Home

Tien jaar na het Brexit-referendum is de nasleep nog springlevend in het VK

Het is deze week tien jaar geleden dat het Verenigd Koninkrijk besloot uit de EU te stappen. De Brexit heeft niet alleen enorme economische gevolgen gehad, maar ook de Britse politiek veranderd op manieren die nog moeilijk kunnen worden overzien.

"Het Britse volk heeft besloten een ander pad te kiezen", zei David Cameron, toen premier van het VK, op 24 juni 2016. Het was een dag na het Brexit-referendum. Dat had niet uitgepakt zoals hij wilde: de Britten stemden voor een vertrek uit de EU, met 52 procent tegen 48 procent. "Daarom denk ik dat het land vers leiderschap vereist om het die kant op te leiden."

Cameron ging een jaar eerder nog best lekker. Hij had aan het hoofd gestaan van de eerste naoorlogse coalitieregering in het VK, van zijn Conservatieven en de Liberal Democrats. Vijf jaar later werd de coalitiepartner het mikpunt voor onvrede bij de kiezer en had Labour een leider die zelfs impopulair was binnen zijn eigen partij. De Conservatieven kregen een nipte parlementaire meerderheid en konden weer alleen gaan regeren.

Met dat mandaat van de kiezer op zak, wilde Cameron afrekenen met een slepende kwestie. Na tientallen jaren was het volgens hem hoog tijd dat de Conservatieve Partij "ophoudt met zeuren over Europa". De Tories stonden op rechts bovendien onder toenemende druk van de eurosceptische UK Independence Party van Nigel Farage. Cameron had in 2013 al een "simpel erin-of-eruit-referendum" beloofd. Een "berekende gok", vond hij. Ging de kiezer voor 'Remain', zoals de premier verwachtte, dan zou dat de eurosceptici "voor een generatie tot zwijgen brengen".

Tien jaar later is Cameron niet alleen de Britse premier die de Brexit in gang zette, maar ook de laatste die een volledige regeringstermijn uitzat. Na hem wist geen enkele premier drie jaar vol te maken. De kortstzittende, Liz Truss, hield het maar 49 dagen vol. Met het vertrek van Keir Starmer, dat hij een dag voor het Brexit-jubileum aankondigde, krijgt het VK zijn zevende premier binnen tien jaar.

In de aanloop naar en de nasleep van de Brexit raakte de Britse politiek versnipperd. De coronacrisis kwam daar nog overheen. Kiezers stappen sneller en makkelijker over naar een andere partij als ze ontevreden zijn.

De twee traditionele gevestigde partijen, Labour en de Conservatieven, krijgen steeds meer concurrentie van kleinere partijen. In Schotland en Noord-Ierland, waar een meerderheid van de kiezers in de EU wilde blijven, hebben bewegingen die onafhankelijkheid of aansluiting bij Ierland willen, een boost gekregen.

"Wij hebben nu net zo'n stoelendans van premiers als vroeger in Italië, waarover we altijd grappen maakten", is een veelgehoorde klacht in het VK. De huidige Italiaanse premier, Giorgia Meloni, ligt op koers om haar termijn zonder veel problemen vol te maken.

De economische gevolgen van de Brexit maakten zich al kenbaar toen de stemmen nog werden geteld. Binnen een paar uur zakte het Britse pond naar het laagste niveau in dertig jaar tijd. Financiële onzekerheid zou de komende tien jaar een belangrijke metgezel van de Britse uittreding blijven.

Het pond noteert sinds het referendum structureel lager dan daarvoor. Dat raakt iedere Brit in de portemonnee: geïmporteerd voedsel, energie en grondstoffen werden duurder, wat doorwerkte in de inflatie.

Economen van onder meer de Britse begrotingswaakhond OBR schatten dat de Britse economie door de Brexit enkele procenten kleiner is dan wanneer het VK in de EU was gebleven. Die constatering ligt extra gevoelig omdat de economische groei in het VK momenteel stagneert en de inflatie en rentes hoog zijn.

Al met al wegen de economische voordelen nog niet op tegen de nadelen, maar ze bestaan wel. Het VK kon onafhankelijk van de EU handelsakkoorden sluiten met onder andere Australië en Japan. Tijdens de coronacrisis kon het sneller vaccins inkopen en toelaten voor gebruik dan EU-landen. Een aantal lang verguisde Europese regels, zoals rond de btw op menstruatieproducten, werd afgeschaft.

Niet onbelangrijk voor de toekomst: het VK groeide mede dankzij de Brexit uit tot 's werelds derde grootste AI-markt, na de VS en China. De Britse regering voert een veel minder streng AI-beleid dan de EU, wat het VK een aantrekkelijke vestigingsplaats maakt. Er zijn meer dan 5.800 AI-bedrijven gevestigd. De sector vertegenwoordigt een totale waarde van zo'n 26 miljard euro en groeit razendsnel. Naar verwachting is dat meer dan 1 biljoen euro in 2035.

De visserij levert een illustratief voorbeeld van de bredere gevolgen van de Brexit en de nieuwe relatie tussen het VK en de EU. Veel Britse economische sectoren blijven afhankelijk van handel met de Europese buren en die kent meer obstakels door de Brexit.

De belofte van 'controle over eigen wateren' was een belangrijke symbolische speerpunt van de 'Leave'-campagne. Die werd niet waargemaakt. In de handelsdeal van eind 2020 kregen Europese vissers jarenlang toegang tot Britse wateren. Dat werd eerder dit jaar verlengd voor een nieuwe periode van twaalf jaar, in ruil voor soepelere regels voor Britse voedselexport naar de EU.

De Britse uittreding kent ook een paar absolute winnaars: papegaaiduikers en koppotigen (zoals octopussen en kreeften). De zeevogels zien hun favoriete voedsel, de zandspiering, niet meer opgevist worden door Denen en de koppotigen zijn onder de Britse wet erkend als dieren met zelfbewustzijn en worden nu beschermd.

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next