Kabinetsplan
Dit is het dagelijkse commentaar van NRC. Het bevatmeningen, interpretaties en keuzes. Ze worden geschreven door een groepredacteuren, geselecteerd door de hoofdredacteur. In de commentaren laat NRC zien waar het voor staat. Commentaren bieden de lezer eenhandvat, een invalshoek, het is ‘eerste hulp’ bij het nieuws van de dag.
Eindelijk – na zeven jaar stilstand en vier kabinetten – ligt er nu een masterplan dat Nederland van het ‘stikstofslot’ zou moeten halen. Gelooft u het?
Die frustratie hoor je overal en is begrijpelijk. Het lijkt alsof er geen stap is gezet sinds de Raad van State de overheid in 2019 pijnlijk terecht wees: zonder echte stikstofaanpak en natuurherstel is er geen vergunningsruimte voor bouwen en bedrijven.
Maar het is te cynisch om te spreken van alleen stilstand. Het plan van 27 bladzijden dat landbouwminister Jaimi van Essen (D66) vrijdag presenteerde is verre van af en vraagt om uitwerking en onderhandelingen. Tegelijkertijd laat het ook zien hoeveel stappen er al zijn gezet, en dat er sinds 2019 de nodige lessen zijn getrokken.
Het kabinet-Rutte IV maakte in 2022 een domme strategische fout. Het begon met voorlopige stikstofdoelen voor alleen de landbouw, want voor industrie en vervoer waren ze nog niet uitgewerkt. Een gedetailleerd ‘stikstofkaartje’ met rode zones liet precies zien waar boerenbedrijven in de problemen waren.
Zo ontstond het frame dat de landbouw, weliswaar de grootste vervuiler, alleen moest opdraaien voor het stikstofprobleem. Het leidde tot grimmige boerenprotesten en creëerde mede een voedingsbodem voor de politieke revolte van de BBB.
De eerste winst – voor de hand liggend, maar fundamenteel – is dat het plan van vrijdag nadrukkelijk wél de sectoren landbouw, industrie en mobiliteit omvat. Sterker, de hele keten van voedselproducent tot supermarkt wordt aangesproken om de omslag naar een meer biologische aanpak te maken. In goed overleg, of wettelijk verplicht.
Het kabinetsplan verwijst verder nadrukkelijk naar de inbreng en rapporten van allerlei partijen. Organisaties uit de landbouw, de natuur- en milieuhoek, het bankwezen en de werkgevers. Ze hebben één gezamenlijk belang: vooruitgang. En dat kan ook, via stikstofvermindering en natuurherstel naar vergunningverlening.
Het stikstofplan gaat ook verder met plannen van eerdere kabinetten, zelfs ‘BBB-beleid’ van het kabinet-Schoof. Zoals het invoeren van een vergunningsvrije drempelwaarde voor natuurschade, het schrappen van de bekritiseerde methode om stikstofneerslag te meten (KDW), de omslag naar uitstootnormen per individueel bedrijf.
Ook doet het minderheidskabinet een handreiking aan de oppositie, want die is hard nodig voor meerderheden. Zo zijn in het stikstofplan diverse Kamermoties verwerkt, van Pro tot JA21 en de SGP. En de toon is wat gematigder: anders dan in 2022 zal D66 zich niet snel meer profileren met een „halvering van de veestapel”.
Zonder jarenlang debat, tot vervelens toe, lag er nu niet dit plan met compromissen. Ook andere hordes zijn al genomen: een nieuw ‘Landbouwakkoord’ heeft geen zin, dat heeft het kabinet in 2023 al geprobeerd met de sector. De BBB heeft kunnen regeren en zelf aangetoond dat je stikstof niet reduceert met agropopulisme.
Het terugdringen van stikstof is gewoonweg een gigantische, onvermijdelijke opgave. Het vraagt om een duurzame transformatie van de economie, en kan helaas niet zonder pijnlijke ingrepen voor vele ondernemers. Wat het oplevert is ook helder: een schonere natuur en minder dierenleed, een nieuwe toekomst voor de landbouw en industrie, gezonder voedsel en meer woningen voor consumenten.
Er ligt nu een plan en er is 20 miljard euro. Het is aan de politiek, boeren, bedrijven en burgers om het momentum te benutten. Want Nederland zit niet op een ‘stikstofslot’. Het werkelijke slot zit op de samenwerking in Nederland.