In mijn beleving heb ik het nooit zo warm gehad als dezer dagen in Nederland. Toch ben ik in genoeg landen geweest waar de temperaturen nog hoger kunnen oplopen. Kennelijk hebben wij een Hollands soort hitte, gekenmerkt door luchtlagen met een zekere logheid en bewegingloosheid, die je in een verstikkende deken wikkelt.
Het is een hitte die extra prikkelbaar maakt bij de kleine en grote tegenslagen van het leven. Omdat er nog geen tropenrooster voor columnisten bestaat – idee voor FNV-voorman Hans Spekman? – moest ik thuis in de heersende hitte een column voltooien. Mijn concentratie werd steeds verstoord door het geschreeuw van werklieden, die namens de KPN langs de gevel van ons appartementengebouw een glasvezelkabel aanlegden. Ik benijdde hen niet, misschien was het nog een beter idee voor Spekman om zulk zwaar werk in dit weer te verbieden.
Ze waren al klaar met hun karwei toen ik ’s middags wegging. Op de grond lag wat los zand, maar wat vooral mijn aandacht opeiste was een grote witte ijzeren kast – bijna twee meter hoog, een meter breed – die tegen de gevel was geplaatst. Dat monster zou ons als bewoners de rest van ons leven op deze plek gezelschap blijven houden, hoorde ik later.
KPN had ons daarover niet ingelicht, maar in een flyer volstaan met de mededeling: ,,We maken een gat vlak bij jouw woning. Dit gat maken we ook weer netjes dicht.’’ Geen syllabe over het ontsierende monster tegen de gevel. Bij KPN maken ze liever geen slapende klanten wakker. Een klagende buurvrouw kreeg ter plekke van KPN-mensen te horen: ,,De grond is van Amsterdam.’’ Anders gezegd: van de gemeente Amsterdam mocht het.
Dat belooft nog wat: misschien zelfs zo’n wit KPN-wangedrocht tegen de gevel van de Amsterdamse burgemeesterswoning?
Dit zijn tegenslagen die in de drukkende warmte zwaar kunnen wegen voor de belaagde burger. Ik merkte het toen ik een uurtje later mijn vrouw in het verpleeghuis opzocht. We zouden een ijsje eten in de tuin, maar eerst moest ik haar helpen bij het verwisselen van broek. Dat zijn taaie klussen vol fysieke coördinatieproblemen. Heb je met veel moeite het ene been in de goede broekspijp gekregen, dan weigert het andere been opeens met grote koppigheid alle medewerking bij zíjn broekspijp. Er volgt druk overleg met beide benen én de eigenaresse ervan, meestal – en ook nu – met een gelukkige afloop.
Wel voelde ik op mijn bovenlijf een dun laagje zweet dat herinnerde aan die veelbesproken Hollandse hitte. Aan het verpleeghuis zelf lag het niet. Verpleeghuizen horen in deze tijden zelfs tot de koelste plekken op Hollandse aarde. Oude mensen, en zeker als ze ziek zijn, kunnen slecht tegen hitte. Daar wordt in veel verpleeghuizen voldoende rekening mee gehouden.
Vol goede moed, soms zelfs neuriënd, ging ik dan ook weer huiswaarts totdat ik de hoek van mijn straat omsloeg en in de verte dat witte gevaarte zag opdoemen tegen de gevel van het gebouw waar ik altijd zo graag gewoond had. Hoe had KPN het ook weer beloofd? ,,We maken een gat vlak bij jouw woning. Dit gat maken we ook weer netjes dicht.’’