De omstandigheden waarin de veertienjarige Tamar in 2020 werd gevonden riepen destijds al meteen vragen op, maar het bleef zonder gevolgen. Zes jaar na het dodelijke ongeluk moet de bestuurder van de betrokken auto alsnog verantwoording afleggen.
Het is pikkedonker als het dimlicht van een auto delen van de dijk tussen Monnickendam en Marken verlicht. Plots wordt een silhouet van een meisje in de berm gevangen in de koplampen. Net lang genoeg om haar blonde haren en witte jas te zien.
Verward over waarom iemand in het lage gras loopt en niet boven op de dijk, rijdt de getuige verder. Ze is onderweg om haar zoon op te halen en heeft geen tijd om te stoppen. Het is 2.45 uur in de nacht van 24 op 25 juli 2020 en de laatste keer dat iemand Tamar in levenden lijve ziet.
Ruim een uur later kijkt een agent naar haar levenloze gezicht terwijl ze aan de zijkant van de weg ligt. Het is een van de twee agenten die is afgekomen op de melding dat er een veertienjarig meisje uit Marken wordt vermist. Ze is weggelopen na een discussie met haar moeder over het gebruik van haar telefoon.
Wat van een afstandje op een zwaan lijkt, neemt naarmate de politieauto nadert steeds meer een menselijke vorm aan. De witte veren op het wegdek zijn niet van een dier, maar afkomstig uit de voering van een jas. Als de agent Tamar aankijkt, slaat de schrik haar om het hart. "Zeedijk", klinkt er paniekerig door de portofoon van de meldkamer. "Er is iemand aangereden. Lijkt dood."
De agenten treffen Tamar half liggend in de berm aan. De bijzondere houding van haar lichaam, alsof ze is opgebaard, in combinatie met wat op een sleepspoor lijkt, doet vermoeden dat ze is versleept. "Zo kaarsrecht zoals zij daar lag, heb ik nog nooit iemand aangetroffen", verklaart een derde collega later. Hij maakt foto's van de plaats van het ongeval en is bij vele aanrijdingen aanwezig geweest.
Ook jaren later is er bij politie en justitie het vermoeden dat Tamar niet zelfstandig in de berm is beland, blijkt uit een reconstructie van NU.nl. Maar het wordt niet geheel uitgesloten.
Toch wordt het ongeval in eerste instantie afgedaan met een boete. Als de bestuurder van de betrokken auto weken later wordt aangehouden, zegt hij nooit te hebben doorgehad een mens te hebben aangereden. Hij was druk met de navigatie op zijn telefoon en dacht aan een dier of kuil in de weg. Het Openbaar Ministerie (OM) gelooft hem en legt een boete van 1.500 euro op voor onvoorzichtig rijden.
Met een zogenoemde artikel 12-procedure wordt door slachtofferadvocaat Sébas Diekstra namens de nabestaanden van Tamar alsnog vervolging van de bestuurder afgedwongen. Dinsdag staat Jamal T. bijna zes jaar na het ongeval terecht. De verdenking is betrokkenheid bij een verkeersongeval met dodelijke afloop en het verlaten van de plaats van het ongeval.
T. is de bestuurder van een auto die in juli 2020 vanuit Duitsland richting Nederland rijdt. De vier inzittenden hebben in Duitsland asiel aangevraagd en mogen in afwachting van een verblijfsvergunning niet de grens over. Dat houdt ze niet tegen om op vrijdag 24 juli via de A12 Nederland binnen te rijden. Ze willen er even uit en een van hen kent een goede plek aan het strand.
Vlak voor hun aankomst in Marken begint de navigatie te haperen. T.'s ogen zijn niet langer op de weg gericht, maar op het scherm van zijn telefoon als het stuur in zijn handen begint te trillen. Hij weet niet waarom. Reed hij door een gat in de weg of over een dier? Het is voor hem in ieder geval geen reden om direct te stoppen.
Minuten later registreert een camera van een pinautomaat hoe de Mazda 3 Marken binnenrijdt. Op een parkeerplaats maakt T. een rondje om de auto zonder iets te zien. Het ritueel wordt bij het eerste ochtendlicht herhaald, maar nu samen met een andere inzittende. Aan de voorkant van de auto ontdekken ze waar het geluid van vastlopend plastic vandaan komt. Ze breken een stuk van de bumper af. Dat verdwijnt in de achterbak.
Van de kampeerplannen is weinig meer over. "Te koud", is volgens T. de reden dat ze de ruim 400 kilometer direct weer terugrijden. Als ze bij de politieafzetting komen op enkele honderden meters van het ongeval, volgen ze de instructies van de agenten op. Het komt niet in ze op om te melden dat ze die nacht over iets heen zijn gereden.
Dit keer rijdt T. via Duisburg terug om de wielen en velgen van de auto's te verwisselen. Daarna brengt hij de auto naar de wasstraat. Pas als T. weken later wordt aangehouden door de Duitse politie, begrijpt hij dat er een meisje is overreden.
Hij houdt vol dat niemand is uitgestapt en dat hij al zeker niemand heeft versleept. De afspraak voor het verwisselen van de banden stond al langer. Hij is zuinig op zijn auto. Vandaar dat hij die ook gelijk heeft gewassen.
Nog altijd is er veel onduidelijkheid over wat er met Tamar is gebeurd. Het waarschijnlijkste scenario is dat ze al op de weg lag of zat voordat ze werd aangereden, maar het is gissen waarom. Nergens op haar lichaam is DNA van de verdachten gevonden, wat zou bewijzen dat zij haar hebben aangeraakt. Ook de korte tijdspanne tussen het ongeval en het mogelijke verslepen roept vragen op of de inzittenden hiervoor wel verantwoordelijk zijn.
Zes jaar later wordt in de rechtszaal duidelijk hoe het OM en de verdediging tegen de zaak aankijken. De nabestaanden hopen dat T. ze meer kan vertellen over wat er in 2020 is voorgevallen.
Source: Nu.nl algemeen