Anna van den Breemer schrijft elke week over een alledaags opvoedkundig probleem waarvoor ze een oplossing zoekt.
schrijft voor de Volkskrant over grote en kleine levensvragen.
Opa kan niet meer zelf koffiezetten. Oma reageert soms ineens bozig. Voor ouders is het soms lastig om aan de kinderen uit te leggen wat dementie precies is. Hoe doe je dat zonder ze bang te maken? En hoe zorg je dat het contact met opa of oma fijn blijft?
‘Ouders zijn geneigd hun kind te beschermen tegen verdrietig nieuws’, zegt Vivianne Teeuwen, specialistisch verpleegkundige op het gebied van dementie en medeoprichter van stichting Breinspoken, die steun biedt aan kinderen met een jong dementerende ouder. ‘Vaak denken ze dat kinderen niet doorhebben dat de grootouder zich anders gedraagt, maar ze hebben meer in de gaten dan we denken.’
Openheid helpt kinderen om vragen te stellen en gevoelens te delen. Teeuwen: ‘Doseer de informatie al naar gelang de fase waarin de grootouder zit: je hoeft niet direct te benoemen dat oma nooit meer beter wordt.’
‘Kinderen worden er vaak buiten gehouden en dat is jammer’, zegt sociaal wetenschapper Kasper Bormans (KU Leuven en Universiteit Maastricht), gespecialiseerd in communicatie bij dementie.
Hij ziet dat kinderen vaak verrassend onbevangen kijken naar iemand met dementie. ‘Tijdens ontmoetingen tussen kinderen en ouderen zien we dat kinderen veel dingen van nature goed doen: ze stellen positieve vragen, gaan er niet tegenin als iemand iets zegt wat niet klopt en gaan naast hen zitten, op gelijke hoogte.’
Hoe leg je uit wat er in het brein gebeurt? De vergelijking met een boekenkast kan verhelderend zijn, legt Teeuwen uit. Voor elke handeling bestaat een ‘boek’: koffiezetten, aankleden of de vaatwasser inruimen. ‘Bij dementie kan iemand het juiste boek niet meer terugvinden.’
Op Facebook deelde Karen Coel, werkzaam in de ouderenzorg, hoe ze tijdens een gastles leerlingen liet voelen wat dementie met je doet. Ze nam brood, messen en een pot chocopasta mee en de leerlingen mochten opschrijven op kaartjes welke stappen er nodig zijn om een broodje te smeren. Toen werden de kaartjes door elkaar gehusseld. De scholieren voelden de verwarring: hoe kun je een mes in de pot steken met een dicht deksel?
Volgens Bormans draait het bij dementie om resonantie, meebewegen. Hij gebruikt het beeld van een schommel. ‘Opa zit op een schommel die heen en weer gaat. Soms is de schommel dichtbij en is er contact, soms verder weg en oogt hij afwezig. Het is de kunst om mee te schommelen.’
Die manier van kijken helpt kinderen. ‘Iemand met dementie die bozig reageert, is niet een lastig persoon, maar heeft gewoon een minder moment.’
Kinderen hebben vaak heel praktische vragen. Waarom geeft opa geen geld meer voor een rapport? Waarom eet oma ineens alle snoepjes op? Of: gaat oma dood? ‘Dat kan voor volwassenen heftig klinken, maar kinderen gaan daarna vaak weer gewoon spelen’, aldus Teeuwen.
Bereid kinderen goed voor op veranderingen. Als opa ineens in een rolstoel zit of oma verhuist naar een verpleeghuis, helpt het om concreet uit te leggen wat ze kunnen verwachten. ‘Dat voorkomt angst of verwarring’, zegt Teeuwen. Soms is een kort bezoek genoeg of werkt het beter om samen buiten een ijsje te halen.
Juist omdat kinderen in het moment leven, zijn ze goed gezelschap, vertelt Bormans. Zoek naar activiteiten die ontspannen en speels zijn: samen fotoalbums bekijken, muziek luisteren, wandelen of filmpjes kijken. Teeuwen herinnert zich een jongen die filmpjes van treinen maakte voor zijn vader met dementie omdat die daar zo van hield.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant