Nederland is met afstand ’s werelds belangrijkste bestemming van Israëlisch kapitaal. In 2024 stroomde er bijna 45 miljard euro van Israëlische wapenfabrikanten, techbedrijven en andere investeerders door Nederland – bijna vier keer zoveel als naar de nummer twee, de VS.
is economieredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft over de financiële sector.
Dit blijkt uit een rapport van de Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen (Somo). Met 44,9 miljard euro is de Israëlische geldstroom via Nederland ruim twee keer zo groot als die van China, en grofweg even groot als de Russische kapitaalstroom naar Nederland vlak voor de Oekraïne-oorlog, tonen cijfers van De Nederlandsche Bank. Andersom vloeide er in 2024 27,3 miljard euro van Nederland naar Israël; alleen vanuit de VS ging er meer geld naar het land.
Twee van de Israëlische bedrijven in Nederland zijn wapenfabrikanten Elbit en Rafael, blijkens Kamer van Koophandel-gegevens. Zij boekten vorig jaar mede dankzij de Gaza-oorlog recordomzetten van respectievelijk 7- en 5,5 miljard euro.
Beide bedrijven hebben hun Europese holdings in Nederland, verleid door de fiscale en juridische voordelen waarmee Nederland multinationals helpt de belasting op dividenden, rente en royalty’s te drukken. De laagbelaste winsten vloeien daarna terug naar Israël.
Elbit, Israëls een-na-waardevolste bedrijf, levert het leeuwendeel van Israëls gevechtsdrones. Met die drones doodde de Israëlische luchtmacht bijvoorbeeld op 12 april 2024 een tien dagen oude Palestijnse baby, en op 29 november twee Gazaanse broers van 9 en 10 jaar die brandhout sprokkelden voor hun invalide vader, rapporteerde een door de VN-Mensenrechtenraad in het leven geroepen commissie onlangs.
Het staatsbedrijf Rafael valt onder het gezag van Israëls minister van Financiën Bezalel Smotrich, die door de Nederlandse regering tot persona non grata is verklaard wegens het oproepen tot de etnische zuivering van Gaza. Wapenfabrikant Rafael zetelt in Nederland met een nul werknemers tellende brievenbusfirma.
Buitenlandse bedrijven gebruiken dergelijke brievenbusfirma’s, papieren bedrijfjes zonder werknemers, om mondiaal zo min mogelijk belasting te betalen. Het IMF noemt dit buitenlandse geld ook wel ‘spookinvesteringen’, omdat er dikwijls geen echte economische activiteit mee gemoeid is, buiten belastingontwijking.
Somo doet een appel op het kabinet om te stoppen met het helpen ‘bekostigen van de genocide’ in Gaza. Temeer omdat het Internationaal Gerechtshof in Den Haag staten heeft opgeroepen om zich ‘te onthouden van economische betrekkingen met Israël die de onrechtmatige aanwezigheid van het land’ in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever kunnen versterken.
Nederland lijdt aan een dubbele moraal, meent Somo: waar Rusland zware sancties kreeg, faciliteert de overheid Israëlische bedrijven juist met fiscale constructies. De Palestijnse schrijver Tawfiq Al- Ghussein schrijft in een reactie op het Somo-rapport dat Nederland met zijn fiscale en juridische hand-en-spandiensten aan Israëlische wapenfabrikanten ‘een schakel vormt tussen bezetting, genocide en de Europese economie’.
Historicus Peter Malcontent, een in het Israëlisch-Palestijnse conflict gespecialiseerde docent-onderzoeker aan de Universiteit Utrecht, heeft begrip voor Somo’s oproep. ‘Onze regering straalt voortdurend uit dat Nederland de internationale rechtsorde hoog in het vaandel draagt, en pal staat voor de mensenrechten. Dan is het moreel laakbaar om via allerlei fiscale constructies Israëlische wapenfabrikanten te bevoordelen, wetende dat die wapens in elk geval deels worden gebruikt in Gaza of op de Westelijke Jordaanoever.’
Het ministerie van Buitenlandse Zaken gaat in een reactie niet specifiek in op Somo’s bevindingen over de kapitaalinvesteringen van Israëlische wapenfabrikanten via Nederland. Wel zegt het ministerie zich ‘ernstig zorgen’ te maken over de situatie in de Gazastrook en de Westelijke Jordaanoever.
‘Het kabinet zet zich in om door een combinatie van druk op en dialoog met Israël de situatie in de Gazastrook en de Westelijke Jordaanoever te verbeteren en Israël tot gedragsverandering te bewegen. Handelspolitieke en economische maatregelen maken deel uit van deze inzet.’
Zo werkt het kabinet aan een verbod op de handel in goederen uit onrechtmatige Israëlische nederzettingen. Ook zegt de regering zich in EU-verband hard te blijven maken voor maatregelen tegen Israël. Bijvoorbeeld in de vorm van een eventuele gedeeltelijke opschorting van het Associatieakkoord tussen Israël en de EU, omdat Israël de mensenrechtenclausule uit het akkoord schendt, zoals de Europese Commissie in september vaststelde.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant