Home

De ondergang van een imperium: hoe ‘Lonely Planet’ zijn oorspronkelijke doelgroep in de steek liet

Reizen Lonely Planet gaf vroeger licht dubieuze uitleg over geld wisselen op de zwarte markt. Tegenwoordig zet de reisgids de meest Instagramwaardige ‘eilandervaringen’ op een rij. Het imperium is gevallen en heeft het zelfstandige budgetreizen in zijn val meegesleurd, constateert Beck Sharron.

De laatste tijd zie ik veel nostalgische berichten over de gloriedagen van zelfstandig reizen. Mensen betreuren de opkomst van influencers en verlangen met weemoed terug naar een vervlogen tijdperk. Zelf heb ik uitvoerig gereisd, van de analoge periode van de jaren negentig tot de vroege jaren nul waarin het internet opkwam. Ik heb van dichtbij gezien hoe dat internet onze manier van reizen heeft veranderd.

Beck Sharron is reisjournalist en auteur van de nieuwsbrief Between the Dots.

In 2006 zat ik in een trein naar Niš in Servië en bladerde ik door de Lonely Planet Western Balkans. Ik begreep ineens dat de trein ook stopte in Sofia, de hoofdstad van Bulgarije, die veel dichter bij Macedonië lag dan Niš. Terwijl ik de kaart in de reisgids bekeek en snel de informatie over de grensovergang controleerde, bedacht ik dat we hier konden uitstappen, een bus naar de grens konden nemen en nog voor het einde van de dag in Skopje, de hoofdstad van Macedonië, konden zijn. Met de kenmerkende bravoure van een Lonely Planet-lezer wist ik mijn reisgenoot Leo ervan te overtuigen onze prijzige treinkaartjes en comfortabele privécoupé op te geven voor een avontuurlijke busrit.

Destijds was Lonely Planet nog in handen van de oprichters, Tony en Maureen Wheeler. Hun verhaal begon in 1973 met een gids van 94 pagina’s waarin ze beschreven hoe ze een jaar eerder goedkoop door Azië waren gereisd. Het was de eerste uitgave van wat later zou uitgroeien tot het Lonely Planet-imperium. Maureen maakte de teksten, Tony tekende gedetailleerde kaarten.

Tegen 1999 had het Lonely Planet-imperium al meer dan dertig miljoen exemplaren verkocht van zorgvuldig samengestelde reisgidsen over bestemmingen die door andere uitgevers vaak over het hoofd werden gezien. De gidsen stonden vol praktische tips, degelijke achtergrondinformatie, gedetailleerde kaarten, geestig geschreven teksten en hier en daar een wat merkwaardige, licht dubieuze vermelding over zwarte markten of manieren om regels te omzeilen. Het uitgangspunt was nog steeds de informatie die Tony en Maureen wilden delen, in dezelfde stijl als voorheen, maar dan met actuelere gegevens en een professioneler omslag.

Buiten gebaande paden

Die rijk geannoteerde gids was acht maanden lang mijn trouwe reisgenoot. Hoewel ik regelmatig letterlijk en figuurlijk buiten de gebaande paden terechtkwam, hielp de informatie in het boek me steeds weer mijn koers te bepalen. De gids fungeerde als een kompas dat reizigers naar vaste ontmoetingsplaatsen leidde en hielp me uit te zoeken hoe ik van A naar B kon komen, al ging dat vaak via C en G.

Aan het einde van de jaren negentig en het begin van de jaren nul bereikte het Lonely Planet-imperium zijn hoogtepunt. In een tijd vóór smartphones en sociale media, vormde Lonely Planet een van de belangrijkste informatiebronnen over afgelegen delen van de wereld.

De gidsen boden een uitgebreid overzicht van de geografie, cultuur, bezienswaardigheden en lokale gerechten. Maar het belangrijkst waren misschien wel de aanbevelingen voor verblijfplaatsen. Informatie uit de eerste hand was goud waard; je wilde verblijven in een van de door Lonely Planet aanbevolen pensions. Niet vanwege de prijs of om bedwantsen te vermijden, maar omdat je er reizigers ontmoette die net uit een gebied kwamen waar jij naartoe ging, of die zelfs een bestemming kenden die niet in de gids vermeld stond.

Toen veranderde alles. Met de opkomst van internet kregen reizigers, net als iedereen, toegang tot een vrijwel onuitputtelijke stroom aan informatie. Aanvankelijk was dat een grote verbetering. Lonely Planet had zijn Thorn Tree Forum, een online ontmoetingsplaats voor reizigers, en er verschenen voortdurend nieuwe websites met steeds weer nauwkeurigere informatie over bijvoorbeeld grensovergangen of vegetarisch eten onderweg.

Maar die toegankelijkheid kende ook een keerzijde: het geleidelijk verdwijnen van het sociale netwerk van reizigers. Tijdens een backpackreis door Zuid-India in 2008 en 2009 zag ik daarvan de eerste tekenen: reizigers controleerden niet langer hun e-mail, maar scrolden door Facebook.

Toen ik tien jaar later weer terugkeerde naar Zuidoost-Azië had Instagram alles veranderd. Mensen deelden niet langer foto’s van hun reizen; ze bewerkten ze tot in detail en zetten ze in scène, alsof het reclamecampagnes waren. We gingen van het vastleggen van ervaringen naar het creëren ervan, met het doel ze te fotograferen en verspreiden.

In 2019 was er al niet meer aan te ontkomen. Instagram stond vol zorgvuldig geënsceneerde foto’s van Zuidoost-Aziatische stranden en luxe overloopzwembaden. Voor mijn eerste nacht in Bangkok had ik een hostel geboekt via Hostelworld, maar in Trang koos ik voor de ouderwetse aanpak. Ik liep gewoon binnen bij een van de weinige adressen die nog in de Lonely Planet stonden en boekte een bed in een slaapzaal voor twaalf personen.

Ook in Penang boekte ik vervolgens één nacht via Hostelworld, maar toen ik naar de receptie liep om mijn verblijf te verlengen, kreeg ik te horen dat dat via de app moest. Ik was compleet in de war. Het hostel stond me niet toe rechtstreeks bij hen te boeken; dat kon alleen via een externe app.

Dit was eigenlijk het moment waarop ik besefte dat het reizen zoals ik dat kende grotendeels voorbij was. Ik was ook al teleurgesteld in de nieuwe Lonely Planet Southeast Asia die ik voor deze reis had meegenomen. De gids stond vol kleurrijke foto’s, maar miste inhoud. Hij deed eerder denken aan een lifestylemagazine dan aan een reisgids.

Instagram-selfies en reisvloggers

De pagina’s werden nu gedomineerd door foto’s en fraai vormgegeven lijstjes van bijvoorbeeld ‘de vijf beste eilandervaringen’. Misschien voelde Tony Wheeler de bui al hangen, want in 2007 verkocht hij Lonely Planet voor een flink bedrag aan de BBC. Opmerkelijk genoeg viel die gebeurtenis samen met de laatste editie van de Pakistan-gids.Zevenentwintig jaar na de eerste uitgave werd deze zevende editie ook de laatste Lonely Planet over Pakistan.

Daarmee verschoof de focus van reisgidsen voor individuele reizigers die afgelegen bestemmingen bezochten naar de lucratieve reismarkten van Europa, Zuid-Amerika en Oceanië. Misschien leverden de afgelegen bestemmingen te weinig op. Misschien nam het aantal reizigers naar die regio’s sterk af. Of misschien waren deze reizigers niet langer de doelgroep. Wat de reden ook is, terwijl Instagram-selfies en reisvloggers hun opmars maakten, zette de neergang van Lonely Planet in.

Reizen heeft altijd een commerciële kant gehad, met pakketreizen en all-inclusive resorts. Maar inmiddels lijkt zelfs het backpacken eraan ten prooi te zijn gevallen. Het verval van Lonely Planet is daarvan slechts een symptoom. Je ziet het ook terug in de hostels, die tegenwoordig coworkingruimtes en yogalessen belangrijker vinden dan goedkope bedden en gemeenschappelijke ruimtes waar reizigers hun informatie uitwisselen.

En daar ligt misschien wel de kern van het probleem. Het sociale netwerk van individuele budgetreizigers – mensen die maandenlang spaarden om met een beperkt budget zo lang mogelijk onderweg te kunnen zijn – is verdwenen. En daarmee misschien ook het idee dat reizen draait om het verlaten van je comfortzone, om het maken van nieuwe vrienden en om het rauwe, ongefilterde leven, in plaats van om het produceren van content.

Ooit gold Lonely Planet als de bijbel van de zelfstandige reiziger. Tegenwoordig is het nauwelijks meer dan een fraai vormgegeven koffietafelboek. De opkomst en ondergang van Lonely Planet weerspiegelt die van wat je de gouden eeuw van het reizen zou kunnen noemen. Het imperium is gevallen – en heeft het zelfstandige budgetreizen in zijn val meegesleurd. Maar sommigen van ons lopen nog altijd rond met gehavende reisgidsen uit het midden van de jaren 2000, als ware relikwieën. We volgen de oude kaarten, op zoek naar plekken die Instagram nog niet heeft ontdekt – naar dat wat zich net buiten de kaart bevindt.

Reizen

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next