Persvrijheid Hongkong Vijf jaar geleden sloot de kritische krant Apple Daily in Hongkong zijn deuren. Hoe staat het nu met de persvrijheid in het gebied? „Mensen weten niet hoe ze de risico’s moeten inschatten.”
In september 2024 moesten twee journalisten van de inmiddels gesloten onafhankelijke krant Stand News in Hongkong voor de rechter verschijnen.
Verder van de wolkenkrabbers en neonverlichting waar Hongkong bekend om staat kan je bijna niet komen. Maar ook het vissersdorp Tai O op het eiland Lantau, bereikbaar via boot, een lange busrit, of een duizelingwekkende kabelbaan over dichtbegroeide bergen, maakt onderdeel uit van de miljoenenstad.
Vanuit een boerderij aan het water runt de veertigjarige Siu Yin Fung hier een lokale krant, de Lantau Connects. Ze begon de krant in 2020, nadat ze als kandidaat voor het pro-democratische kamp, een coalitie van politici die zich verzetten tegen de snelgroeiende invloed van China in de stad, had meegedaan in de lokale verkiezingen van 2019.
Het pro-democratische kamp boekte tijdens die verkiezingen grote winst. Maar die bleek een startschot voor meer repressie. Een half jaar na de verkiezingen introduceerde Beijing in 2020 een ingrijpende nationale veiligheidswet die een einde maakte aan de politieke oppositie en aan de grootschalige protesten van de jaren ervoor. Inmiddels moeten alle verkiezingskandidaten goedgekeurd worden door overheidscommissies.
Fung won zelf haar campagne in Lantau niet. De energie om zich in te zetten voor haar stad en leefomgeving was er nog wel, vertelt ze aan een houten tafel naast de veldjes waar zij en haar partner groenten verbouwen, terwijl het geluid van de krekels in de omringende bomen en planten het gesprek bijna overstemt.
Terwijl de grote politieke thema’s steeds meer door de overheid worden gecontroleerd, wil Fung de verhalen vertellen van het vaak genegeerde Hongkongse platteland, zoals het verdwijnen van lokale dorpsscholen of de recente terugkeer van traditionele rijstteelt op het eiland. „Dit is iets waar we onszelf nog wél in kwijt kunnen. We focussen op wat we in onze eigen omgeving kunnen doen.”
Ze is niet de enige. Na de invoering van de nationale veiligheidswet gingen de grote Hongkongse media zichzelf steeds meer censureren. Kritische media Apple Daily en Stand News moesten in 2021 hun deuren sluiten. Dertien van hun leidinggevenden werden gearresteerd, en eerder dit jaar werd Apple Daily-oprichter Jimmy Lai veroordeeld tot twintig jaar gevangenisstraf.
In diezelfde periode zag Hongkong een verrassende opleving van buurtkranten. Een onderzoek naar meer dan twintig van deze kranten van de Chinese University of Hong Kong spreekt van een trend van ‘hyperlokale’ burgerjournalistiek, waarmee Hongkongse burgers ruimte blijven afdwingen voor een eigen, lokale identiteit.
De onafhankelijke krant Apple Daily werd vijf jaar geleden door de autoriteiten tot sluiting gedwongen. Oprichter Jimmy Lai (links) zit in de gevangenis.
Het zijn lichtpuntjes in het Hongkongse medialandschap: de buurtkranten of de nieuwe online platforms, vaak begonnen door ontslagen journalisten, die kritisch verslag blijven doen van de politieke ontwikkelingen in de stad. Maar over de grote trend kan geen twijfel bestaan, vertelt Rose Luqiu Luwei, hoogleraar in de journalistiek aan Hong Kong Baptist University.
„Mensen blijven hard hun best doen, maar als je naar het hele plaatje kijkt, zie je een snelle afname van de persvrijheid sinds 2020. Dat is wat dit is.” Naast de intimiderende werking die de nationale veiligheidswet uitoefent op de Hongkongse journalistiek, legt de nationale veiligheidsdienst ook steeds vaker direct contact met de leidinggevenden van Hongkongse media over hun verslaggeving. Ook oefent de overheid invloed uit op benoemingen en hebben individuele journalisten vaker te maken met bedreiging en intimidatie. Hoewel er anders dan in China nog volledig private mediabedrijven bestaan, zou Luwei het Hongkongse mediasysteem inmiddels beschrijven als autoritair.
In de wereldwijde ranglijsten op het gebied van de persvrijheid zie je die verslechtering terug. De afgelopen twee jaar stond Hongkong op plaats 140 van de 180 landen in de persvrijheidsindex van Reporters Without Borders. In 2019 was dat nog plek 73, en in 2002 stond Hongkong op de achttiende plaats.
De vergelijking met China (plek 178) dringt zich voortdurend op. Lang was Hongkong de plek waar Chinese journalisten in groten getale naartoe verhuisden vanwege het vrije mediaklimaat en de traditie van politieke ‘waakhond’-verslaggeving. Ook Luwei zelf kwam zo in de jaren negentig vanuit Shanghai in Hongkong terecht. Ze werkte decennialang als internationaal verslaggever voor televisiekanaal Phoenix TV, voordat ze in 2015 de media verliet vanwege de afnemende ruimte.
Twee voormalige hoofdredacteuren van het in 2021 gesloten onafhankelijke medium Stand News werden in 2024 schuldig bevonden aan ‘opruiing’.
Al sinds Hongkong in 1997 van Britse in Chinese handen overging, probeert de Chinese overheid er meer controle te krijgen over het mediaklimaat. Lang gebeurde dat vooral op indirecte wijze, via de invloed van adverteerders, of doordat media-eigenaren ook zakelijke belangen in China hadden. Maar de stroomversnelling waarin dit proces de afgelopen jaren is geraakt, zorgt ervoor dat de angst voor politieke repercussies in Hongkong nu nog meer leeft dan in China zelf.
Luwei: „In China hebben mensen meer ervaring met censuur vanuit de overheid. Hier in Hongkong is het helemaal nieuw. Mensen zijn in verwarring en weten niet hoe ze risico’s moeten inschatten.”
Daar komt bij dat ook de Hongkongse autoriteiten zelf nog weinig ervaring hebben met hun nieuwe rol, en om Beijing tevreden te stellen soms harder optreden en sneller overgaan tot arrestatie dan in China gebruikelijk is.
Tegelijk blijven elementen van het Hongkongse systeem heel anders dan in China. Zo is het internet grotendeels vrij toegankelijk in de regio, anders dan in China, waar veel niet-Chinese websites en platforms geblokkeerd zijn.
Hoe verandert dit de Hongkongse journalistiek? Duidelijk is dat er nog maar weinig directe kritiek op overheidsbeleid wordt geuit, zeker op het gebied van nationale veiligheid. De autoriteiten kondigden in april een wetswijziging aan die reizigers naar Hongkong verplicht om bij een veiligheidscheck het wachtwoord van hun telefoon of laptop te geven. Sindsdien werd daar wel over geschreven, maar klonken er vrijwel geen kritische geluiden in de media.
Daarnaast sneuvelt de onderzoeksjournalistiek. Dat is bijvoorbeeld te zien in de verslaggeving over de grote brand in een Hongkongs wooncomplex afgelopen najaar, waarbij 168 mensen omkwamen en die wereldwijd aandacht trok. Hoewel media kort na de ramp schreven over de corruptie in de bouwsector die tot de ramp leidde, viel dat onderzoek al snel stil. Veel van de verslaggeving beperkt zich tot „alleen de feiten”, aldus Luwei.
Tse [volledige naam bekend bij de redactie], een 32-jarige verslaggever voor een onafhankelijke nieuwswebsite, herkent dat beeld. Hij schreef de afgelopen tijd veel over de ramp, en deed verslag van de hoorzittingen van een onafhankelijke commissie. Toch wringt het. „Volgens mij doen de Hongkongse media het goed als het gaat om het vertellen van de verhalen van de slachtoffers, en hoe zij proberen hun leven op te pakken. Maar qua onderzoek is het erg lastig.”
Ook buiten de journalistiek neemt in Hongkong de vrijheid van meningsuiting af. Vorige week werd de eigenaar gearresteerd van een boekhandel die bekend stond om zijn uitgesproken politieke boekencollectie. Leticia Wong (33) had boekhandel Hunter in 2022 opgericht omdat ze vond dat ze „ook op een zinkend schip dingen te kiezen had” en wilde blijven bouwen aan een stad waar ze zich thuis kon voelen.
Volgens een bericht van de politie wordt Wong onder andere verdacht van het verkopen van „opruiende publicaties” en het ontvangen van buitenlandse politieke donaties. Ze is op borgtocht vrijgelaten.
De arrestatie vond precies vijf jaar plaats nadat de kritische krant Apple Daily de laatste editie drukte. Op de voordeur van boekhandel Hunter hing een pagina uit die editie, met een citaat van de Tsjechische dissident en schrijver Vaclav Havel. Volgens ooggetuigen werd de poster tijdens de inval verwijderd. In maart waren er ook al arrestaties bij een andere openlijk kritische boekhandel, een van de weinige die de stad nog telt.
Als het gaat om verhalen die kritisch zijn over de overheid, bijvoorbeeld over het voornemen om het complex niet te herbouwen, hoewel veel van de voormalige inwoners dat graag zouden willen, kom je niet ver, merkt hij. „Daar wil niemand over praten. Dat is frustrerend.”
Ook als je wel een kritische bron vindt is het ingewikkeld. „Je moet je dan afvragen of ze de risico’s van het geven van een interview voldoende begrijpen.”
Hij is niet van plan om te stoppen. „Er kan ook nog veel wel. We kunnen proactief blijven en werken aan onze weerbaarheid.”
Voor inspiratie kijkt hij daarbij ook naar de tactieken van zijn collega’s in China, zoals het maximaal gebruikmaken van de periode net na een nieuwsgebeurtenis, voordat de overheidsinstructies duidelijk zijn. „Daar is het nooit een vriendelijk klimaat voor journalisten geweest. Maar mensen bleven hun werk doen.”
Toch zijn er ook veel journalisten die voor een andere carrière kiezen. Zoals Aven Miao, een ervaren redacteur die sinds vorig jaar zijn dagen niet langer voor een scherm doorbrengt, maar meestal te vinden is in een pilates-studio in centraal Hongkong. Daar traint hij om pilates-instructeur te worden, een intensief traject waarbij hij vrienden en kennissen gratis lessen aanbiedt om aan zijn trainingsuren te komen.
„Ik voelde dat ik echt een ander dagelijks leven moest gaan leiden”, vertelt hij tussen twee lessen door. In zijn nieuwe bestaan komt hij meer buiten de deur en voelt hij zich fysiek en mentaal beter.
Pas nadat hij zijn vorige baan verliet merkte hij hoe deprimerend hij de journalistiek was gaan vinden. Vanwege het politieke klimaat bleven de bronnen en zelfs de auteurs van het online magazine dat hij redigeerde steeds vaker anoniem. „Ik voelde de verbinding met ons publiek steeds minder.” Ook de afnemende relevantie van de media, in China en Hongkong maar ook wereldwijd, maakte dat hij afgleed in wat in China vaak een ‘politieke depressie’ wordt genoemd.
Hoe lang hij nog in Hongkong blijft weet hij niet. Sinds hij in 2019 vanuit China naar Hongkong kwam om wat meer vrijheid te ervaren, was hij nooit naïef over de afname van Hongkongs autonomie. Maar veel van wat er nu gebeurt in het medialandschap was vijf jaar geleden nog „onvoorstelbaar”, bij lokale maar ook bij buitenlandse media in de stad.
Voorzitter Selina Cheng van de Hongkongse journalistenvakbond in 2024 op een persconferentie over de intimidatie van journalisten in de stad. Cheng zelf beschuldigt haar voormalige werkgever, The Wall Street Journal, ervan haar vanwege haar vakbondswerk te hebben ontslagen.
Want ook grote buitenlandse media reageerden de afgelopen jaren op de nationale veiligheidswet in Hongkong. Media zoals The New York Times en The Wall Street Journal ontsloegen een deel van hun personeel in Hongkong en breidden hun kantoren in Singapore of Seoul juist uit. Ook een rechtszaak tussen de Wall Street Journal en voormalig werknemer Selina Cheng, die stelt dat ze is ontslagen vanwege haar positie als voorzitter van een kritische journalistieke vakbond – wat de Amerikaanse krant ontkent – wordt gezien als een gevolg van de afnemende persvrijheid.
Ook de trend van de buurtkranten is alweer op zijn retour. De bladen hebben te maken met de gebruikelijke uitdagingen van de lokale journalistiek, zoals het vinden van duurzame financiering en menskracht.
Lantau Connects richt zich op twee papieren edities per jaar, met daarnaast regelmatige posts op sociale media. Daar sturen bewoners tips en filmpjes in, bijvoorbeeld van een naderende tyfoon. Fung en haar collega’s attenderen lezers op dingen die ze kunnen doen in de buurt, zoals recent het insturen van commentaar op overheidsplannen om de haven uit te breiden in het leefgebied van de Chinese witte dolfijn.
De buurtkrant Lantau Connects verschijnt voornamelijk online. Twee keer per jaar verschijnt een papieren editie.
Daarnaast deelt de buurtkrant nieuws van andere onafhankelijke Hongkongse media, zoals een interview met de bekende journalist Ronson Chan, die eind mei na een lange rechtszaak vijf dagen de cel in moest omdat hij jaren geleden zijn ID-kaart niet had willen laten zien aan een agent in burger. Chan vertelt dat de ervaring hem „verzwakt” heeft. Hij gaat door met zijn verslaggeving maar wil ook eerlijk zijn over het intimiderende effect van zelfs een korte gevangenisstraf.
Fung is blij met hoe de krant haar banden met het eiland heeft versterkt. Ze hoopt er mee door te gaan, ook als platform voor een nieuwe generatie. Zelf leerde ze naar eigen zeggen tijdens de grote Hongkongse protestbewegingen veel over burgerschap. Tijdens de Occupy-beweging van 2014 volgde ze met medestudenten college op straat. Bij jongeren van nu proeft ze diezelfde behoefte om zich in te zetten voor hun stad, maar nu politieke participatie gevaarlijk is hebben ze minder manieren om dat te doen. „De zaadjes zijn er nog, maar ze hebben ook plekken nodig om te groeien.”