Home

Voetbal is progressiever dan politiek. Marokkaanse Nederlanders juichen voor de underdog

WK voetbal Deze dinsdagochtend om 3.00 uur is de WK-wedstrijd tussen Nederland en Marokko. Abdelkader Benali betoogt dat diaspora en migratie het voetbal verrijken, terwijl de westerse politiek vijandiger wordt tegen migranten.

Supporters bekijken het derde WK-duel van Kaapverdië, deze keer tegen Saoedi-Arabië. Het Kaapverdische team heeft zes spelers die in Nederland zijn geboren en doet voor het eerst in de geschiedenis mee aan het wereldkampioenschap.

Het lot heeft bepaald dat Nederland en Marokko dinsdagochtend tegen elkaar spelen. Dit WK-voetbal laat zien hoe de diaspora in het Westen een steeds prominentere rol gaat spelen. Het bontgekleurde trainingshemd van Oranje, ontworpen door het Amsterdams-Surinaamse Patta, is de symbolische uitkomst van de cultuur van de straat, ook wel the culture, met eindeloze mixen van invloeden, culturele smaken en iconen uit het Mondiale Zuiden.

The culture heeft zijn weg gevonden naar de hoogmis van het wereldwijde kapitalisme, waardoor het voetbal méér wordt dan een spelletje. Het is een massamanifestatie met duizenden kleine verhalen die optellen tot een mozaïek van wie we zijn: een allegaartje van wereldculturen die elkaar aansteken met verhalen over heldendom en verlies.

Abdelkader Benali is schrijver.

Waar het WK-voetbal laat zien dat een wereld waar op talent wordt geselecteerd uiteindelijk multicultureel is, proberen westerse regeringen deze aanvoer van menselijk kapitaal moedwillig te frustreren met torenhoge muren, onhaalbare visumeisen, uitzettingen en opsluiting. In die zin is het voetbal progressiever dan de politiek, en dat zou te denken moeten geven.

Multicultureel elftal

Het kan de sportieve beschouwer niet ontgaan zijn dat de smaakmakers landen zijn met spelers uit de diaspora. Kinderen van vluchtelingen, kennismigranten en illegalen geven de westerse teams kwaliteitsimpulsen. De erfenis van het kolonialisme leidt tot een Frans elftal dat voor bijna 100 procent wortels heeft in Afrika. Kaapverdië, het kleinste land dat ooit de playoffs heeft gehaald, bestaat voor een groot deel uit Rotterdammers uit de wijk Spangen. Marokko stelde een team op tegen Brazilië dat in zijn geheel buiten Marokko was geboren. Oranje heeft van oudsher spelers met Caraïbische roots; de verhalen over het slavernijverleden die deze sporters met zich meedragen worden genegeerd, de broer van spits Brian Brobbey speelt voor Ghana.

Ik herinner me hoe Oranje als multicultureel elftal werd gevierd. Opvallend is daarom dat deze keer het niet of nauwelijks over dat multiraciale aspect gaat. Nederland is geen gidsland meer, politiek gezien heeft het na een kabinet van uiterst rechtse signatuur niets meer om mee te pronken. Op sociale media wordt gesproken dat dit Oranje te donker van kleur is.

Tussen het hossende publiek dat Congo (geteisterd door een burgeroorlog en ebola) aanmoedigt staat een man verkleed als Patrice Lumumba, de legendarische eerste Congolese premier, gedurende negentig minuten stil als een menselijk standbeeld. Lumumba staat voor verzet, verzet is het wapen van de underdog. Dit WK is óók het verhaal van David en Goliath, mede door de genocide in Gaza. Waar onderdrukten, vooral uit het Mondiale Zuiden, de bovenbazen een lesje leren.

Wat zien we Kaapverdië graag standhouden tegen Spanje, geven we Iran onze sympathie en dromen we van Marokko als wereldkampioen. Het WK is de enige plek in het westerse bewustzijn waar het Mondiale Zuiden volop de aandacht heeft, waar helden een naam krijgen en verliezers worden gelauwerd. Waar al die perspectieven aandacht opeisen, al duurt het nog zo kort.

Underdogpositie

De diaspora rukt dus op, maar er zijn tegenkrachten. De Verenigde Staten zitten niet te wachten op een Somalische scheidsrechter, vreemdelingenpolitie ICE controleert rond de stadions op ongedocumenteerde Mexicanen, en tienduizenden Afrikaanse supporters kregen geen visum. Niet-westerlingen worden tegengewerkt. De zoveelste vernedering moet geslikt worden. Dat maakt ons niet minder vitaal. Nederlagen horen er namelijk bij. Machteloosheid is een vormingsprincipe. Na lange ervaring hebben we geleerd om vanuit de underdogpositie het leven aan te gaan. Voetbal, kortom, is een feest voor underdogs.

De wedstrijdbeschouwing tussen Nederland-Marokko gaat om die reden een nieuwe fase in. Aan Nederlanders met een Marokkaanse afkomst vragen voor wie ze zijn is niet alleen de verkeerde vraag stellen, het betekent ook dat men het gegeven antwoord nooit helemaal op waarde kan schatten. Als kind van de diaspora ben je per definitie voor de underdog, een enkele uitzondering daargelaten, want in de underdog zien we onszelf. Je bereidt je voor op een nederlaag, ondertussen hartstochtelijk gelovend in de overwinning. Het geluksgevoel als het kwartje de goede kant op valt is orgastisch. Dan maar tégen Oranje.

Wie de vraag ‘voor wie ben je?’ stelt, begrijpt niet wat de diaspora is, begrijpt niet waarom Kaapverdianen in Rotterdam door het dak gaan bij een plaats in de knock-outfase, en begrijpt ook niet waarom een geboren en getogen Amsterdammer toch vurig voor Marokko kan zijn.

Voetbal dwingt ons tot de vraag: zijn we in staat om het gezamenlijke vieren en treuren ook in ons dagelijks bestaan vorm te geven? Kunnen we begrip opbrengen voor multiculturele landgenoten? Of leveren we onszelf weer uit aan de oude retoriek die garen spint bij een eeuwige strijd met alleen maar verliezers?

Het lot heeft dus bepaald dat Nederland en Marokko dinsdagochtend tegen elkaar spelen. Wat gebeurt er als Marokko eruit vliegt? Dan zullen we treuren. En dan zullen we juichen voor de nieuwe underdog: dit Oranje.

Voetbal

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next