Home

Kijkend naar de originele tekeningen van Fiep Westendorp zou je graag je blote voeten planten in dat pluizige tapijtje

Kinderillustraties Fiep Westendorp behoorde tot de beste Nederlandse kinderboekenillustratoren. Het Rijksmuseum bezit geen enkele tekening van haar, maar toont nu wel een begeesterend overzicht van haar oeuvre.

Fiep Westendorp, ‘Het kindje lijkt op een varkentje’, 1980.

Tentoonstelling

Fiep Westendorp. T/m 13 september in het Rijksmuseum, Amsterdam. Info: www.rijksmuseum.nl

Annette Portegies en Gioia Smid, Fiep. Leven en werk van Fiep Westendorp. Querido Facto, 349 blz. € 49,99

In de zomer van 1954 tekende Fiep Westendorp voor Het Parool ‘Dit volk in het museum’: acht karikaturale tekeningen van museumbezoekers, die in allerlei veelzeggende houdingen schilderijen en sculpturen staan te bekijken. Nu, 72 jaar later, staan museumbezoekers van vlees en bloed naar hun getekende soortgenoten te kijken in het Rijksmuseum. Niet naar een vergeelde krantenpagina, maar naar het origineel. Dat hangt tussen zo’n 150 andere tekeningen op een overzichtstentoonstelling van Westendorps werk.

Illustratoren hebben in de museumwereld nogal wat weerstand te overwinnen gehad. Toen Westendorp voor het eerst in een museum tentoonstelde, in 1956 op een groepstentoonstelling in het Stedelijk Museum, liet directeur Willem Sandberg nadrukkelijk vermelden dat hier ‘boekillustratoren’ exposeerden en geen ‘kunstenaars’. Wat illustratoren maakten was geen vrije expressie, maar gebonden werk. Dienstbaar en decoratief.

Rond de millenniumwisseling besloot het Rijksmuseum zijn verzamelgebied uit te breiden met de naoorlogse Nederlandse kunst. Het Rijksprentenkabinet – de afdeling kunst op papier van het museum – begon moderne tekeningen en grafiek te verzamelen in de volle breedte: van bekende kunstenaars, maar ook van de wat traditioneler tekenende onderstroom én van illustratoren als Peter Vos, Dick Bruna en Peter van Straaten.

Fiep Westendorp (1916-2004) past helemaal in dat rijtje, maar van haar bezit onze nationale schatkamer geen enkel werk. Misschien kan de huidige tentoonstelling worden aangegrepen om een of twee representatieve tekeningen uit Jip en Janneke of Pluk van de Petteflet te verwerven van de Fiep Westendorp Foundation. Die stichting beheert Westendorps volledige nalatenschap, meer dan achtduizend tekeningen in totaal. Ze was een zeer productieve opdrachttekenaar, bescheiden als het ging om de betekenis van haar werk, maar ze nam haar tekeningen wel zo serieus dat ze ze na reproductie altijd zorgvuldig bewaarde. Uit dat enorme oeuvre kon het Rijks putten voor een representatief overzicht van Westendorps tekenaarsloopbaan. In de week van de opening verscheen bij uitgeverij Querido ook een rijk geïllustreerde biografie door Annette Portegies en Gioia Smid, die leven en werk van Westendorp zorgvuldig en toch met vaart te boek stelden.

Fiep Westendorp, VAC werk (uit: Vrouwenpagina Parool), ca 1968.

Demonen

Haar carrière begon na de Tweede Wereldoorlog met illustraties en boekomslagen voor onder meer het voormalige verzetsblad Vrij Nederland, de voormalige verzetsuitgeverij De Bezige Bij en vooral, veel en lang, de voormalige verzetskrant Het Parool. Daarnaast verdiende Westendorp de kost met reclametekeningen. Haar illustratiewerk is in die eerste jaren ook nog reclame-achtig en weinig onderscheidend. Een eigen Fiep-signatuur ontstond in de ‘demonen’ die ze rond 1948 voor zichzelf in haar schetsboek tekende omdat ze de somberheid en spanning van de oorlogsjaren maar niet uit haar hoofd kreeg. Die fantasiefiguren waren losser, wilder, vreemder, en iets daarvan liet ze vanaf de jaren vijftig ook toe in haar opdrachtwerk, bijvoorbeeld in haar illustraties voor Annie M.G. Schmidt. „Annies teksten hebben een soort anarchistische humor die mij ligt”, zei ze over hun samenwerking.

Hun verhaaltjes over de buurkinderen Jip en Janneke verschenen aanvankelijk als rubriek in Het Parool, en Westendorp ontwierp de figuurtjes als zwarte silhouetten omdat die scherp en helder op krantenpapier konden worden gedrukt. Voor latere boekuitgaven maakte ze van veel tekeningen nieuwe, vormvastere versies waarin de twee wat gedrongener zijn, meer kleuters dan kinderen, en waarin hun omgeving steeds vaker gekleurd is – want in de loop van de jaren zeventig werd kleurenreproductie in kinderboeken gangbaar.

De evolutie van Jip en Janneke is op de tentoonstelling mooi te volgen: van Het kindje lijkt op een varkentje zijn bijvoorbeeld versies uit 1952, 1977 en 1980 te zien. In de vroegste tekening staan de kinderen nog in een schuin-van-boven-perspectief met stuntelige overlappingen naast de wieg van Jannekes pasgeboren nichtje, de tweede tekening is een beter gecomponeerd, grafischer vooraanzicht van dezelfde situatie en in de laatste variant heeft Westendorp daar met kleurpotlood een hele kinderkamer omheen getekend. Raam, lambrizering en ingelijste dingen aan de wand zijn evenwichtig in het kader geplaatste rechthoeken. Al die rechtlijnigheid wordt ondertussen verzacht door roze en blauwe gordijnen met plooien, strikken en gedroedelde dessins, sullige speelgoedbeesten en een pluizig tapijtje waar je graag je blote voeten in zou planten.

Fiep Westendorp, ‘Naar Egwijk aan Zee’, 1969.

Pluk van de Petteflet

Pluk van de Petteflet (1971), een hoogtepunt in Westendorps oeuvre, werd meteen in full colour geconcipieerd. De jonge held beweegt zich door een bonte kleurenwereld met overal leuke details en visuele vindingrijkheid. Het is een kleine sensatie om van de illustraties waar half Nederland mee is opgegroeid nu de originelen te zien. Om het samenspel te volgen van potlood en inkt, kleurpotlood en plakkaatverf. En Tipp-Ex! De roodbruine kapsels van de Stampertjes blijken eerst met verf alle kanten op te zijn gepenseeld en vervolgens met dekwit in model te zijn gebracht.

„Ik wil een glimlach”, zei Westendorp ooit. Die krijgt ze in de Rijksmuseumzalen regelmatig. Maar het effect van haar tekeningen gaat verder. Ik denk dat menige tentoonstellingsbezoeker zal besluiten: en nu ga ik zelf ook tekenen. Want waarom zou je verdwijnen in door algoritmes en AI gegenereerde werelden op een beeldscherm als je ook met de hand – en potlood, inkt, verf, plezier – een eigen wereld kunt scheppen op papier? Zo maakt het Rijksmuseum, met oude meesters maar ook met moderne illustratoren, zijn bezoekers enthousiast voor de tekenkunst.

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next