Home

‘Koplopers’ Nederland en Duitsland willen eind dit jaar eerste uitzetcentra buiten EU

Nederland, Duitsland en drie andere EU-landen verwachten eind dit jaar het eerste principe­akkoord te kunnen sluiten met een land buiten Europa om uitgeprocedeerde asielzoekers over te nemen. In ruil hiervoor kan het land dat de terugkeerhub huisvest, rekenen op financiële en economische steun.

is EU-correspondent van de Volkskrant. Hij woont en werkt in Brussel.

De ‘koplopers’, zoals minister Bart van den Brink (asiel en migratie) de vijf landen noemde – Nederland, Duitsland, Denemarken, Oostenrijk en Griekenland – spraken elkaar donderdag voorafgaand aan een overleg van de Europese ministers van Binnenlandse Zaken en Asiel. De Duitse minister Alexander Dobrindt (binnenlandse zaken) toonde zich na afloop vol vertrouwen dat de eerste principeovereenkomst over een hub dit jaar een feit zal zijn.

In 2027 volgt dan de praktische en operationele uitwerking, zodat de uitgeprocedeerden dat jaar nog kunnen arriveren. Van den Brink beaamde dat dit het doel is waaraan de vijf landen werken. Vluchtelingenorganisaties vrezen dat uitgeprocedeerden naar landen worden gestuurd waar ze geen enkele band mee hebben en in mensonwaardige omstandigheden belanden.

Geheim

Deze week gingen de EU-landen en het Europees Parlement definitief akkoord met de wettelijke mogelijkheid om uitzetcentra buiten de EU op te zetten. Van den Brink benadrukte dat dit ‘zorgvuldig’ moet gebeuren om de centra kans van slagen te geven. Hij wil geen herhaling van het mislukte plan van het Verenigd Koninkrijk om asielzoekers naar Rwanda over te brengen. Ook het voornemen van het vorige Nederlandse kabinet om een uitzethub in Oeganda te openen, is inmiddels opgeschort.

Volgens betrokken diplomaten voeren de vijf EU-lidstaten momenteel gesprekken met meerdere landen. Welke dat zijn, wordt geheim gehouden uit vrees dat potentiële kandidaten zich terugtrekken of de prijs voor hun medewerking verhogen. De gastlanden waar de hubs komen, kunnen niet alleen rekenen op geld en handelsvoordelen, maar ook op personele steun voor de aanleg van waterwerken of energienetwerken. Verder kunnen er afspraken worden gemaakt over legale (arbeids)migratie uit deze landen.

Volgens Dobrindt zijn de uitzetcentra noodzakelijk om de handel van mensensmokkelaars kapot te maken. Hij betitelde de hubs als een voorbeeld van de ‘Migrationswende’, de ommekeer in het Europese asielbeleid. Die strengere aanpak werd mogelijk doordat Duitsland de laatste jaren een andere koers is gaan varen. De Deense minister Morten Bodskov (immigratie en integratie) verzekerde zijn EU-collega’s dat de nieuwe centrumlinkse Deense regering hetzelfde strikte asielbeleid zal voeren als haar centrumrechtse voorganger.

Migratiepact

De terugkeerhubs zijn het sluitstuk van het Europese migratiepact dat volgende week vrijdag in werking treedt. Het pact voorziet in snellere asielprocedures, vooral voor asielzoekers die weinig kans op verblijfspapieren maken. Volgens Europees commissaris Magnus Brunner (migratie) is het pact ‘de start en niet de finish’. Hij erkende dat niet alle landen klaar zijn voor de invoering van het pact, maar verwacht geen grote problemen.

Ook minister Van den Brink gaat uit van een start zonder veel chaos. Hij noemde het pact ‘de grootste hervorming ooit’ van het Europese asielbeleid, die ook voor Nederland ‘enorm belangrijk’ is. ‘Maar het pact zelf zorgt er niet voor dat er minder mensen hierheen komen’, aldus Van den Brink. Daarvoor is druk op landen buiten Europa nodig om mensen tegen te houden of terug te nemen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next