De wereld is niet zo verdoemd als algoritmen ons doen geloven, ervoer zanger Erik de Jong (Spinvis) deze week maar weer eens.
schrijft voor Volkskrant Magazine
Tussen het dieptepunt en het hoogtepunt van de week van Erik de Jong (65) zat precies één minuut. Na een optreden in het Van Gogh Museum reed hij midden in de nacht terug naar huis en kreeg hij mot met een slingerende zwarte Volkswagen Golf waarvoor hij vol in de ankers moest. De Jong boos toeteren van ‘wat krijgen we nou’. Maar een paar meter later: stoplicht. Stonden ze daar naast elkaar. De Jong in zijn uppie, de Golf ‘vol met gasten’.
En wat denk je – de bestuurder draait zijn ráámpje naar beneden. ‘Ik probeerde hem neutraal aan te kijken, maar waarschijnlijk keek ik als een konijn in de koplampen.’ De Jong zette zich schrap voor een handgemeen, zag zijn leven aan zich voorbijflitsen. En toen zei de jongen, ja echt: ‘Sorry.’ ‘Ik voelde de adrenaline uit mijn lijf stromen en er kwam heel veel goeds voor in de plaats. Een gevoel van: wat fijn, de mensen zijn goed en een en al love en peace!’
Die hippiespirit vervulde hem deze week vaker. Sinds hij afscheid nam van de band waar hij al een kwarteeuw mee samenwerkte om een nieuwe creatieve weg in te slaan, vindt hij schoonheid in het kneuterige. Hij treedt nu het liefst op voor niet meer dan een paar honderd mensen, zoals komende vrijdag op het festival Wonderfeel. ‘Het is leuk en interessant om op Lowlands te staan voor honderdduizendmiljard mensen, maar ik haal meer betekenis uit intiemere optredens.’
Al is het maar omdat hij daar de hele tijd wordt blootgesteld aan het goede in de mens. Gisteren nog stond hij op te treden op een weiland, waar vrijwilligers vrolijk pannenkoeken bakten. ‘Heel Nederland draait op vrijwilligers.’ Hij zíét ze, nu hij is gestopt met doemscrollen. ‘Ik merkte aan mezelf dat dat een slechte invloed op me heeft. Door de fuik van het algoritme krijg je het idee dat de hele wereld vreselijk is.’ Al die leuke mensen die belangeloos dingen voor hun gemeenschap doen, blijken een fantastisch medicijn tegen de doem van de big tech.
Dicht bij huis vormden praatjes met zijn buren deze week een effectief tegengif. ‘In mijn straat wonen misschien drie of vier types die voldoen aan het profiel van de hufter, maar de overgrote meerderheid is normaal en leuk.’ De rotte appels verdwijnen naar de achtergrond, een beetje zoals de koormuziek, waarvan hij zo houdt, dat de valse kraaien overstemt. ‘Net als in een voetbalstadion. Individueel zingt iedereen knettervals, maar als één stem klinkt het zuiver. Imperfecties worden weggeboend door het geheel.’ En dat geheel is hoopgevend. Love en peace – als je goed kijkt, stroomt de wereld ervan over.
Week uit is een rubriek in Volkskrant Magazine waarin (bekende) Nederlanders de balans opmaken van hun afgelopen week. Wilt u alle verhalen, columns en rubrieken uit het nieuwste nummer lezen? Dat kan hier.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant