Nederland is sinds de oorlog in Oekraïne veel minder afhankelijk geworden van Russische energie. Maar daarvoor is een nieuwe afhankelijkheid in de plaats gekomen: de Verenigde Staten zijn inmiddels de belangrijkste buitenlandse energieleverancier.
Nederland heeft de afhankelijkheid van Russische energie de afgelopen jaren sterk afgebouwd. Maar daardoor is de energievoorziening niet minder afhankelijk geworden van het buitenland. Integendeel: Nederland haalt juist een groter deel van zijn energie uit andere landen dan tien jaar geleden.
Vooral de Verenigde Staten zijn belangrijker geworden. In 2015 kwam nog 3 procent van de in Nederland gebruikte energie oorspronkelijk uit de VS, terwijl dat in 2025 24 procent was. Daarmee is de VS volgens nieuwe cijfers van statistiekbureau CBS de belangrijkste buitenlandse energieleverancier van Nederland.
Die verschuiving is zichtbaar bij olie én gas. Nederland haalt veel meer olie uit de VS dan tien jaar geleden Ook komt er meer Amerikaans aardgas deze kant op. Dat gas wordt niet via pijpleidingen geleverd, zoals veel Noors gas, maar komt als vloeibaar aardgas per schip naar Nederland.
De omslag volgde op de Russische inval in Oekraïne in 2022. Rusland gebruikte gasleveringen daarna als drukmiddel richting Europa. De Europese Unie besloot de afhankelijkheid van Russische energie sterk terug te brengen en werkt aan een verdere uitfasering van Russisch gas.
Volgens de Europese Commissie is het aandeel Russisch gas in de Europese gasimport sinds het begin van de oorlog gedaald van 45 procent in 2021 naar 12 procent in 2025.
Voor Nederland is die daling ook zichtbaar in de totale energievoorziening. In 2021 was Nederland nog voor 21 procent afhankelijk van energie uit Rusland. In 2025 was dat minder dan 3 procent. De afhankelijkheid is dus niet verdwenen, maar verschoven: Rusland is veel kleiner geworden, terwijl vooral de VS belangrijker is geworden.
Dat maakt Nederland minder kwetsbaar voor Russische druk, maar niet onafhankelijk. De afhankelijkheid is vooral verschoven. Maar zoals je in het artikel hieronder kunt lezen, is ook dat niet zonder risico.
De Amerikaanse regering heeft het afgelopen jaar onder president Donald Trump meerdere keren gedreigd met handelstarieven en andere maatregelen om politieke of economische druk uit te oefenen. Zo dreigde Trump met extra importheffingen tegen landen met digitale belastingen op Amerikaanse techbedrijven en met hogere tarieven voor onder meer de EU en Mexico.
Het CBS doet geen uitspraken over zulke politieke risico's. Wel maken de cijfers duidelijk dat de ene afhankelijkheid deels is vervangen door de andere.
Nederland kan bovendien maar een beperkt deel van zijn energie zelf leveren. In 2025 kwam 23 procent van de gebruikte energie uit Nederland zelf. De rest kwam uit het buitenland. Dat buitenlandse aandeel is de afgelopen tien jaar van 70 naar 77 procent gestegen.
Dat komt vooral doordat Nederland steeds minder gas uit eigen bodem haalt. De gaswinning in Groningen is sinds oktober 2023 helemaal gestopt. Hernieuwbare energie, zoals wind- en zonne-energie, vangt een deel daarvan op. Daardoor is de afhankelijkheid van het buitenland niet nog sterker gestegen.
Daarnaast is de import van energie ook uit andere landen toegenomen. Noorwegen blijft een grote leverancier, vooral van gas via pijpleidingen. Kazachstan levert meer olie dan vroeger.
Voor de Europese Unie als geheel is het beeld iets anders. De totale energieafhankelijkheid van landen buiten de EU bleef de afgelopen jaren ongeveer gelijk en lag in 2024 op 53 procent.
De rol van Rusland is de afgelopen jaren een stuk kleiner geworden: van 19 procent in 2021 naar 3 procent in 2023 en 2024. Tegelijkertijd is de VS ook voor Europa belangrijker geworden als energieleverancier.
Source: Nu.nl economisch