarmee kan het ontslag van Pieter van Oordt, privacyofficer en ambtenaar van het ministerie van Binnenlandse Zaken, ongedaan worden gemaakt. Hij verdient respect als klokkenluider en redder van onze privacy.
Ben de Jong, Haarlem
Een verbod op de overname van Solvinity en het intrekken van een verhoging van de AOW-leeftijd. Twee besluiten van het kabinet binnen 24 uur! Kan het nog gekker? Heeft Rob Jetten en zijn team nu ‘de slag’ te pakken? Hebben we een kloek kabinet?
Hopelijk gaat het ze nu ook lukken om beslissingen te nemen over dossiers die al ruim tien jaar op de plank liggen (stikstofdoelen, vergunningen stroomnet, compensatie toeslagenaffaire, einddatum hypotheekrenteaftrek, tempo woningbouw, verdeling kosten CO2-uitstoot, zorgstelsel aanpassen, vervuiling oppervlaktewater, et cetera).
Erik Hoffmann, Utrecht
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant